In ‘zijn drukste rustperiode ooit’ merkte Jens van ’t Wout dat hij als drievoudig olympisch kampioen anders door het leven gaat. Aan aandacht geen gebrek. “Het is heel gek dat mensen nu anders naar je kijken. Omdat ik vier stukken metaal thuis heb liggen en titels op mijn Wikipedia-pagina heb staan, word ik naar Barcelona gevlogen om naar de MotoGP te kijken. Heel stom. Eerder keek ik ook altijd met ontzag naar olympisch kampioenen, maar waarom doen we dat eigenlijk?”
Hij vervolgt: “Ik heb een motorsponsor overgehouden aan mijn successen, dat vind ik heel mooi. Maar verder doet het me weinig. Ik ging naar de Spelen toe met de hoop goud te halen op de mixed relay en misschien een medaille op een andere afstand. Als dat niet helemaal gelukt was, kon ik misschien ook wel tevreden zijn geweest. Ik denk dat het zo onrealistisch is wat er gebeurd is, dat ik het nog steeds niet helemaal bevat. Soms denk ik: holy shit, ik ben olympisch kampioen. Ik moet er ook niet te lang bij stilstaan, want het is alweer bijna tijd om te racen.”
Nee, een lange rustperiode was aan Jens van ’t Wout niet besteed. Hij ging op vakantie, crosste anderhalve week met zijn motor door Nederland (3000 kilometer op de teller!) en vond het daarna tijd om terug te keren naar het topsportleven. “Motorrijden was heel leuk. Oordopjes in, zodat je alleen het geluid van je motor hoort. Maar omdat ik verder weinig hobby’s heb, kwam ik daarna in een gat terecht. Wat moest ik doen? Ik was blij dat ik het ritme van de trainingen weer op kon pakken, zelfs het fietsen was bijna leuk.”
Dat laatste kwam mede door zijn nieuwe voedingspatroon. Hoewel hij de beste shorttracker van Milaan was, vond Van ’t Wout dat hij zijn sport ‘volwassener’ aan moest pakken. “Het klinkt vreemd, maar dit seizoen ben ik serieuzer geworden. Zo ben ik meer bezig met mijn voeding en probeer ik aan te komen. In februari woog ik 67 kilo, inmiddels 74,5 kilo. Dat is een groot verschil.”
Afgelopen winter probeerde hij dat gewicht er ook bij te krijgen, maar door ziekte verloor hij eerst vier en later nog eens drie kilo. Sinds drie maanden is Van ’t Wout aan de slag met zijn diëtist om flinke stappen te maken. “Direct na de rustperiode ben ik begonnen met bulken. Eerst dirty bulking met donuts, McDonald’s en ijs. Nu we weer volop trainen, is dat wat gezonder geworden. Bij de lunch eet ik elke dag voor vier personen rijst met twee kipfilets, veel boter en olijfolie. ’s Avonds staat er 600 gram aardappels met 300 gram gehakt op het menu. Ik ben echt aan het bulken voor het leven.”
“In het krachthonk profiteer ik daar al van, net als op de fiets. Met shorttracken hebben we nog niet genoeg werk verricht om daar ook al het resultaat te zien. Maar ik merk wel dat ik meer kracht heb op het ijs. Als ik verzuur, kan ik nog steeds blijven overstappen. En extra gewicht helpt ook bij blessurepreventie. Ik heb meer spieren rond mijn romp en heupen. Dit is een van de eerste seizoenen waarin ik nog geen enkelproblemen heb gehad, waarschijnlijk door de toename in gewicht.”
“Ik hoop het gedurende het seizoen vast te houden. Dat wordt lastig, zeker als we straks vier weken in Azië zijn voor de World Tour. Daar is het eten gewoon niet goed. Vier weken rijst: als ontbijt, lunch, avondeten en ook nog als toetje”, voegt Van ’t Wout er lachend aan toe. “Het wordt taai daar op gewicht te blijven.” Om toch iets lekkers bij zich te hebben, zullen ergenoeg pepernoten ingepakt worden voor de reis naar de andere kant van de wereld.
Overigens verwacht Van ’t Wout niet meteen topfit aan de start van de World Tour te staan. De shorttrackers van TeamNL mikken op de tweede seizoenshelft, met het WK in Korea. “De snelheid is nog niet top, maar shorttrack draait vooral om racen. Ik heb er vertrouwen in dat ik altijd mee kan. Ik zal niet snel gelost worden.”