Sven Kramer gaf voorafgaand aan het WK Allround aan dat het wat hem betreft een saai toernooi mocht worden. Even konden de schaatsfans hopen dat Denis Yuskov het de Fries nog moeilijk zou maken, maar nadat de Rus afhaakte, was het wel zeker dat Kramers wens in vervulling zou gaan.

Vervelend voor de neutrale kijker, maar het blijft knap dat de inmiddels achtvoudig winnaar van het WK eigenlijk nooit in de problemen komt tijdens een allroundtoernooi. Er zit wel eens een mindere race tussen, maar echt door het ijs zakken doet Kramer nooit. En ook vallen - zoals Bart Swings in Berlijn weer eens deed - lijkt niet in het woordenboek van de LottoNL-Jumborijder voor te komen.

Schaatsers zeggen altijd dat ze vier goede races moeten rijden op een toernooi, maar in het geval van Kramer is niets minder waar. Die vervangt vlak voor een WK doodleuk zijn buizen en weet ondanks de spierpijn na de eerste wedstrijddag al dat nog twee redelijke races voldoende zijn voor de zege.

Voor de buitenwacht misschien saai - helemaal nadat de uiteindelijke nummer drie Jan Blokhuijsen ziek werd - maar voor Kramer is dat geen probleem. “Het gevoel is voor mij altijd hetzelfde als ik bij grote toernooien door de tunnel richting het ijs loop”, zei hij na afloop.

En het zou zomaar kunnen dat er nog een paar saaie WK’s aan zitten te komen. Kramer is namelijk niet van plan om de teller op acht wereltitels allround te laten steken. Of ook Sverre Lunde Pedersens wens uit zal komen, is dan ook zeer de vraag.

Bij het WK allround van 2015 was Nana Takagi de beste Japanse. Ze werd negende en mocht de afsluitende 5000 meter dus niet rijden. De woorden van de Nederlandse bondscoach in Aziatische dienst, Johan de Wit, voorafgaand aan het toernooi waren dan ook opzienbarend.

De trainer verlangde van Misaki Oshigiri, Miho Takagi en Ayaka Kikuchi dat zij samen het podium zouden vormen op de 500 meter, zich alle drie voor de slotafstand zouden plaatsen en eigenlijk moest een medaille ook niet uitgesloten worden.

Dat De Wit een goed beeld heeft van wat zijn rijdsters in huis hebben, bleek toen opdracht één met verve uit werd gevoerd en ook het tweede doel geen al te groot probleem vormde. Dat eremetaal niet haalbaar bleek, was hooguit een klein smetje.

In Nederland kennen we ‘de jongens van Jan de Witt’. Een eeuwenoude uitdrukking die staat voor ferme, flinke jongens. Als Oshigiri, Takagi en Kikuchi zich in dit tempo doorontwikkelen, mag niet uitgesloten worden dat ‘de meiden van Johan de Wit’ eveneens uitgroeien tot een begrip.

Met het WK Junioren in hetzelfde Changchun voor de deur, heeft de World Cup Finale voor Marcel Bosker misschien vooral als voorbereidingswedstrijd gevoeld. Toch leverde het weekend in China de in Zwitserland opgegroeide rijder het nodige succes op.

Dat Bosker het klassement op de drie kilometer op zijn naam zou schrijven, was na zijn drie zeges bij de eerdere World Cups al min of meer zeker. De eindzege op de 1500 meter kwam echter als een aangename verrassing.

Een afstandszege zat er niet in voor Bosker, die met Chris Huizinga en Marwin Talsma wel het zilver pakte op de team pursuit. Dat neemt niet weg dat hij klaar lijkt om in de voetsporen van onder meer Sven Kramer, Jan Blokhuijsen en Koen Verweij te treden bij toernooi waar het er echt om gaat.

Denis Yuskov kondigde daags voor het WK Allround al aan de tien kilometer niet te zullen rijden en zich dus eigenlijk al gewonnen te geven voordat het toernooi begonnen was. De langste afstand zou de Rus in Berlijn niet eens halen. Sterker nog: de tweede afstand was al teveel gevraagd.

