Daarmee zette de Essent-formatie de goede lijn van de laatste weken voort. Na overwinningen van Harm Visser en Jordy Harink op de Weissensee en een cupzege van Visser in Alkmaar. Dat terwijl het intern de laatste weken spookte. Peter de Vries en Diane Valkenburg, sinds de oprichting van de marathontak het vaste duo bij het toenmalige Jumbo-Visma, werd de deur gewezen. Visser, die een hechte band met De Vries heeft, verlengde juist zijn contract.
Bij die turbulente week wilde Woelders na zijn overwinning niet lang stilstaan. “We hebben het erover gehad in de ploeg en het is goed als dat voor nu bij ons blijft”, zei hij kort. “We moeten door, gewoon weer kijken naar de volgende wedstrijd.” Liever blikte hij nog even terug op zijn zege van een paar minuten eerder, nog maar de tweede uit de carrière van de 24-jarige Gramsberger.
Die eerste kwam eind vorig seizoen tot stand. In de kleuren van Sprog won hij toen de allerlaatste wedstrijd van die ploeg. “Die was heel speciaal, natuurlijk omdat het de eerste was. Maar deze is ook heel speciaal. Zo vaak rij ik niet finales, dan is het bijzonder dat je mag winnen.” Die woorden werden gevolgd door nog meer termen van verwondering: “Echt heel vet, bizar. Goh, ik ben echt verbaasd.”
De reden daarvoor? Die gaf Woelders zelf. “Het ging zo slecht aan het begin van het jaar. Toen dacht ik echt niet dat ik om de overwinning kon strijden. Op het gegeven moment hebben we een paar dingen veranderd in de training en ging het een stuk beter lopen. Bij Harm was dat al eerder het geval, zoals je aan de uitslagen kon zien. Bij mij gebeurde het op de Weissensee. Tijdens het ONK en de Alternatieve merkte ik dat ik goed was, ook al had ik me volledig weggecijferd voor de ploeg en voor Jordy.”
“Ik zei: jullie zijn de beste op natuurijs, jullie moeten finale rijden en als dat ten koste van mij gaat is het niet erg. Als ik het dan op een ander moment terug kan krijgen of zelf mijn moment kan pakken, is dat goed. Dat het nu al zou zijn, de eerste wedstrijd na de Weissensee, is bizar. Jammer dat Harm er niet is om het mee te vieren.”
Op het podium werd Woelders geflankeerd door Ronald Haasjes en Hylke de Boer. Jordy van Workum werd niet beloond voor zijn harde werken. De 25-jarige rijder van Reggeborgh reed een dijk van een wedstrijd, zat in talloze kopgroepen en wist van geen ophouden. In de zevenkoppige kopgroep was hij op papier misschien ook wel de snelste man, ware het niet dat hij zich vergiste in het rondebord. Hij dacht dat de koers nog een ronde langer duurde en zag op het laatste rechte stuk de drie latere podiumklanten passeren.
Botman als hobbyist naar derde plaats
Eerder op de avond bij de beloften ging de zege voor de vijfde maal dit seizoen naar Chris de Velde. De leider in zowel het algemene als het jongerenklassement liep daarmee verder uit op zijn naaste achtervolgers Joël Haasjes en Jochem Posthumus. Vooral die eerste zal na de wedstrijd in Utrecht balen, aangezien hij al vroeg in de wedstrijd de slag miste. Een grote groep van dertien rijders wist zich los te maken uit het peloton, met daarbij de grootste ploegen en sterkste mannen vertegenwoordigd.
Al gauw bleek dat dit de groep was die uit zou maken wie er met de dagzege aan de haal zou gaan, al vielen onderweg wel nog de nodige mannen af. Door de zware omstandigheden en de harde koers zouden uiteindelijk slechts vijf mannen de ronde voorsprong voltooien. Naast De Velde en Posthumus waren dat Bram Kras, Arn Botman en Joël Bom.
Nadat de vijf al voor halfweg koers rond waren gegaan, hield Kevin van der Horst voor De Velde het peloton bijeen. Bom verhoogde de snelheid op twee ronden te gaan, maar De Velde wist met gemak de sprint te winnen, voor Kras en Botman. Voor Botman was het een bijzondere ereplaats, aangezien hij voor aanvang van vorig seizoen vader werd en zijn trainingsarbeid naar beneden schroefde. Intussen is de tweede al op komst.
“Door mijn gezin heb ik dit jaar een andere focus”, vertelt Botman. Tot zijn eigen verbazing lukte het om in de kopgroep te belanden. “Al was het wel met mijn handen op mijn knieën. Dan vind ik het beste mijn ontspanning. Natuurlijk heb ik wat te bewijzen ten opzichte van het thuisfront. Anne (Leltz, zelf oud-marathonschaatsster, red) is dertig weken zwanger. Zij doet het zware werk en ik ben hier maar een uurtje aan het sporten.”
Waar Botman na zijn podiumplaats door zijn vrienden en oud-teammaten van Wokke Vastgoed weer verleid wordt voor een terugkeer, is het voor zijn huidige ploeggenoot Tom den Heijer zijn laatste seizoen. “We doen het hobbymatig en trainen door te fietsen naar het werk en een of twee keer in de week te schaatsen”, vertelt hij, al merkt hij ook dat het werkende leven misschien nog wel vermoeiender is dan fulltime sporten.
Voor Botman gaat die vlieger niet helemaal op. “De afgelopen tijd merk ik dat ik met weinig inspanning toch goede uitslagen kan rijden”, concludeert hij in Utrecht. “Maar die eventuele terugkeer bij Wokke blijft waarschijnlijk bij een dolletje. Ik kan gewoon nog geen garantie geven dat ik volgend seizoen weer aan de start sta en wil mijn vrijheid hebben daarin als we straks die tweede hebben.”