Voor Wüst betekende het haar vierde medaille van het toernooi. Eerder pakte ze goud op de 3000 meter en zilver op de 1000- en 1500 meter. Sablikova werd in Sotsji al tweede op de 3 kilometer.
Wüst begon zeer sterk aan haar race waarin ze reed tegen Sablikova. De Nederlandse hield de Tsjechische lange tijd op een ruime achterstand, maar in de laatste paar ronden kon ze de tempoversnelling van haar tegenstandster niet bijbenen. Uiteindelijk won Sablikova in 6.51,54 en zette Wüst een tijd van 6.54,28 op het bord.
Wüst is dankzij haar nieuwe plak nu de Nederlandse schaatsster met de meeste olympische medailles op haar naam. Naast de vier podiumplaatsen van Sotsji, stond ze ook in Turijn (goud op 3000 meter en brons op 1500 meter) en Vancouver (goud op 1500 meter) op het ereschavot. Rintje Ritsma en Sven Kramer pakten in totaal zes keer olympisch eremetaal.
Ook het brons was voor een Nederlandse rijdster. Carien Kleibeuker was dankzij een zeer vlakke rit in 6.55,66 nipt te snel voor Olga Graf. De Russische, die het brons pakte op de 3000 meter, viel dankzij haar 6.55,77 net naast het podium.
De derde en laatste Nederlandse rijdster kwam niet in de buurt van het podium. Yvonne Nauta werd zesde in 7.01,76. Daarmee moest ze Claudia Pechstein, drievoudig olympisch kampioen op de 5000 meter, voor laten gaan. De Duitse werd in 6.58,39 vijfde.
Stephanie Beckert, die in Vancouver nog met het zilver aan de haal ging op de 5000 meter, stelde net als zo vaak dit seizoen teleur. De Duitse kwam met haar 7.07,79 niet verder dan de achtste plaats.
Wüst en Kleibeuker zorgden er met hun medailles voor dat Nederland vooralsnog op 22 plakken staat bij deze Spelen. De equipe veroverde in totaal zes keer goud, zeven keer zilver en negen keer brons.
Met die score staat Oranje op de vijfde plaats in de medaillespiegel achter Noorwegen, Duitsland, de Verenigde Staten en gastland Rusland. Qua totaal aantal plakken deelt Nederland de eerste plaats met de Russen.