Fietsen langs de Friese weilanden, een hoogtestage in Andorra en omvang draaien op het ijs; de afgelopen vijf maanden heeft Stijn van de Bunt ‘alle intensiteit kunnen draaien die hij wilde’. Omringd door zijn teamgenoten en coaches kon hij zich bezighouden met de meest primaire taak van een schaatser: werken aan de vorm. Na de lawine aan aandacht die hij sinds eind december heeft gekregen, genoot hij van de stilte langs de baan tijdens zijn trainingen.
Eind december stond Van de Bunts wereld op zijn kop. Zonder ook maar een World Cup te hebben gereden in zijn carrière plaatste de schaatser zich op 21-jarige leeftijd voor de Olympische Spelen. Niet voor een onderdeel, hij was uiteindelijk op vier onderdelen startgerechtigd. Iedereen dook op hem af: Wie was die rustige jongen uit Lopik? Had hij in de zomer werkelijk zijn rug gebroken? Van buiten oogt Van de Bunt altijd rustig, maar ook hem liet al die aandacht niet onberoerd.
Want na december was het niet klaar met de verhalen en meningen. Was hij de juiste man om Jorrit Bergsma te helpen op de mass start? In welke formatie moest de ploegenachtervolging rijden? Zijn olympisch debuut verliep wisselvallig: vierde met de ploegenachtervolging, vijfde op de tien kilometer, negende op de vijf en als adjudant Jorrit Bergsma geholpen naar olympisch goud.
Al met al was het een spoedcursus schaatsen op het hoogste niveau. “Het was een goede leerschool, ja”, blikt Van de Bunt terug. “Ik heb wel wat fouten gemaakt die ik liever niet had gemaakt. Zo ben ik na het OKT ziek geworden en vervolgens te snel begonnen met trainen en te vroeg naar Inzell afgereisd voor de World Cup. Daarnaast heb ik mezelf in Milaan te druk gemaakt om mijn eigen vorm omdat het niet zo lekker liep. Ik had erop moeten vertrouwen dat het naar mij toe zou komen. Er had meer ingezeten. Ja, een podiumplek zelfs, denk ik.”
Na het overweldigende OKT had hij de lat voor zichzelf te hoog gelegd. “In aanloop naar de Spelen wil je goed zijn, ook in de training. Dan valt elk klein detail op en ga je je daar druk over maken. Dat wilde ik graag direct oplossen, terwijl ik op sommige momenten te vermoeid was. Het heeft onnodig veel energie gekost.”
Ook na Milaan denderde de trein door. “Ik had een weekend vrij voor het WK Allround; omdat ik een aanwijsplek had gekregen, kon ik het NK overslaan. Maar daar had vervolgens iedereen weer een mening over. Constant kwam er veel op me af, daar was ik echt vermoeid van.”
Na het WK Allround was er eindelijk tijd om alles te laten bezinken en te kunnen genieten van de bizarre groei die hij in een jaar doormaakte en zijn olympisch avontuur. Al had de vermoeidheid in eerste instantie de overhand. “Ik heb heel veel geslapen, ook overdag. De adrenaline die ik sinds het OKT al met me meedroeg, kwam er in een keer uit.”
Zijn status heeft hij zien veranderen. Ineens wordt zijn mening gevraagd bij prangende kwesties in de sport. Hoewel hij liever op de achtergrond blijft, probeert hij te groeien in die nieuwe rol en zit hij zelfs sinds kort in de atletencommissie.
‘Kalender bizar slecht in elkaar gezet’
Van de Bunt voelt zich nog niet comfortabel genoeg om overal zijn mening te verkondigen – over de veranderende ploegenachtervolging bijvoorbeeld – maar over de nationale kalender is hij duidelijk: “Veel te druk. Als Nederland heb je door de verschillende kwalificatiewedstrijden weinig momenten om te trainen.” Vooral het NK Afstanden levert problemen op voor de schaatsers, omdat het een week voor de World Cup in de Verenigde Staten plaatsvindt. “Sommigen willen in Salt Lake proberen een wereldrecord te rijden, maar er zitten slechts vijf dagen tussen. Door de lange vlucht, jetlag en de hoogte kun je je er niet op voorbereiden. Als je er toch heen gaat, draai je je eigen nek om richting het WK. Wat mij betreft is het bizar slecht in elkaar gezet.”
Eerder legde de disciplinemanager van de KNSB, Freek van der Wart, de keuze uit: “Het was lastig om een goede datum te vinden voor het NK Afstanden. Dat brengt veel logistieke, maar ook trainingstechnische uitdagingen met zich mee. Tegelijkertijd willen we ook onze drie nationale evenementen een goede plaats in de wedstrijdkalender geven. Na uitgebreid overleg met alle betrokken partijen, waaronder de Atletenvereniging, geloven wij dat dit de beste plek is op de kalender voor de gehele schaatssport.”
Op het ijs wil Van de Bunt laten zien dat zijn tijden van vorig jaar geen toeval waren. Al blijven zijn doelen bescheiden. “Ik wil graag naar het WK, daarvoor moet ik op het NK Afstanden goed zijn. Maar het eerste doel is de World Cups halen. Dat wordt een nieuw avontuur voor mij met lange vluchten, jetlags en veel wedstrijden achter elkaar waar ik goed moet presteren, terwijl ik eerder Holland Cups in Nederland reed. Het zal een leerproces zijn dat veel energie gaat kosten. De verwachtingen zullen hoger liggen dan in eerdere jaren, ook van mezelf. Maar ik laat alles op me afkomen. Van die ervaring en druk wil ik leren. Kom maar op!”