Als Iza Stekelenburg maandagmiddag haar telefoon oppakt, heeft de arts-onderzoeker al een drukke dag erop zitten. Ze moest al vroeg op de OK staan. "Ik ben nog een beetje krokant van gisteren. Het herstel moet nu maar gebeuren op mijn bureaustoel."

Dat ‘krokante’ lijf heeft ze overgehouden aan de gravelwedstrijd die ze zondag met haar team reed. Omdat de vrouwen van Team Turner, via sponsor Peer Racefietsen gravelbikes hadden gekregen, besloten ze zich in te schrijven voor Marly Grav Race, een koers over 150 kilometer en verschillende heuvels in Zuid-Limburg. “De afstand was niet het probleem, we hebben allemaal al meerdere keren 200 kilometer gefietst. Het was de hardheid van de koers. Vanaf de start zaten we al in het donkergrijs. We hebben bijna 2000 hoogtemeters gehad met een zwaar parcours: veel stenen, losliggend puin en modder.”

Iza Stekelenburg
Aan het ontbijt lag het niet... | Foto: Team Turner

“We zijn altijd op zoek naar manieren om onze grenzen te verleggen”, vervolgt Stekelenburg, die haar eerste koers op twee wielen afwerkte. Het vijftal vrouwen, met naast Stekelenburg ook Eline Cox, Manon Gremmen, Judith Krabbenborg en Iris Mulder, vindt het belangrijk dat het de carrière in de medische wereld kan combineren met sporten, voor een betere weerbaarheid en vitaliteit. Die missie geven de vijf vorm door het schaatsen van marathons en deze keer met een uitstapje naar het gravelen. "Onze coach Bouke Gerritsma, die helaas ontbrak door een gebroken knie, is er een groot voorstander van dat we buiten onze comfortzone trainen. Het was heel gaaf om te doen, maar ook taai. Met z’n allen hebben we flink afgezien.”

De vrouwen benaderden de koers als een Alternatieve Elfstedentocht op de Weissensee. “De duur en de afstand waren vergelijkbaar, maar ook de slechte omstandigheden.” Net als in Oostenrijk werd de avond ervoor alle voeding klaargemaakt. “We gingen uit van 120 gram koolhydraten per uur. Daarvan hadden we 80 gram in een bidon gedaan en de rest aten we op. Achteraf waren we blij dat we zo’n groot deel konden drinken, want het was heel moeilijk om te eten tijdens de koers doordat je continu een rammelend stuur hebt.”

Iris Mulder
Iris Mulder (l) heeft de 'carbs' binnen handbereik. | Foto: Sportograf

Ook ploegenspel kwam eraan te pas in de Limburgse heuvels. “Dat begon al vanaf de start, waar we helemaal achterin begonnen. Gelukkig kon Judith ons in een treintje van vijf helemaal naar voren rijden, wat ze in het schaatspeloton ook altijd goed kan. Zo beklommen we de Cauberg bij de eerste tien.”

Stekelenburg blikt terug op een mooi staaltje teamwerk, al kwam ze ook zichzelf veelvuldig tegen onderweg. “Na gelost te zijn uit het peloton heb ik lange tijd alleen gereden. Steeds moet je jezelf weer oppeppen en je doel voor ogen houden. Ik heb een aantal keer willen stoppen. Waar doe je het eigenlijk voor? Dit is niet eens mijn sport, dacht ik dan. Maar toch wil je door.”

Eline Cox
Helaas speelde kramp Cox parten. Des te groter de blijdschap bij het passeren van de finish. | Foto: Sportograf

Cox begon sterk, maar door kramp finishte ze uiteindelijk in zes uur en vier minuten. Wel een persoonlijk hoogtepunt: ze nam tijdens de koers tegelijkertijd met Wout van Aert een van de vele bochten. Krabbenborg (materiaalpech, 5:51), Stekelenburg (5:43) en Gremmen (5:29) bleven onder de zes uur. De snelste van Team Turner was de nieuweling, Mulder. Door de 150 kilometer af te werken in 5 uur en 21 minuten kwalificeerde ze zich als nummer zeven voor het EK Gravel. Dat kampioenschap heeft plaats op 30 augustus in België. Het team plakt er gelijk een trainingskamp aan vast, zodat het Mulder kan aanmoedigen als ze in Nederlands tenue strijdt.

Iris Mulder matcht op alle fronten

Na de winter vertrok Janet Beers naar Kozijnenbestellen.com. Omdat de medici te maken hebben met onregelmatige diensten, zochten ze naar een waardige vervanger, die ze uiteindelijk in Iris Mulder vonden. “Ze zal de gaten opvullen als iemand moet werken en ons hopelijk bijstaan bij de races op natuurijs, de Vierdaagse en de doorstroomwedstrijden. Omdat ze uiteindelijk de ambitie heeft weer op het hoogste niveau mee te rijden, is dit een mooie opstap. Bovendien is ze verpleegkundige, waardoor ze mooi in de ploeg past. En omdat ze in De Vlist woont, kan ze elke week meetrainen met ons in Utrecht.”