Opmerkelijk genoeg zou je die ingreep bij de professionele mountainbiker van het Oostenrijkse KTM Factory Team bijna toeschrijven aan... haar verrassende zege op de Weissensee. Een week voordat ze in januari van dit jaar als rijder-zonder-ploeg naar de overwinning schaatste (een goede training voor de mountainbike), zakte ze door het ijs en daarbij schoot haar schouder uit de kom. Tauber (31) was bekend met het euvel, maar de laatste keer dat het haar was overkomen lag alweer even achter haar. “Ik had er een jaar lang geen last meer van gehad toen dit gebeurde", vertelt ze vanuit het Italiaanse Collalbo.
"Daarom dacht ik dat een operatie niet meer nodig was. Na de Weissensee gebeurde het tijdens de fietstraining opnieuw een paar keer. Het lukte me steeds de schouder terug te duwen. Alleen, dat was geen goed nieuws, want het betekende dat alles rond het gewricht veel te los is om het stabiel te houden. De enige mogelijkheid om het op te lossen zou een operatie zijn.”
In oktober, direct na de laatste mountainbikerace om de wereldbeker (Lake Placid 2-4 oktober), gaat ze onder het mes in Ede. Dat is twee weken voor de start van de Marathon Cup op kunstijs, logischerwijs veel te vroeg voor haar. Ze waakt zelf direct voor te veel optimisme. Het staat vrijwel vast dat Tauber voor de jaarwisseling niet in actie kan komen op de schaats. “Hoeveel tijd het herstel vraagt, is met geen mogelijkheid te zeggen. Het bot in de schouder moet eerst weer aan elkaar groeien voordat het veilig is om te gaan sporten. Als dat is gelukt, wil dat ook niet zeggen dat je direct weer alles kunt.
“Heel veel bewegingen zijn na zo'n ingreep niet te maken qua coördinatie. Je moet eerst leren het schoudergewricht opnieuw aan te sturen. Geen arts kan een voorspelling doen. Als je heel goed trainbaar bent, kan het zijn dat je na een maand weer behoorlijk kunt bewegen. Maar het kan net zo goed dat je langer nodig hebt voor een aantal bewegingen. Dan kun je bijvoorbeeld een val nog niet opvangen. Schaatsen is in dat geval geen optie, want als je valt, kun je niets doen. Er zijn mensen die vier tot zes maanden nodig hebben voordat ze daartoe weer in staat zijn. Sporters kunnen het in twee tot drie maanden doen.”
Bij Okay-Interfarms weten ze hoe de vork in de steel zit. “Een andere planning was niet mogelijk voor me. Mountainbike is mijn hoofdsport. Toch ben ik blij met de kans die ik krijg me weer bij een marathonploeg aan te sluiten. Na de overwinning op de Weissensee was er best belangstelling van teams. Iedereen wist echter ook dat ik vanwege het fietsen normaliter veel in het buitenland ben. Ik kende Bart (de Vries, de trainer van Okay, red.) al en raakte toch in gesprek. Zo ging het balletje rollen. Hij stond er heel open in.
“Omdat ik in Nederland word geopereerd en naderhand fysiotherapie zal nodig hebben, zal ik straks veel meer in Nederland zijn. Mocht ik erna snel opknappen, dan kan ik misschien meetrainen en hopelijk tegen het einde van de winter nog op de baan kunnen rijden. Die kans wilde Bart me geven, en ik ben er blij mee. Ik rijd net zo lief als eenling, maar als ik toch in Nederland ben is het wel zo leuk bij een team aan te sluiten en weer de affiniteit met een peloton te krijgen. Ik doe mijn best. Het is mijn doel om nog iets te kunnen doen, zodat ik wat voor het team kan betekenen. Misschien bezoek ik de wedstrijden als ik aan het revalideren ben, gewoon om erbij te zijn, mijn ervaring te delen, of tips te geven.”
Tauber combineerde in het verleden mountainbike jarenlang met het marathonschaatsen. Tussen oktober 2014 en maart 2022 reed ze voor vier verschillende formaties. De liefde voor natuurijs etaleerde ze al in 2018 door de Alternatieve Elfstedentocht te winnen. Een jaar eerder werd ze tweede en die klassering zou ze in 2020 eveneens behalen op het Open NK. Wat verder opvalt bij een blik op haar fietsprestaties is dat ze beter presteerde op de fiets na min of meer complete winters te hebben geschaatst.
“Het lijkt inderdaad dat deze sporten elkaar versterken. Daar ben ik in de loop der jaren ook achtergekomen. Het is een zoektocht geweest, maar ik heb gemerkt dat wanneer ik wat schaats – en dat hoeft niet elk weekend te zijn – het absoluut een verbetering is voor het mountainbiken”, aldus de geboren Haarlemse, die nog verbaasd is over de enorme surprise van 27 januari 2026, zonder er specifiek voor te hebben getraind. Ze kwam, zag en overwon iedereen op de Spielplatz der Natur.
“Ik weet dat ik goed kan rijden op natuurijs. Op een afstand van tweehonderd kilometer moet je wel weten waar andere rijders toe in staat zijn, dus moet je kunnen inschatten wat tegenstanders kunnen in een kopgroep. En je moet het peloton een beetje snappen. Ik begrijp het spelletje hoor, maar doordat ik een langere periode geen wedstrijden reed was ik het peloton wat uit het oog verloren. De wedstrijddagen voor de Alternatieve heb ik gebruikt om goed om me heen te kijken, zodat ik wist wie, wie was en wat men ongeveer kon.
"Het was al een verrassing dat ik vlug leerde de krachtsverhoudingen in te schatten en de juiste momenten eruit pikte om er omheen te rijden of te reageren op acties. Wat ik zelf qua snelheid zou kunnen, was een volstrekt raadsel. Uiteindelijk won ik de koers op duurvermogen. En hardheid. En daarbij: mijn techniek is goed, ik val nooit. En dat is een voordeel want vallen kost heel veel energie.”
En levert ongemak op, als een schouder uit de kom schiet.