Na een seizoen waarin alles samenkwam moest Femke Kok de juiste balans terugvinden. “Toen het seizoen klaar was, voelde ik pas hoeveel impact het allemaal had gehad,” vertelt Kok. “Ik moest echt opladen. Alles kwam eruit.”
Tijdens de laatste schaatswinter waarin ze vrijwel geen steek liet vallen, bereikte Kok meer dan ze vooraf had durven dromen. “Ik heb meer gerealiseerd dan ik had verwacht toen ik aan het seizoen begon.” Juist daarom voelde de overgang naar een nieuw seizoen anders dan anders. Voor het eerst in haar carrière stond ze niet meer op met een grote droom die nog verwezenlijkt moest worden. “Het ultieme doel dat ik als klein meisje had, heb ik afgevinkt. Dat is een soort last die van je schouders valt, maar is ook nieuw en wennen.” Het betekende niet dat de ambitie verdween; ze gaf zichzelf wel toestemming om even gas terug te nemen.
Waar Kok normaal gesproken na een korte vakantie alweer staat te popelen om de training te hervatten, gebeurde deze keer precies het tegenovergestelde. “Voor het eerst dacht ik: het boeit me even niet. Ik doe helemaal niks. Mentaal kon ik me er niet toe zetten en fysiek evenmin.” Haar coaches herkenden dat gevoel en gaven haar bewust de ruimte om volledig tot rust te komen. “Dat was heel fijn. Als je meteen weer doorgaat, laad je jezelf nooit echt op. Mijn lichaam had een reset nodig.”
Ze begon iets later dan gebruikelijk aan de voorbereiding. De eerste trainingen voelden zwaar, maar daar maakte ze zich nauwelijks zorgen over. “Ik heb geleerd dat ik op mijn basis kan vertrouwen. Je weet dat het terugkomt. Dat heb ik meegenomen uit de periode waarin ik ziek was,” zegt ze, doelend op het CMV-virus dat ze in het najaar van 2024 opliep. Volgens Kok was de langere herstelperiode precies wat haar lichaam en hoofd nodig hadden.
Wie Kok de afgelopen jaren volgde, zag een schaatser die zichzelf voortdurend tot het uiterste dreef. Dat is nog steeds zo, al zijn de scherpe randjes nu bewust iets afgevlakt. “Ik ben heel perfectionistisch, maar dat kun je niet ieder jaar volhouden.” De mensen om Kok heen vertelden haar dat het oké is om af en toe genoegen te nemen met een mindere trainingsdag. “Als een training nu een keer wat minder gaat, is dat ook goed en normaal. Vorig jaar was ik veel strenger voor mezelf en was dat niet in me opgekomen.” Ze merkt dat ze hierdoor veel relaxter aan het nieuwe seizoen begint.“ Vorig jaar dacht ik meteen: alles moet perfect. Nu denk ik dat nog steeds, maar het voelt minder krampachtig.”
Na de Spelen bleef de schaatswereld doordraaien met onder meer het ISU WK Sprint. Daardoor had Kok nauwelijks tijd om stil te staan bij wat ze allemaal had bereikt. Pas tijdens de rustperiode keek ze haar olympische race terug. “Ik zag dat gespannen koppie voor de start. Bij het zien van deze beelden besefte ik pas: wat is dit een bizar seizoen geweest.” Juist dit moment leerde haar dat genieten net zo belangrijk is als presteren. “Na zo’n seizoen moet je ook even stilstaan bij wat er is gebeurd, in plaats van meteen weer door te denderen naar nieuwe doelen.”
Hoewel Kok de afgelopen jaren ook op de 1000 meter flinke stappen heeft gezet en zelfs verrassend sterk debuteerde op de 1500 meter, blijft haar favoriete afstand onveranderd. “De 500 meter blijft voor mij de allermooiste afstand. Op de 1000 meter verbeter ik me eigenlijk elk jaar. En ook de 1500 meter gaat boven verwachting goed.” Dit betekent niet dat haar focus verschuift. “Ik wil niet dat die afstanden ten koste gaan van de 500 meter.”
Kok kijkt met een gezonde dosis nieuwsgierigheid naar haar concurrenten. Of Jutta Leerdam haar carrière voortzet of niet, het verandert haar eigen instelling niet.“ Voor het schaatsen hoop ik natuurlijk dat ze doorgaat. Ze is een geweldige schaatser en sportvrouw. Het zou jammer zijn als ze stopt, maar die keuze is uiteraard aan haar.” Tegelijkertijd weet Kok dat de concurrentie nooit verdwijnt. “Er zijn genoeg goede schaatsers en er komen altijd goede nieuwe schaatsers bij. Het wordt nooit saai.” Voor haar blijft de focus daarom vooral liggen op haar eigen ontwikkeling en op het beste uit zichzelf halen, ongeacht wie er naast haar aan de start verschijnt.
Voor de komende vier jaar heeft kok een lijstje, maar dat laat ze nu nog even voor wat het is. De ontspannen houding waarmee ze aan dit seizoen is begonnen, wil ze vasthouden. “Ik ga lekker door. De doelen zullen er snel zijn als ik weer aan de start sta.” Het grootste verschil zit volgens haar niet in de ambities, maar in het vertrouwen. “Dat ultieme doel heb ik bereikt. Dat geeft rust.”
Of haar volgende droom misschien olympisch goud op de 1000 meter is? Ze glimlacht. “Daar kom ik de komende jaren nog wel op terug.” Voor nu kijkt ze liever niet te ver vooruit. “Ik leef vooral in het nu.” En misschien is juist dát wel de grootste winst van een olympisch kampioen die alles al heeft bereikt: weten dat niet alleen de medailles tellen, maar ook de weg ernaartoe. “Geniet van het proces,” luidt dan ook de belangrijkste les die Femke Kok jonge sporters wil meegeven. “Uiteindelijk doe je het omdat je dit het liefst doet. Als je het plezier behoudt, volgt de rest.”