De afgelopen jaren zijn flinke stappen gezet om ijsbanen klaar te maken voor de toekomst, benadrukken beide ijsmeesters. Bethlehem en Boomsma weten alles van ijs. De een volgde de ander in 2021 op na twintig jaar als ijsmeester van Thialf, het ijsstadion waar de komende dagen de ISU WK allround en sprint wordt verreden (5-8 maart). Dagelijks zijn ze bezig om in Heerenveen de omstandigheden te creëren waarin topsporters optimaal kunnen presteren. Dat vraagt veel energie: jaarlijks wordt er 6,5 tot 7 miljoen kilowattuur verbruikt.
Verduurzaming van Thialf
Dat is minder dan de helft van het energieverbruik in de beginjaren van Boomsma, die in 2001 als ijsmeester begon. Destijds lag het verbruik rond de 15 miljoen kilowattuur, vergelijkbaar met dat van zo’n vijfduizend huishoudens. Bij de renovatie van Thialf in 2014 werd daarom nadrukkelijk gekeken hoe de ijshal klaar kon worden gemaakt voor de lange termijn. Het energieverbruik daalde uiteindelijk met vijftig procent.
Die winst werd onder meer behaald door de aanleg van vijfduizend zonnepanelen, die ongeveer twintig procent van het verbruik opwekken, de inzet van warmtepompen, warmte-koude-opslag, een energiehub van twee megawatt en LED-verlichting. Bij veel ijsbanen zie je ook de combinatie met een zwembad en dat is geen toeval: de warmte die vrijkomt bij het koelen van het ijs kan worden gebruikt om het zwembad te verwarmen. Zo blijft energie in het systeem en wordt er slimmer met middelen omgegaan.
Essent maakt de schaatssport toekomstbestendig
IJsbanen die meegaan in de energietransitie past bij de visie van Essent, sponsor van Team Essent, de KNSB en de Sven Kramer Academy. De energieleverancier is al jaren nauw betrokken bij de schaatssport en geeft ijsbanen advies over passende verduurzamingsmaatregelen. Zo helpt Essent hen klaar te maken voor de toekomst, en de schaatssport toegankelijk te houden voor iedereen.
Dat is belangrijk, want betaalbare ijsbanen vormen de basis van de sport. Hier zetten jonge talenten hun eerste stappen op het ijs, worden dromen geboren en toekomstige kampioenen ontdekt. Door vooruit te kijken, blijft schaatsplezier behouden en kan de rijke Nederlandse schaatscultuur worden doorgegeven aan volgende generaties.
Bethlehem en Boomsma juichen die benadering toe. “We zijn ons heel bewust van het energieverbruik en willen maatschappelijk verantwoord bezig zijn. Tegenwoordig zijn de energierekeningen erg hoog. Daarom grijpen we alles aan voor verduurzaming.’’
Prestaties en efficiëntie hand in hand
Wetenschappelijk onderzoek helpt daarbij. Een promovendus doet al twee jaar onderzoek naar grip en glijweerstand van ijs, waardoor de ijsmeesters precies weten welke eigenschappen nodig zijn. “Zo creëren we de snelst mogelijke baan voor langebaanschaatsers of juist grip voor shorttrackers, die behoefte hebben aan relatief zacht ijs. Zij maken continu bochten, terwijl bijvoorbeeld langebaansprinters relatief harder ijs willen zodat de glijweerstand lager is.’’
Maar waar zit nog ruimte om het energieverbruik verder terug te dringen? Volgens Boomsma ligt die onder meer in de ijsvloer zelf. “IJs is vaak vijf tot zes centimeter dik, soms zelfs tien. Terwijl 2,5 centimeter al voldoende is. Hoe dikker het ijs, hoe meer energie nodig is om de toplaag te bereiken.”
Voor recreatief schaatsen is een iets dikkere laag wel wenselijk, vult Bethlehem aan. “Ook bij het dweilen kun je kritisch kijken. Het water hoeft misschien geen vijftig of zestig graden te zijn, maar kan ook koeler. Warm water vloeit mooier uit en vult scheurtjes sneller, maar ook hier loont het om vooruit te blijven denken.”
De toekomst van ijsbanen
Tijdens de Winterspelen werd gebruikgemaakt van een mobiele ijsbaan in een congreshal, die na afloop weer is afgebouwd. Is dat de weg vooruit? Bethlehem denkt van niet. “Het benutten van bestaande ijsbanen is op de lange termijn de meest houdbare oplossing. Dat past ook bij het beleid van het Internationaal Olympisch Comité.”
Volgens hem is het waardevol dat partijen als Essent meedenken over die toekomst. Door ijsbanen te helpen om efficiënter te werken, blijven ze toegankelijk voor breedtesport én topsport. Zo kan Nederland blijven genieten van het schaatsen én van de cultuur.
Schaatsen geeft Nederland energie
Schaatsplezier geeft energie, het laadt je op en brengt warmte. Daarom is Essent al sinds 1999 gek van schaatsen. Met de tradities van vroeger, maar de blik op vandaag. Samen met Team Essent, de Sven Kramer Academy en de KNSB maakt Essent de sport klaar voor de toekomst. Zodat schaatsplezier blijft verbinden, ijshallen energie besparen en de helden van morgen hun eerste stappen zetten op het ijs.
Dit artikel is geschreven door de commerciële afdeling van DPG Media in opdracht van Essent.