In de serie 'hoe is het met' gaan we langs bij oud-schaatsers om te kijken hoe het met ze is en wat ze tegenwoordig doen. Deze week trappen we af met Beorn Nijenhuis. "Ik ben te druk om het schaatsen te missen."

Naam: Beorn Nijenhuis
Geboortedatum: 02-04-1984
Hoogtepunten: Deelname aan de Olympische Spelen in 2006, Nederlands record op de 1000 meter (1.07,07) in 2008
Favoriete afstand: 1000 meter
Stopte met schaatsen in: 2010/2011
Burgerlijke staat: Woont met zijn vriendin in Utrecht

Beorn, hoe gaat het met je?
"Het gaat goed, maar het is wel een drukke tijd. Ik ben momenteel aan het promoveren bij de Universiteit van Groningen bij een nieuwe campus in Leeuwarden, de Campus Friesland. Daar ben ik bezig met mijn promotieonderzoek (PhD) en ik kan je vertellen dat dat heel zwaar en intens werk is. Met zo'n onderzoek probeer je iets te vinden wat rigoureus genoeg is om gepubliceerd te worden in de wetenschappelijke tijdschriften."

Wat ben je aan het onderzoeken?
"Ik probeer erachter te komen wat de medische oorzaken zijn van de zwabbervoet. Dit is een bewegingsstoornis die regelmatig voorkomt bij recreatieve én professionele schaatsers. Het is een actieve spierkramp dat zich voor kan doen op het moment dat je je schaats op het ijs zet. Ik hoop met dit onderzoek meer te weten te komen over de fysiologische oorsprong van deze aandoening, hoe en waarom het zich ontwikkelt en welke delen van het lichaam erbij betrokken zijn."

Wat is er allemaal bekend over de zwabbervoet?
"We weten er nog heel weinig over, maar wat we wel weten, is: Als je het krijgt als topsporter kan je er tijdens je carrière veel hinder van hebben. Deze spieraandoening kan plotseling en zonder eerder een waarschuwing te hebben gehad in je techniek kruipen, waardoor je de controle in je enkel verliest. Je krijgt dan een soort schok die de beweging van het schaatsen bemoeilijkt. Schaatsers zijn zich er ook niet van bewust totdat het hun techniek zo negatief gaat beïnvloeden dat ze niet meer goed en efficiënt kunnen schaatsen."

Zijn er veel mensen die deze aandoening hebben?
"Dat weten we nog niet, omdat we op zoek zijn naar meer informatie. Sommige schaatsers laten zich opereren en zijn er na de operatie niet beter van gaan schaatsen. Ik heb soms wel een vermoeden dat ze te maken hebben met de zwabbervoet, maar in de wetenschap moet je voorzichtig zijn met dingen te roepen. Ik heb momenteel zo'n dertig schaatsers die het probleem herkennen en die probeer ik samen met Jeroen van der Eb (bewegingswetenschapper en natuurkundige) via een app te laten zien wanneer hun afzet- en neerzetmoment is. Dan kunnen we zien hoe de spieractiviteit zich gedurende deze momenten bij beide benen ontwikkelt. Mensen die er meer over willen weten of het probleem herkennen, kunnen mij mailen."

Foto : Martin de Jong

Heb je al een idee wat je zou kunnen doen om deze mensen verder te helpen?
"We willen experimenten doen om beter te leren wat het is, zodat we het in de toekomst beter kunnen behandelen. Ik denk dat we het probleem kunnen verbeteren, maar of we de professionals er ook mee kunnen helpen, durf ik niet te zeggen. Vertrouw ons erop dat we druk aan het uitzoeken zijn of we een manier kunnen vinden om mensen met deze aandoening te helpen en op zijn minst een interventie kunnen doen in de vorm van een behandeling met de beste bewegingsartsen in Nederland." 

