Begin februari 2026 nam de topsporter in Bram Steenaart al een beetje afscheid van dat bestaan. Hij zei de huur op van zijn huis in Heerenveen waar hij ooit kwam te wonen, nadat hij voor de Nationale Trainingsselectie (NTS) was gekozen en fulltime ging shorttracken. Op dat moment wist Steenaart, toen nog 25 jaar, dat de wens om de Winterspelen te halen onvervulbaar zou blijven. “Verleden jaar, in de lente, had ik besloten nog een keer alles op alles te zetten, omdat het een olympisch seizoen betrof. Was dat niet het geval geweest, dan zou ik toen wellicht de keuze hebben gemaakt te stoppen. Zo nu en dan merkte ik dat ik er niet altijd meer 100 procent voor kon geven. Maar ja, de kans dat ik ooit nog dichter bij de Spelen zou komen, was niet groot”, vertelt hij. “Daarom wilde ik het proberen.”

Steenaart vergat al die jaren niet ook te denken aan het bestaan buiten de sport. Een maatschappelijke carrière opbouwen bleef een belangrijke pijler. Logisch dat hij blij en trots is op het feit dat hij dit studiejaar zijn bachelor rechten heeft behaald. Intussen staat hij ingeschreven voor een vervolgopleiding. “Met alleen een bachelor kun je geen grote stappen maken. Ik heb geen ervaring op dat vlak, omdat ik nooit stage heb kunnen lopen vanwege de sport. Weet je, het is nu tijd voor andere zaken. Ik heb zeven prachtige jaren beleefd, de vetste dingen meegemaakt, ook al heb ik niet de grootste prijzen gewonnen.

“Bovendien heb ik veel geleerd over mezelf en mijn lichaam. Dat er meer wordt gevraagd dan alleen veerkracht. Dat ik kan genieten van alle kleinere dingen, en me niet puur heb gefixeerd op het halen van dat WK of daar heel goed willen zijn. Bijvoorbeeld door op een doodgewone training me plotseling te realiseren dat ik zo lang in een van de mooiste topsportprogramma’s heb gezeten, in een superleuk team waarmee ik ook nog eens de hele wereld ben over gereisd.”

Shorttrack bracht hem in Rusland. Canada, Italië, Shanghai, en nog tal van landen. In Nederland, op De Uithof, begon de reeks van uitslagen, op 29 november 2009. Pupil Bram werd tiende op de 500 meter van de Sebia Sports Cup. Lachend: “Nou, daar weet ik echt niets meer van.” Ruim zestien jaar later, op 3 januari 2026, kwam er een einde aan. Op het NK in Leeuwarden viste hij zowaar nog een medaille op: brons op de sprint. “Nota bene de 500 meter”, klinkt het grinnikend. “Ik was heel onbevangen het kampioenschap ingegaan, aangezien het duidelijk was dat de kansen op de Spelen klein waren. Het werd een kwestie van nog een keer lekker racen, want het kon goed mijn laatste wedstrijd op topniveau worden. Ik reed heel ontspannen. Had ik misschien wat vaker moeten doen in m’n loopbaan. Zo werd het een leuke, laatste wedstrijdweekend, want ik eindigde ook nog als vierde op de 1500 meter.”

Bram Steenaart op de Winter Universiade
Ook een hoogtepunt in zijn carrière: deelname aan de Winter Universiade. | Foto: Eigen foto
De zilveren relayploeg van het WK Junioren 2019
Zilver om niet snel te vergeten: Bram behoorde tot de relayploeg die op het WK voor junioren in Montréal in de prijzen viel. | Foto: Eigen foto
Bram Steenaart
Bram Steenaart: rekken en strekken tijdens het voorjaarskamp in Bormio, 2024. | Foto: KNSB - Shapevisions
Bram Steenaart in Bormio, voorjaar 2025
Veel rondjes zijn gedraaid in Bormio. | Foto: KNSB - Shapevisions

Even terugschakelen naar 2013-2014, de jaargang waarin je vier keer op een rij het algemeen klassement won van een KNSB Cup.
Bram: “Ik denk dat ik dat seizoen voor het eerst mijn eigen ijzers kreeg met een kromming erin, wat eerder niet het geval was. Vroeger werd er bij de club weleens gezegd: ‘Als je nog niet zo sterk bent is dat niet zo goed voor je lichaam, dus dan kun je er beter even mee wachten.”

In 2017, 2018 en 2019 behoorde je tot de ploeg die meedeed aan het WK Junioren.
“Best veel, hè. De mooiste herinnering is de zilveren medaille die ik met de relayploeg pakte in Montréal (2019, red.). Jens en Melle van ’t Wout en Sven Roes waren de andere jongens.

