Als ik rond kwart voor tien het zuidoostelijkste puntje van het land bereikt heb, zit de eerste training van de dag er al op. Om half acht is de ploeg begonnen aan een loop- en sprongtraining. Jillert Anema, al jarenlang coach van Team Albert Heijn Zaanlander, zit met collega's Lammert Schoonhoven en Bertjan van der Veen een bakje koffie te doen in de bungalow. Na Anema's ongezouten mening over het voetbal – ‘ik snap niet waarom er al feest van tevoren gevierd wordt met oranje straten, dat hoort pas achteraf, al zal er weinig te vieren zijn voor Nederland’ – zet de ploeg koers naar een weggetje heuvelop.

Daar mogen de rijders drie keer drie sprintjes trekken. De coaches staan rustig langs de kant te observeren. Geen wilde aanmoedigingen voor de rijders om zich het snot voor de ogen te werken, alleen af en toe een aanwijzing over het ritme of de aanrijdsnelheid. “De rijders gaan maximaal en zijn na afloop misselijk, die fietsen niet harder als ik sta te schreeuwen”, klinkt de uitleg van Anema.

Friso van Vliet

Friso van Vliet, 17 jaar

De sprintjes op de fiets vallen nieuwkomer Van Vliet zwaar, want zijn broodje pindakaas heeft hij net kunnen binnenhouden. “Die eerste serie krijg je nog gratis, maar die tweede en derde zijn zwaar. Het is wennen aan de nieuwe trainingsvormen. We doen meer snelheidswerk, zoals sprintjes op de fiets, dan ik gewend was. Het gaat steeds een beetje beter, ook met skeeleren. Af en toe word ik er nog wel afgepierd”, aldus de boerenzoon uit Flevoland, die naast de B-divisie bij de marathon mikt op het WK voor junioren. Als enige nieuweling bij de mannen mist hij nog enkele inside jokes, maar de jongen ‘met hetzelfde kapsel als Jorrit’ vindt al langzaam zijn weg.

Na een uurtje wordt weer koers gezet naar de huisjes voor de lunch – uiteraard met Zaanlander-kaas. Allerlei verhalen passeren de revue, over de Sanex-tijd en TVM, Anema zit op de praatstoel. Ook het openingsweekend van dit seizoen komt voorbij, waarin Anema met veel plezier allerlei raadsels had bedacht voor zijn rijders. Hoe ze erachter moesten komen dat de eerste stop bij Marijke Groenewoud was (‘want zij heeft lekkere koffie en een grote tuin’) tot de vijfdemachtswortel van 59049 (de snelheidsduivels op het ijs hadden een half uur nodig om hier een oplossing voor te vinden).

Sofia Schilder wipt even langs, om te praten over het EK Inlineskaten. Haar skeelerhart wil wat graag meedoen aan het toernooi in Italië, maar Anema benadrukt dat het niet de beste route is naar de winter. “Ik heb het ideale schema proberen te schrijven, alles wat we daarvan afwijken is dus niet optimaal. Maar ik laat de keus aan jou, want je moet ook gelukkig zijn”, is het bijna vaderlijke advies van Anema. Schilder hoort de woorden aan die ze verwacht, maar niet gehoopt had, en keert terug om na te denken. “En als je het nog een keer wil bespreken Sofia, kan dat altijd”, wordt haar meegegeven.

Ondertussen heerst er rust in de huisjes van de rijders. De meeste mannen zijn aan het ‘ouwehoeren’ op de bank, de vrouwen liggen op bed. Als ze doorhebben dat er bezoek is (Kevin van der Horst was zo vrij om via de tussendeur de voordeur te openen van het vrouwenhuis), komen ze naar beneden. Terwijl ze Hay Day spelen, een app waarmee je je eigen boerderij kan runnen, en elkaar vragen om graan, is er tijd om te praten met de nieuwelingen.

Jade Groenewoud

Jade Groenewoud, 22 jaar

Als meervoudig wereldkampioen junioren waren de verwachtingen de afgelopen jaren hooggespannen voor Groenewoud. Ze kon ze niet gelijk waarmaken, maar afgelopen seizoen reed ze onder de vlag van Gewest Fryslân eindelijk weer persoonlijke records. “Ik heb Jillert en Arjan (Samplonius, red.) gevraagd of ik op gesprek mocht komen. In het begin was ik nog wat terughoudend, omdat het een heel ander trainingsprogramma is met veel skeeleren. Anderzijds was dit een mooie uitdaging en wilde ik niet voor de veilige weg kiezen. Dit is immers de beste plek voor een allroundvrouw.” En hoe waren de eerste skeelertrainingen? “Zwaar, ik word nog wel vaak gelost, maar het geeft voldoening als ik aan kan blijven haken.” Inmiddels is het enthousiasme zo groot geworden, dat Jade meedoet aan het Open Nederlands Kampioenschap in Hallum.

Want zeker bij de vrouwen is de hele ploeg op de schop gegaan. Elisa Dul vertrok naar X2O Badkamers, Maaike Verweij zette een punt achter haar carrière en Merel Conijn sloot zich aan bij Team Novus. Daarvoor in de plaats kwamen Kim Talsma, Naomi Verkerk, Jade Groenewoud en Naomi Kammeraat. Bij de mannen namen rockbroers Tjerk en Hylke de Boer afscheid, schoven Kevin van der Horst en Chris de Velde door naar de A-divisie en voegde de talentvolle Friso van Vliet zich bij de groep.