Hoe ben je op dit idee gekomen om hierover je onderzoek te doen? Heb je er zelf ooit last van gehad?
"Nee, gelukkig niet. Ik weet dat Gerard Kemkers, mijn voormalige coach bij TVM, hiermee te maken heeft gehad en zijn carrière erdoor moest beëindigen. Ik weet nog precies waar ik zat toen ik op het idee kwam. Ik zat in een koffiebar in Utrecht en was aan het nadenken over een bewegingsafwijking die al veel werd gediagnosticeerd bij muzikanten. Ik begon te herkennen dat alle symptomen van de aandoening waarover ik aan het lezen was overeen kwamen met die van Gerard Kemkers. Opeens kreeg ik het idee dat het misschien hetzelfde zou zijn. Ik belde toen onmiddellijk naar Marina de Koning-Tijssen, een vooraanstaand hoogleraar, arts en bewegingswetenschapper in Groningen, omdat zij de enige was die ik kon vinden die twee jaar geleden hetzelfde idee had gehad. Zij was er al een project over begonnen en ze had de hulp van een andere neuroloog ingeroepen. Ik ben lid geworden van dit project en we proberen nu ons eerste artikel hierover te publiceren. Ja, het onderzoek intrigeert mij enorm."

Wat doe je naast het onderzoek naar de zwabbervoet nog meer?
"Ik ben inmiddels al vijf jaar docent bij een conservatorium in Amsterdam. Ik geef les over prestatieanalyse, neurowetenschappen en muziek. Daarbij geef ik informatie over basisprincipes van hoe onze hersenen dingen leren, hoe dat zich voordoet in sport en muziek en wat de gemene delers zijn. In samenwerking met een sportpsycholoog ben ik bezig om een plan te ontwerpen om je leven als professionele muzikant op een betere manier te structureren, vergelijkbaar met die van topsporters. Er is in mijn optiek een grotere behoefte aan kennis als het gaat om oefen- en levensgedrag bij de goede, klassieke muzikanten."

Foto : Martin de Jong

Hoe kom je daar terecht?
"Door deel te worden van meerdere werelden en daar heel enthousiast over te zijn. Daarnaast heb ik door mijn verleden als topsporter en neurowetenschapper iets te bieden aan mensen die het misschien nodig hebben."

Een paar jaar geleden zat je in De Wereld Draait Door om te vertellen over een wetenschappelijk onderzoek dat je hebt gedaan over de startprocedure. Ben je daar nog steeds mee bezig?
"Ik ben te druk om er nu op een politieke manier achteraan te gaan, maar het zal oneerlijk blijven tot het veranderd is. Zodra de schaatsers stil aan de startlijn staan, heeft de starter anderhalve seconde de tijd om zijn pistoolschot te lossen. Als een schaatser langer moet wachten op het startschot, rijdt hij zijn race langzamer. Dat tijdsbestek kan zomaar het verschil zijn tussen de eerste of de vierde plek. Ik vind het niet erg als we allemaal toegeven dat de starter de macht heeft om bij de ene persoon langer te wachten dan bij de ander, maar we moeten erop vertrouwen dat de starter dit in alle eerlijkheid doet."

Vorig jaar kwam het boek 'De jongen die met dieren schaatste' uit dat gebaseerd is op jouw leven. Heb je er veel reacties op gekregen?
"Ja, heel veel en sterker nog: het boek krijgt komende winter een tweede druk. Alle schaatsers hebben hem al gekocht voor hun kinderen. Samen met een goede vriend van me heb ik dit boek geschreven en het gaat over mijn leven als jonge schaatser. Het is een mooi idealistisch, surrealistisch boek geworden met veel illustraties erin, getekend door Sanne te Loo. Ik ben er heel blij mee!"

Foto : Martin de Jong

Mis je het leven als topsporter nog weleens?
"Ik ben te druk om het te missen, heb geen tijd om na te denken over de goede, oude tijden. Als er iets is wat ik mis, is het het uitwisselen van verhalen van vroeger."

Sta je zelf nog weleens op het ijs?
"Voor mijn onderzoek naar de zwabbervoet sta ik geregeld op het ijs als testpersoon. Ik test alle apparatuur op mezelf."

Volg je het schaatsen tegenwoordig nog?
"De grote competities wel. Mijn fascinatie over het schaatsen ging echter om het schaatsen zelf en niet om het hele circus. Toen ik in het circus zat, vond ik het wel leuk, maar nu ben ik er geen fan meer van. Wat dat betreft ben ik meer een purist. Ik vind het leuk om te doen, maar niet zozeer om naar te kijken."

Mocht je meer informatie willen hebben over de zwabbervoet, stuur dan gerust een e-mail naar zwabbervoetproject@gmail.com. Beorn zal dan contact met je opnemen.

Door Rijcko Treep - Laatste update op 10 mei om 14:23