“In 2017 kwam ik in aanmerking voor de Europese Jeugd Olympische Winterspelen (EYOF). Mijn coach Wilma Boomstra stelde echter voor dat ik de selectiewedstrijd voor het WK Junioren zou rijden, omdat een wereldkampioenschap meer betekenis had. Mocht ik dat niet halen, dan kon ik aan de EYOF meedoen. Ik won echter de WK-trials en mocht naar Innsbruck als junior B2, ik denk dat ik zestien was. Innsbruck is de snelste ijsbaan waar ik ooit ben geweest. En ik heb ook op hoogte in Salt Lake City en Calgary gereden. Je had zoveel grip op het ijs, niet normaal. Er zijn in Oostenrijk veel junioren-wereldrecords verbroken. Jammer dat er nooit meer toernooien zijn gehouden.”

Van de Winter Universiade van 2019 in Krasyonarsk is vast ook iets blijven hangen.
“Zeker. Ik kan niet zeggen dat het een mooie plek was, maar de openingsceremonie werd al bijzonder, want Vladimir Poetin hield een speech. Wat ik me verder herinner is dat het ongelooflijk streng was. Voordat we met de bus van het atletendorp naar het stadion gingen, stuurden de Russen speurhonden naar binnen om te checken of we geen rare dingen bij ons hadden. ’n Heel vette ervaring.”

Later in 2019, het volgende seizoen, kwamen de eerste World Cups. In totaal heb je in vier plaatsen wereldbekers gereden.
“In 2019 was ik junior-af en werd ik gevraagd voor de NTS. Diezelfde winter deed ik al mee aan de wereldbeker in Salt Lake City en wat later in Shanghai. In 2022, 2024 en 2025 volgden Montréal en Gdansk. Ik zou niet zeggen dat er eentje echt uitspringt als leukste of waarin ik heel goed presteerde. Ik vond het sowieso altijd vet om mee te mogen en tegen de beste rijders van de wereld te kunnen schaatsen. Afgelopen winter vond ik het heel gaaf dat ik, in een olympisch jaar, in Gdansk de A-finale reed op de mannenrelay."

Op de Winterspelen als reserve, in het gezelschap van IOC-president Thomas Bach (lichtblauw jack) en Jan Dijkema, oud-voorzitter van de ISU (m). | Foto: International Skating Union

Op je bescheiden erelijst staat ook de eindzege in de Alta Valtellina Trophy, gewonnen in 2022.
“Ja, maar die prijs zou ik niet noemen als iemand me vraagt of ik in mijn loopbaan ook nog wat heb gewonnen. Ik denk dat ik eerder de winst op de 1000 meter tijdens het NK in 2022 zal aanhalen, en de zilveren medaille van de relay op het WK voor junioren. Trouwens, ik heb verder nog een bronzen plak van het WK Junioren in Tomaszow Mazowiecki in 2018, ook van de relay. Moet erbij zeggen dat het er een is met een zure bijsmaak, omdat ik was gevallen in de finale. En het is dat Korea een penalty kreeg, waardoor we alsnog opschoven naar het podium.”

Tot slot: je hebt ook een bijzondere ontmoeting met de baas van de Spelen, Thomas Bach, en een mooi horloge overgehouden aan de Winterspelen van Beijing.
“Ik draag ’m nooit, maar weet wel precies waar die ligt. Het is dubbel, die herinnering aan de Winterspelen. Het was supervet om zo’n groot evenement mee te maken. Alleen, ik had liever als atleet meegedaan dan als reserve in Beijing te zijn. Ik kan trots zijn - al klinkt dat wat gek - dat ik het zover heb geschopt; in hetzelfde jaar lag ik er nog uit wegens een enkelbreuk. Desondanks mocht ik mee naar China. Daar heb ik bij een shorttrackdag een paar uur naast IOC-president Thomas Bach gezeten op de tribune. Wie kan dat zeggen?”

Kortom, je kijkt met veel voldoening terug.
“Zeker.”

Bram Steenaart NK 1000 meter 2022
Zijn mooiste prijs: goud op de 1000 meter tijdens het NK 2022. | Foto: Soenar Chamid
Jens van 't Wout - Bram Steenaart - Dylan Hoogerwerf
Het podium van de 1000 meter, met de trotse winnaar Bram in het midden. Links Jens van 't Wout, rechts Dylan Hoogerwerf. | Foto: Soenar Chamid