De weergoden waren Heerde vrijdagmiddag gunstig gezind. De voorspelde regen en onweer wachtten tot alle deelnemers het Gelderse dorp uit waren. Al was de hitte ook geen pretje voor de rijders. Met dertig graden op de thermometer begaven de inliners zich voornamelijk in de schaduw. ‘Een koude douche en koude pastasalade’, was het geheim van Kai-Arne Ottenhoff.
Hoewel Lianne van Loon al in de hitte van China, Zuid-Amerika en Zuid-Europa heeft gereden, viel het Hollandse weer haar toch zwaar. “Door mijn ervaringen in het buitenland wist ik dat ik voor de race mijn pak nat moest maken en een handdoek in mijn nek moest leggen. Alle dingen die ik daar toepas, had ik nu voor het eerst ook in Nederland nodig.”
Toch leek het haar onderweg weinig te deren. Na het winnen van haar zevende titel op de 500 meter was ze vrijdagmiddag ook de beste op de puntenkoers. Ze wist dat alle vrouwen haar het vuile werk zouden laten opknappen, maar eenlingen als Sofia Schilder, Amber van der Meijden en Nikki Noordergraaf konden geen vuist maken. Daardoor ging Van Loon onbedreigd op haar 27ste nationale titel af. Zaterdag komen daar nummer 28 en 29 niet bij op de 1000 meter en relay, want de Goudse vertrekt naar Rennes, waar zondag een marathon verreden wordt. Hoewel ze graag het NK had afgemaakt, wil ze op de marathon in Frankrijk haar zege van vorig jaar verdedigen.
Ottenhoff komt zaterdag nog wel in actie op de kilometer, al zal het een moeilijke opgave worden daar opnieuw mee te doen om het goud. Maar zijn driedaagse zal na de titel op de puntenkoers, waar hij met lef reed en de teams van OKAY Interfarms en De Haan Westerhoff aftroefde, niet meer stuk kunnen. “In mijn eerste seniorenjaar een titel, dat is heel mooi. Daar droomde ik van als kleine jongen. Ik wilde zo’n rood-wit-blauw truitje al heel lang hebben.”
Maar ook het groen-zwart droeg Ottenhoff met trots, de outfit van zijn nieuwe ploeg Reggeborgh. Dit voorjaar maakte hij de overstap naar de langebaanformatie, vorige week was hij nog met het team op Mallorca. “Ik heb het heel erg naar mijn zin en ben goed ontvangen door mijn ploeggenoten. Al zijn de trainingen wel pittig. Mijn lichaam is gewend aan het skeeleren en shorttracken en moet zich nog aanpassen aan het schema.”
In dat opzicht legt Ottenhoff een vergelijkbare weg af als zijn ploeggenoot Jenning de Boo, die in zijn juniorentijd ook geshorttrackt heeft. “Gelukkig kan ik bij Jenning terecht met mijn vragen. Zijn eerste advies is dat ik altijd goed moet afstemmen met de coaches. In het verleden heb ik het iets te veel zelf willen doen. En als Jenning ziet dat ik iets te gek doe op een training, zegt hij dat ik me iets rustiger moet houden, zodat ik later weer fit ben. Natuurlijk wil ik me laten zien tijdens deze trainingskampen, maar ik wil me pas echt in de winter bewijzen.”
Eerst volgen nog vier weken in Nederland, een kamp in Inzell, een korte vakantie, nog meer trainingskampen en zomerijs. In de opsomming van Ottenhoff ontbreekt het EK Inlineskaten. “Mocht ik geselecteerd worden, zou ik niet weten hoe ik dat moet combineren met zomerijs. Inlinen vind ik nog steeds heel leuk, maar ik wil deze kans bij Reggeborgh graag met twee handen aanpakken en het niet half doen. Met dit schema ga ik het toch niet redden tussen de senioren op het EK en zoek ik alleen maar gevaar op voor mezelf.”
Van Loon heeft juist van het Europees kampioenschap en hopelijk het WK haar hoofddoelen van het jaar gemaakt. Daar hoopt ze mee te dingen naar eremetaal. Door het beste voorjaar uit haar carrière, mede door de marathonzege in Shanghai, weet ze dat ze niet onder hoeft te doen voor haar concurrenten uit Frankrijk en Italië. “Maar titeltoernooien zijn anders door de landenteams. Natuurlijk heb ik landgenoten om me heen, maar het is lastig op te boksen tegen drie Fransen die goed samenwerken en twee rappe Italianen. Zij vormen sterke blokken, daarin zijn we als Nederland iets zwakker. Al betekent dat niet dat ik geen mogelijkheden zie. Op de vijf kilometer puntenkoers kan bijvoorbeeld veel gebeuren, hopelijk ook op een EK…”