Even voor half twee betraden 23 Nederlandse inlineskaters de asfaltweg van 500 meter. Daaronder vielen de negentien rijders die de baanwedstrijden gereden hadden plus Sofia Schilder, Ronald en Joël Haasjes – woensdagavond ingevlogen voor deel 2 van het EK – én assistent-coach Ruurd Dijkstra, die zich als gangmaker opwierp voor de junioren.

Het was even zoeken voor de skeeleraars. Wat zijn de beste wielen om op het nieuw geasfalteerde parcours zoveel mogelijk grip te hebben en tegelijkertijd optimaal te kunnen rollen? Er werd gewisseld, gevoeld en overlegd. Voor de wedstrijden zullen ze hun nieuwe setjes uit de kast halen om meer grip te hebben.

Speciale aandacht was er bij de verkenning voor de bochten. Vlak na de finish ligt een uitdagende draai, gevolgd door een scherpe bocht naar links. Voordat de Nederlandse skaters op de baan stapten, vlogen de Denen daar al uit de bocht. “Ja, het is een uitdagend rondje”, erkent Ronald Haasjes. “Je moet de bochten goed aansnijden en kunt er niet op volle vaart doorheen. Zeker tijdens zo’n training ga je op safe. Ik verwacht zware wedstrijden, omdat je steeds afremt voor de bochten en vervolgens weer moet versnellen.”

EK Inlineskaten
Ronalds jongere broer Christian moest alle zeilen bijzetten om niet het gras in te vliegen. | Foto: Lotte Bolhuis

De 29-jarige Staphorster sloeg de baanraces over en kwam woensdagavond, net na de relayfinales, aan in Cardano al Campo. “Ik moet nog even wennen aan de warmte, maar het is fijn om hier te zijn. Ik heb wel met FOMO (Fear of Missing Out, red.) naar de livestream gekeken. Het niveau is indrukwekkend, als je ziet hoe sterk Bart Swings is. Maar we gaan ons best doen om daarbij in de buurt te komen.”

Lianne van Loon, met al zilver en brons op zak, was zoekende tijdens haar eerste meters op de weg. Ze probeerde verschillende wielen uit op het gladde asfalt. “Ik moest tijdens het inrijden even wennen, maar uiteindelijk vielen de bochten me alles mee. Je moet je snelheid erop aanpassen en weten wat de limieten zijn. Daarnaast hebben we het kort over de tactiek gehad; hoe we dit rondje in ons voordeel kunnen gebruiken. Ik heb zin in het tweede deel.”

Ook Lataesha Narain staat te trappelen. Vrijdag staat haar belangrijkste onderdeel, de 100 meter, op het programma. Tijdens de training maakte ze verschillende proefstartjes om te wennen aan de ondergrond. Conclusie? “Het asfalt is heel glad. Vooral bij de eerste pas merkte ik dat het glijden is. Ik doe daarom zachtere wielen onder mijn skeelers, zodat ik meer grip heb.”

Lataesha Narain EK Inlineskaten
Onder toeziend oog van bondscoach Berga-Belloni (achtergrond) oefent Narain haar start. | Foto: Lotte Bolhuis

Belangrijk detail: de weg loopt iets af. Durft Narain, die in het verleden al 10,8 heeft gereden, te dromen van een Nederlands record? Dat staat nu nog op naam van Marit van Beijnum. Zij zette in 2019 10,541 op de klokken, eveneens op een aflopende weg. “Geen idee of dat haalbaar is. Dit parcours is niet op mijn lijf geschreven. Omdat ik meer ren dan rol en bovendien vrij licht ben, zou ik juist profijt hebben van een oplopend parcours. Nu moet ik me aanpassen door sneller te rollen. Maar Valentina (bondscoach Valentina Berga-Belloni, red.) vond het er goed uitzien.”

Vrijdagochtend start ze net als Glenn Nijenhuis met de voorrondes op de 100 meter. Ronald, Christian en Joël Haasjes rijden de afvalkoers, net als Lianne van Loon, Amber van der Meijden en Sofia Schilder. Voor de junioren staat naast de 100 meter ook de puntenkoers op het programma.

Joël Haasjes EK Inlineskaten
Joël Haasjes' eerste meters in Cardano al Campo. | Foto: Lotte Bolhuis