Na het behalen van zijn havodiploma was Vos een beetje schoolmoe. Hij besloot een tussenjaar te nemen en zich volledig op het inlineskaten te storten. De droom was om naar het skeelergekke Colombia te gaan, maar zijn ouders stonden (logischerwijs) niet te springen dat hun zeventienjarige zoon een tijdje aan de andere kant van de wereld zou verblijven. Daarom week hij met zijn vriend Dave van der Born uit naar het Duitse Geisingen, om zich vijf maanden te settelen in het skeelerwalhalla van Europa. Kay Schipper, werkzaam bij de indoorskeelerbaan, en Teun Schouten, die verkast is naar onze oosterburen voor de sport, hielpen de twee ambitieuze mannen op weg.

Want het was flink aanpoten in het begin. De twee junioren van SVO Oudewater waren gewend aan vier à vijf trainingen in de week, in Duitsland werkten ze het dubbele aantal af. Voor het eerst waagden ze zich aan krachttraining, waren ze verantwoordelijk voor hun eigen huishouden en was er extra aandacht voor hun voeding. “De eerste maand was ons huis een puinhoop”, geeft Vos lachend toe. “Na het opruimen is het gelukkig nooit meer zo erg geweest.”

Gretig namen de jongens alle indrukken in zich op. Ze keken hun ogen uit toen ze aan mochten sluiten bij de Duitse selectie, waar ze met liefst negentig man op de baan stonden. Of als ze tegelijkertijd trainden met olympisch kampioen Metodej Jilek uit Tsjechië of wereldkampioen marathon Anand Kumar uit India. Vos observeerde ze, maar een praatje durfde hij niet te maken. “Bizar als je ineens tussen die gasten traint, dat geeft zo’n boost.”

Roan Vos en Dave van de Born
Met Van de Born (r) keek Vos zijn ogen uit. | Foto: Magnus Norman Jeppesen

Vos verslikte zich wel in zijn enthousiasme. Na anderhalve maand kreeg hij een griepje, dat hij verwaarloosde omdat hij graag wilde aansluiten bij een van de Duitse trainingskampen. “Na afloop was ik helemaal kapot. Daar heb ik twee maanden last van gehad. Maar ik wilde het kamp niet overslaan, omdat ik het supervet vond om met die Duitsers te trainen. In Geisingen telde elke dag voor mij, bij een rustdag had ik het idee dat ik achteruit zou gaan. Ik heb er veel van geleerd, bijvoorbeeld dat je beter wordt van rust nemen…”

Omdat Vos lange tijd niet fit was, twijfelde hij of zijn maanden in Geisingen wel hun vruchten zouden afwerpen. Pas bij de eerste wedstrijd in Heerenveen kreeg hij de bevestiging. Daarna ging het hard met Vos, mede door zijn stap naar SPR, het sprintteam uit Rotterdam met onder anderen Nederlands kampioenen senioren Teun de Wit en Junior de Blois.

Roan Vos
De vorm groeide, het vertrouwen volgde iets later. | Foto: Neeke Smit

Toch was er niet gelijk het vertrouwen dat Vos op het NK Baan eind mei de titels aaneen zou rijgen. “Ik onderschat mezelf snel”, geeft de Woerdenaar toe. Een peptalk van De Blois en diens moeder moest eraan te pas komen, op de ochtend van de 200 meter. “In ons huisje zeiden ze tegen mij: ‘Als je er zelf niet in gelooft dat je het kan, ga je het niet halen.’ Vanaf dat moment heb ik mezelf continu toegesproken: jij gaat het pakken, jij kan dit. En het lukte.”

Niet één of twee keer, maar zelfs driemaal haalde Vos uit. Bij de junioren A won hij de Nederlandse titels op de 200, 500 en 1000 meter. Voor bondscoach Valentina Berga-Belloni reden genoeg hem te selecteren voor het EK. Op de vraag wat hij denkt te kunnen laten zien tussen de Europese top, antwoordt hij met een bekentenis. “Ik heb geen idee. Zelf dacht ik altijd dat ik beter was op de lange afstanden. Internationaal eindigde ik daarop hoger, terwijl ik de sprint erbij deed. Mijn kracht is wel dat ik heel hard kan starten. In Nederland pak ik makkelijk de kop en op het EK hoop ik dat ook te doen. Ik ga er niet vanuit dat ik win, maar wil vooral veel ervaring opdoen.”

Roan Vos NK Baan
Hè? Nederlands kampioen??? | Foto: Neeke Smit

Het wordt hoe dan ook een leerzame ervaring in Cardano al Campo. “Ik vind het heel gaaf dat het in Italië is, want daar ben ik nog nooit geweest.” Wel een minpuntje: door een val en een gebroken hand op het NK heeft zijn vriend Van der Born zich niet gekwalificeerd. “Ik had gehoopt dat hij zich ook had kunnen laten zien, want we zitten op hetzelfde niveau. Maar zijn tijd komt nog wel.”

Terwijl de eerste race op het EK nog niet gereden is, denkt Vos alweer na over komende winter. “We willen een maandje naar Colombia. Dan ben ik achttien, dus mijn ouders hebben er niks meer over te zeggen. En in januari en februari waarschijnlijk weer naar Geisingen.”

Maar eerst wacht zijn debuut op het EK.

Roan Vos
De eerste zenuwen voelt Vos, maar hij heeft er ook ontzettend veel zin in. | Foto: Neeke Smit