Dr. Braunsperger-Wasserfurth kwam via haar wetenschappelijke expertise terecht bij Team Essent. Aan de Technische Universiteit München doet de Duitse onderzoek naar energiebalans en, specifieker, energiebeschikbaarheid bij sporters. Ze onderzoekt wat er gebeurt wanneer atleten langere tijd minder energie binnenkrijgen dan hun lichaam nodig heeft, welke gevolgen dat kan hebben voor gezondheid en prestaties en vooral: hoe je dat kunt voorkomen.

Juist bij het schaatsen is daar winst te behalen, want er is relatief weinig onderzoek gedaan naar de energiebehoefte van die atleten en hoe die gedurende een trainingsweek of volledig seizoen verandert. “We weten dat de energiebehoefte van dag tot dag varieert, afhankelijk van wat iemand traint. Maar binnen het schaatsen is er vanuit wetenschappelijk perspectief nog veel werk te doen.”

Braunsperger-Wasserfurth wil de kloof tussen wetenschappelijk onderzoek en topsportpraktijk verkleinen. “Als onderzoeker kun je ontzettend veel studies lezen en zelf onderzoek doen, maar pas in de praktijk zie je wat daadwerkelijk wel en niet werkt. Mijn doel is wetenschap te vertalen naar toepassingen waar sporters echt iets aan hebben.”

Een belangrijke les hoeft niet ingewikkeld te zijn. Haar belangrijkste advies aan topsporters: wie meer traint, moet ook meer eten. “Dit klinkt wiedes, toch wordt dat regelmatig over het hoofd gezien.” Als de trainingsbelasting stijgt zonder voldoende extra energie-inname, kan een te lage energiebeschikbaarheid ontstaan. Daardoor blijft onvoldoende energie over voor essentiële lichaamsfuncties, zoals groei, celonderhoud, thermoregulatie en voortplanting.

De uitdaging zit volgens haar meestal niet in een gebrek aan kennis. Topsporters en coaches weten doorgaans heel goed dat voeding belangrijk is. “De moeilijkheid zit vooral in de praktische vertaling: hoe zorg je ervoor dat je optimaal eet voor het werk dat je die dag doet, zeker wanneer je veel traint en weinig tijd hebt?” Voeding kan daarom vooraf worden afgestemd op het trainingsprogramma.

Ook hydratatie maakt deel uit van het geheel. Afhankelijk van de duur en intensiteit van de training kan water voldoende zijn, terwijl in andere situaties dranken met koolhydraten en elektrolyten kunnen helpen om in de behoefte aan energie en vocht te voorzien.

Angel Daleman, SOKT 2025
Ook rondom wedstrijden speelt hydratatie een belangrijke rol. | Foto: Soenar Chamid

Het schaatsen was voor de wetenschappelijk adviseur een nieuwe wereld. Voordat ze door Team Essent werd benaderd, richtte haar onderzoek zich vooral op duursporters, met veel aandacht voor vrouwelijke atleten. Zelf heeft ze een achtergrond in CrossFit, olympisch gewichtheffen en powerlifting. Juist daardoor weet ze hoe groot de rol van lichaamsgewicht, lichaamssamenstelling en voeding binnen de sport kan zijn.

Bij Team Essent raakte de Duitse vooral gefascineerd door de veelzijdigheid van het schaatsen. “Ik vind het fascinerend hoeveel verschillende trainingsvormen schaatsers combineren.” Juist die afwisseling maakt haar werk interessant, omdat iedere training andere eisen stelt aan het lichaam. “De energiebehoefte van een schaatser is niet iedere dag hetzelfde. Een zware duurtraining vraagt om andere voeding en ander herstel dan een rustige trainingsdag. En bij twee trainingen op één dag veranderen die behoeften opnieuw.”

Braunsperger-Wasserfurth besteedt in haar onderzoek veel aandacht aan vrouwelijke sporters. Lange tijd werd het uitblijven van de menstruatie in de topsport gezien als een teken van hard trainen. “Inmiddels begrijpen we beter dat dit juist een signaal kan zijn dat er iets niet goed gaat.” Een tekort aan beschikbare energie kan een van de oorzaken zijn, hoewel ook andere factoren een rol kunnen spelen. Zo heeft het gebruik van hormonale anticonceptie invloed op de menstruatiecyclus en moet hiermee rekening worden gehouden bij het beoordelen van de gezondheid van vrouwelijke sporters.

Suzanne Schulting krachttraining
Braunsperger-Wasserfurth: 'ik vind het fascinerend hoeveel verschillende trainingsvormen schaatsers combineren.' | Foto: Robert Prins

Tegelijkertijd waarschuwt de Duitse onderzoeker voor te simpele voedingsadviezen op basis van de menstruatiecyclus. Hoewel hier steeds meer onderzoek naar wordt gedaan, is er volgens haar nog onvoldoende wetenschappelijke consensus voor algemene voedingsadviezen per cyclusfase. Daarvoor zijn de onderlinge verschillen te groot.

“Onderzoekers en mensen uit de praktijk benaderen zaken soms vanuit verschillende perspectieven. Door samen te komen en samen te werken, kunnen we sporters beter ondersteunen.” Volgens haar is die samenwerking essentieel om schaatsers zo goed mogelijk te begeleiden. Haar advies is daarom eenvoudig: “Stem wat je eet af op wat je van je lichaam vraagt en win zo nodig advies in bij een sportvoedingsdeskundige.” Ze voegt daaraan toe: “Juist omdat er nog maar weinig onderzoek is gedaan naar de specifieke energiebehoefte binnen het schaatsen, vind ik verder onderzoek binnen de schaatswereld ontzettend interessant én essentieel.”