Omdat Bente Kerkhoff nog niet verlost is van de hernia die haar al tijdens de Spelen parten speelde, zijn alleen Marijke Groenewoud en Schilder van de ‘oude garde’ in Limburg present. De andere vrouwen moeten allemaal hun weg nog vinden bij de ploeg en in Limburg, al lijken ze met hun nuchtere en vrolijke karakters prima te passen in het gezelschap.

Naomi Verkerk
Verkerk lijkt als sprinter een vreemde eend in de bijt, maar Anema heeft al bewezen sprinters titels te kunnen laten winnen. | Foto: Neeke Smit

“Er zit een goede spirit in de groep”, vindt ook Anema. “Die meiden gaan ervoor. Een paar gaat vast goed rijden, dat kan niet missen. We zijn blij met de Naomi’s, want onze wens was om ook weer mee te doen op de kortere afstanden. In het verleden heb ik al succesvol samengewerkt met Gerard van Velde en Heather Richardson-Bergsma. Nu krijgen we het stempel dat we voor de langere afstanden zijn, terwijl ik het idee heb dat we ook sprinters kunnen helpen.” Door een bredere basis gelooft Anema dat Verkerk straks zelfs op de 1500 meter stappen gaat maken. Met twee Naomi’s en twee Groenewouds in de ploeg heeft hij ook de formule gevonden voor de ideale schaatser: “We zijn nu op zoek naar een Naomi Groenewoud”.

Naomi Kammeraat

Naomi Kammeraat, 18 jaar

Langzaam raakt Kammeraat gewend aan het schaatsen bij een topteam. “Omdat er veel nieuwe rijders zijn, nemen ze de tijd om alles uit te leggen. Ik vind het gaaf om bij het team te horen en in deze kleren te mogen rijden.” Op het eerste oog lijkt Naomi Kammeraat te mikken op de middellange afstanden, maar haar ambities reiken verder. “Ik train allround, want ik wil graag goed rijden op het WK Junioren. En niet veel mensen zullen het van mij verwachten, maar ik ga ook marathons schaatsen bij de beloften. Dat is een goede trainingsprikkel.”

Marijke Groenewoud is met haar 27 jaar nu de oudste van het vrouwengezelschap. “Gisteren vertelde Naomi Kammeraat dat ze Arjan Stroetinga niet kende, alleen zijn zoon. Nou, ik heb nog met Arjan in het team gezeten, dan merk ik dat ik oud word…” Samen met Elisa Dul kwam ze bij de ploeg op haar achttiende, nu moet ze het zonder haar vriendin rooien. “Natuurlijk mis ik haar, we deelden ook altijd een kamer, maar uiteindelijk moet je het zelf doen en zijn de trainingen niet veranderd. We hebben nu een leuke ploeg, de vibe is goed en alle neuzen staan dezelfde kant op.”

Na het raadplegen van verschillende buienapps, wordt rond half drie het park verlaten voor de derde training van de dag. Dan wordt duidelijk waarom gekozen is voor het verste stukje Nederland. Terwijl de rijders in tijdrittempo de Camerig beklimmen, vormen zich donkere wolken boven de Limburgse heuvel. Anema en Schoonhoven denken hetzelfde: uitwijken naar de Vaalserberg, zodat alle rijders ‘met tachtig kilometer per uur kunnen afdalen en binnen vijf minuten terug in hun huisje zijn’ als noodweer uitbreekt.

Sofia Schilder
Sofia wilde graag nog een keer de Camerig op om onder de 11 minuten te duiken, maar de achtergrond zei genoeg... | Foto: Neeke Smit

Routiniers als Sjoerd den Hertog en Marijke Groenewoud hebben genoeg aan de routebeschrijving van Anema, Naomi Kammeraat krijgt privé-begeleiding, zodat ze de ‘tweede rechts’ niet kan missen. Op z’n Jillerts legt hij aan zijn 17-jarige rijder uit dat ze best iets harder de heuvel af mag zoeven. Hij scheurt met de bus voorbij, drukt de claxon in en wacht vervolgens na de bocht. De methode blijkt effectief, want Kammeraat durft het vervolgens aan om iets harder af te dalen. Hoewel ze vast even moet wennen aan haar nieuwe coach, lijkt ze er niet van te schrikken.

Terwijl zij voor de eerste maal op weg is naar het Drielandenpunt, blijft Anema hopen dat het droog blijft. "Ik durf te geloven dat vrouwe Fortuna altijd op schoot gaat zitten bij mannen die hard werken en plezier hebben, daar is een woord voor: mazzel" oftewel: geluk dwing je af. "Ja, dat is waarschijnlijk de simpele term voor wat ik net met zoveel woorden zeg." Ofwel de theorie van Anema klopt niet of hij voldoet niet aan de eisen, maar al snel klinkt gedonder in de verte. Met de bus wachten we boven, terwijl Schoonhoven alle rijders onderweg terugstuurt naar de huisjes. Al snel breken de wolken open en begint het te storten. Als bij terugkomst in het huisje Schoonhoven nog ontbreekt, is Anema er niet helemaal gerust op. Zijn alle schaatsers veilig binnen? Al snel volgt de bevestiging en kan Anema onder het genot van een kopje koffie – met melk en een zoetje – weer rustig plaatsnemen, alvast mijmeren over de volgende training.

Jillert Anema
'Trots als iedereen weer veilig en droog is teruggekeerd' | Foto: Neeke Smit