Blessures aan de knie en de lies maakten het volgens Yuskov niet verantwoord om aan de vijf kilometer te beginnen. Dat terwijl hij even daarvoor de 500 meter nog op overtuigende wijze op zijn naam had geschreven.

Natuurlijk kunnen we van buitenaf niet beoordelen hoeveel pijn zijn blessures Yuskov bezorgen, maar als hij tijdens de voorbereiding voor zichzelf al had bepaald dat hij het toernooi niet uit zal rijden, is het dan niet zo netjes om je op dat moment al terug te trekken? Patrick Roest, die hem in dat geval zou vervangen, was in ieder geval wel voluit gegaan.

Volgens Yuskov was het bij de beslissing om op te geven de keuze geweest tussen afmelden of in het ziekenhuis belanden. Mooie woorden, maar als de wereldkampioen op de 1500 meter komend weekeinde aan de start staat bij de World Cup Finale in Heerenveen, kunnen we die in ieder geval met een flinke korrel zout nemen.

De 3.59,43 die Ireen Wüst bij het WK Allround op het bord zette op de 3000 meter was al imposant, maar de eeuwige rivale van de Brabantse, Martina Sablikova, deed het even later nog eens dunnetjes over. De Tsjechische won in een baanrecord van 3.58,11 en nam daarmee een voorschot op de wereldtitel.

Die wereldtitel kwam er ook. De vierde in totaal voor Sablikova, waardoor ze wat dat betreft op gelijke hoogte komt met onder meer Atje Keulen-Deelstra en nog maar een titel minder op haar naam heeft staan dan vijfvoudig wereldkampioene Wüst.

En dat terwijl de voorbereiding van Sablikova alles behalve soepel verliep. Na twee weken fietstraining in Italië kampte ze bij terugkeer op het ijs ineens met pijn in haar bovenbeenspier. Even was ze zelfs bang dat haar deelname in gevaar zou komen, maar dat bleek gelukkig niet het geval.

Met de vorm van Sablikova was echter niets mis, want de 28-jarige liet, net als eerder bij het EK, zien op dit moment simpelweg de beste allroundster van de wereld te zijn. Als een ‘echte winnaar’ als Wüst halverwege het toernooi toe moet geven dat zilver het hoogst haalbare is, is die conclusie wel gerechtvaardigd. Daar doet Tsjechische bescheidenheid niets aan af.

Toch gaf Ireen Wüst zich inderdaad niet zomaar gewonnen. In een rechtstreeks duel op de 1500 meter versloeg de Brabantse Martina Sablikova. Dat leverde haar niet alleen het baanrecord op, maar ook de eerste plaats in het klassement na drie afstanden.

Helaas voor Wüst gaat een allroundtoernooi over vier afstanden en is de 5000 meter die nog op het programma stond zo’n beetje de specialiteit van Sablikova. Het gat van minder dan twee seconden bleek dan ook ruimschoots overbrugbaar voor de Tsjechische.

Wüst besefte gelukkig maar al te goed dat tweede op dit WK, en vooral de manier waarop, een wereldprestatie is. Na een mislukt voorseizoen zo presteren, is een compliment waard voor de 29-jarige die vooral complimenteus was richting Sablikova. “Die is nog nooit zo in vorm geweest.

Berlijn was afgelopen weekeinde dan wel de schaatshoofdstad van de wereld, toch werden de ijzers ook ondergebonden in Den Haag. Onder meer Niki Wories toog naar de Hofstad voor het ONK kunstrijden, dat onderdeel was van de Kunstrijweek.

De negentienjarige rijdster is verreweg de beste van Nederland en maakte die status ook helemaal waar. Toch had ook Wories stiekem last van ‘trilhanden en trilbenen’, al was daar op het beeld van fotograaf Neeke Smit weinig van te merken.

Foto: Neeke Smit

Biatlon is internationaal gezien een grote sport, maar waarom bestaat de schaatsvariant biskatelon dan nog niet? Dat vroegen schaatser Bram Smallenbroek en filmmaker Marco Lubbers zich ook af, getuige de nieuwste aflevering van Es Lebe der Sport.

Poster