Tijdens de presentatie van Team Essent op het hoofdkantoor in Den Bosch hangen vijf grote banners aan de muur. Op de meest linkse staat Meike Veen (22) prominent afgebeeld als boegbeeld van het opleidingsteam. Chloé Hoogendoorn (22) schittert op de achtergrond bij Joep Wennemars, die het Pro team vertegenwoordigt.
De twee kennen elkaar al lang en zijn vriendinnen. Ze schaatsten samen bij TalentNED en beginnen aan hun derde seizoen bij de ploeg van Jac Orie. “Dat is eigenlijk best bijzonder, maar het is heel erg leuk”, vertelt Hoogendoorn.
Na een intensieve training drinken ze vaak samen koffie en is er tijd om even bij te kletsen. Hun vriendschap zorgt ervoor dat ze weten wat ze aan elkaar hebben en eerlijk tegen elkaar kunnen zijn. “Dat is fijn”, zegt Veen. “Als iemand bijvoorbeeld net een mindere dag heeft of wat minder scherp is, kan de ander zeggen: ‘Denk daar even aan.’”
Leren van elkaar
Op het ijs vullen de twee elkaar goed aan. Veen heeft veel aan de explosieve snelheid van Hoogendoorn, vooral op de eerste vijftig meter van een rit. "Ik ben zelf niet zo van het hoge ritme. Mijn rondetijden zijn goed, alleen mijn opening niet. Ik weet dat ik tijdens de training scherp achter Chloé moet zitten en geen steekje mag laten vallen, want dan ontstaat er meteen een gat. Dat kwartje wil nog niet altijd vallen, dus ik heb veel aan haar.”
Andersom kan Hoogendoorn juist leren van de manier waarop Veen haar rondes rijdt. “Hoewel ik afgelopen jaar een supergoede 1500 meter reed, heb ik nog weleens moeite met mijn laatste ronde”, vertelt ze. Op het OKT reed ze een persoonlijk record van 1.54,35, goed voor een vijfde plek. Tijdens het EK Afstanden won ze brons op die afstand. “Ik merk dat ik dan echt een 1000-meterrijder ben. Daar kan ik nog veel van Meike leren. Ook tijdens het fietsen heb ik veel aan haar. Zelf heb ik daar namelijk een hekel aan”, zegt ze lachend.
Steeds dichterbij
Met die aandachtspunten op zak gaan beide schaatsers met een goed gevoel het nieuwe seizoen tegemoet. De zomer is goed verlopen en hun hoofddoel voor de langere termijn is helder: de Olympische Winterspelen van 2030 in eigen land. “Voor mij is dat hét doel. Afgelopen jaar zat ik er superdicht bij (met een vierde plek op de 1000 meter, red.). Het scheelde heel weinig. Dan denk je achteraf: wat als ik iets anders had gedaan? Maar dat is achteraf. Ik probeer verder te kijken. Ik maak progressie en het zit eraan te komen. Ik wil op de Spelen staan, al laat dat nog even op zich wachten”, vertelt Hoogendoorn.
Ook Veen merkt dat de stap naar de top steeds kleiner wordt. "Voor mij was het de eerste keer dat ik het OKT mocht rijden. Dan krijg je echt een kijkje in hoe zo’n toernooi eraan toegaat, en zie je ook dat je steeds dichterbij komt. Afgelopen seizoen mocht ik als reserve mee naar de World Cup. Daardoor weet je dat het erin zit als je progressie blijft boeken. Je moet alleen geduld hebben en het per seizoen bekijken.”
Internationaal niveau
Om die volgende stap te zetten, wil Hoogendoorn de lijn van vorig seizoen doortrekken en deze winter meer ervaring opdoen in het internationale veld. “Het EK Afstanden rijden was supervet, maar je hoopt natuurlijk op meer van zulke wedstrijden. Je wilt vaker op reis, daaraan wennen en weten hoe het is. Je zit eigenlijk steeds te wachten op het moment waarop je een keer mee mag. Hopelijk gebeurt het dit seizoen.”
Veen knikt instemmend. Ook voor haar zou het mooi zijn als internationale wedstrijden steeds meer onderdeel worden van haar schaatsleven. Voorlopig kijkt ze tijdens zulke ervaringen nog geregeld haar ogen uit. “Zo’n reis kost veel energie, maar uiteindelijk moet het routine worden: je koffer inpakken, reizen en vervolgens presteren. Hoe vaker je dat doet, hoe normaler het wordt.”
WCKT
Voordat de vriendinnen om podiumplaatsen kunnen strijden, staat eerst het WCKT op het programma. Daar ligt voorlopig hun volledige focus. Veen weet dat ze tijdens zo’n toernooi geen invloed heeft op de prestaties van haar concurrenten. “Je moet zelf je eigen ding doen, niks laten liggen en alle punten waarop je hebt gelet in de praktijk brengen. Daarna is het afwachten.” Daarnaast wil de Groningse zichzelf blijven verbeteren en constanter worden.
Hoogendoorn heeft vergelijkbare doelen. Ze wil de lijn van afgelopen seizoen doortrekken, stabiel blijven rijden en zich plaatsen voor de World Cups. “En ik wil eigenlijk ook weer op het podium staan bij het NK Sprint met een losse afstand of het eindklassement.”