De oorsprong van het plan voor de sprintwedstrijd ligt vijfentwintig jaar terug bij het Veronica IJsgala. Ykema verscheen daar zelf aan de start voor een wedstrijd over honderd meter en hield daar mooie herinneringen aan over. “Dat was prachtig en er waren zoveel mensen aanwezig. Zo had ik dat voor ons ook in gedachten.”

Met de remake van het ijsgala wilde Ykema vooral plezier voor het publiek en een mooie afsluiter van het schaatsseizoen creëren. “Toen ik het zag, met al die lampen en al die mensen dacht ik: verrek, dit is precies het ijsgala van vroeger”, zegt hij. “Al die complimenten die je vervolgens krijgt, dat is geweldig. Het voelt een beetje alsof ik iets gewonnen heb zonder te schaatsen.”

Een maand voor de wedstrijd verreden zou worden werd het voor Ykema en medeorganisator Karsten van Zeijl nog wel een beetje spannend. Een grote groep schaatsers had zich inmiddels aangemeld voor de wedstrijd, maar de supporters leken nog niet warm te lopen. “Daar hebben we toen echt ons nek voor moeten uitsteken." 

Gelukkig wierp dat zijn vruchten af, want meer dan duizend schaatsfans verzamelden zich dinsdag langs de binnen- en buitenkant van de vierhonderd meterbaan. “Als je dan ziet hoe lekker vol het staat. Dat voelt goed, dat is vet."

Naast een spektakel van licht en muziek werd het aanwezige publiek getrakteerd op razendsnelle races met niet twee, maar drie rijders in de baan. “Als je in die positieve flow zit, gaan mensen ook nog eens heel snel rijden. De schaatsers kunnen met een goed gevoel de zomer in, en de organisator ook”, grapt hij.

Het mooiste moment van de avond vond Ykema de aankondiging van de finaleritten, waarbij de rijders stuk voor stuk langs de haag van mensen vanaf de finishlijn naar de startstreep reden. “Dat stond helemaal niet aangegeven in het draaiboek”, vertelt hij blij. “Je ziet iedereen dan genieten. En dan maakt Gilmore Junio ook nog een paar gekke poses voor het publiek. Die jongens vinden dat ook geweldig. Dat doet mij goed.”

Als het aan Ykema ligt mag ‘De Zilveren Bal’ dan ook vaste prik worden. “Het is zeker voor herhaling vatbaar. Misschien volgend jaar al, of het jaar erna. In de toekomst is het vast ook makkelijker te organiseren, want we hebben bewijsmateriaal hoe leuk het was."

Wel is het volgens Ykema zaak dat de honderd meter vaker verreden gaat worden. In de Elfstedenhal waren het namelijk overwegend buitenlandse rijders die er met de prijzen vandoor gingen. “We worden er nu afgereden door de Canadezen, die sprinten ons eruit. Misschien kunnen we daar nog wat van opsteken. Nederland schaatsland moet die honderd meter toch serieus nemen.”