Misschien ligt Ragne Wiklund daarom wel in winnende positie na de eerste dag. Qua puntentotaal moet ze Miho Takagi nog naast zich dulden (78,311 punten), maar ze is met voorsprong de betere stayer van het duo en kan daar op de afsluitende vijf kilometer van profiteren. De Noorse keerde terug van de Winterspelen als winnaar van twee zilveren een bronzen plak en haalde uit die buit voldoende motivatie om het mosterd-na-de-maaltijd-toernooi van de ISU - want zo voelen de deelnemers het echt - tot een groot doel te bombarderen.

Dat vroeg om sterke benen, maar bovenal om een fris hoofd. De 25-jarige Wiklund bewees op de 500 meter, de afstand die ze het minst van alle langebaannummers beheerst, dat ze de olympische vorm nog steeds heeft. De 38,84 betekende niet alleen een vet persoonlijk record, driekwart seconde onder haar beste tijd van 5 maart 2022, ze zette er de concurrenten ogenblikkelijk stevig mee onder druk. Toen daar later op de zaterdagmiddag in sfeervol Thialf een zege op de drie kilometer achteraankwam, vielen er hier en daar al hangende schoudertjes te bespeuren in de catacomben.

Nog niet bij de Japanse alleskunner Miho Takagi, bezig aan het slotweekend van haar geweldige schaatscarrière en altijd bereid te knokken tot het bittere eind. Ze weet als ervaringsdeskundige die een oogje heeft op het podium wat er wordt verlangd in zo’n vierkamp. In 2018 won ze mondiaal goud in Amsterdam, na een eerdere bronzen medaille (2017) en twee keer zilver in 2019 en 2022.

Ze begon met een prima 500 meter (snelste in 37,75). De drie kilometer voelde aan als wat minder bekend terrein omdat ze aan deze discipline omwille van haar olympische droom (goud op de 1500 meter, jammerlijk mislukt) niet te veel aandacht had besteed deze winter. Toch keek ze redelijk tevreden terug op de 4.03,37 waarmee ze vooralsnog op medaillekoers blijft.

“Ik moet me goed voorbereiden op de 1500 meter van zondag. Op die afstand kan ik hopelijk wat marge nemen op een aantal tegenstanders. Dat telt nu zwaarder dan mijn naderend afscheid. Daar voel ik geen emoties over; misschien na alle wedstrijden. Ik wil eerst alles goed afsluiten”, aldus de kleine schaatskeizerin van Japan.

Dus druppelden nog niet de tranen die bij Martina Sablikova over de wangen rolden voordat ze startte op de drie kilometer, en bleven stromen nadat ze een dikke vier minuten later het middenterrein betrad om geknuffeld te worden door vrijwel het gehele vrouwenpeloton.

Afscheid nemen van Martina Sablikova: Lollobrigida en Wiklund
Ze neemt afscheid van 'haar' publiek in Thialf, en de collega's zoals Francesca Lollobrigida en Ragne Wiklund: Martina Sablikova (m). | Foto: Orange Pictures
Nog zeker niet verslagen voor het goud: Miho Takagi.
Geroutineerd in de strijd om het podium, dus zeker nog niet verslagen: Miho Takagi. | Foto: Orange Pictures
Duel van Nederlandse podiumkandidaten: Joy Beune en Marijke Groenewoud
Joy Beune leidt de dans op de drie kilometer, maar 'racer' Marijke Groenewoud loert op haar kans. | Foto: Orange Pictures

Op dat moment nog niet door Joy Beune, want die had haar focus vol op de tweede opdracht van de middag. Ze klapte, terwijl ze zich tot haar grote ergernis op een volledig kapotgereden inrijbaan moest opwarmen, mee met het publiek dat een oorverdovend applaus liet horen voor de Tsjechische lieveling van bijna veertig. “Hartstikke mooi, zo’n ereronde die Martina mocht rijden. Dat gunde ik haar zeker, ze is zo’n mooi, lief mens met het hart op de juiste plaats. Volgens mij heeft ze nooit in de gaten gekregen hoeveel impact zij heeft gehad op het hele schaatsen”, oordeelde de (nog even) regerend wereldkampioen. “Haar palmares is schitterend, ze is nog steeds wereldrecordhouder: ik heb diepe bewondering voor Sablikova die een groot voorbeeld is geweest voor mijn generatie.”

Beune moet, als ze de energie en inspiratie nog kan vinden, in de achtervolging op vooral Wiklund en Takagi die beiden 1,94 seconde voorstaan in de rangschikking. “Dat is een aardig gat om goed te maken, ik zal flink moeten uithalen op de 1500 meter”, erkende ze.

Landgenoot Marijke Groenewoud – derde in de stand – is wat meer binnen bereik (0,21). De kleine vuurvreter van Albert Heijn Zaanlander was naar eigen zeggen na de sprint al klaar met het toernooi als gevolg van de zwaar tegenvallende 500 meter (39,32). “Ik baalde ervan, want het verschil met de anderen was al zo groot dat ik het lastig vond de knop om te zetten. Ik zei tegen Jillert (Anema, de coach, red.): als het zo doorgaat, dan ga ik liever vanavond naar de marathon in Groningen, want zo is er geen reet meer aan. Gelukkig was de drie kilometer een stuk beter en kan ik beter hier blijven meedoen”, klonk het grinnikend. “Al zou het wel aanlokkelijk zijn om de marathonfinale te rijden, omdat mijn ploegmaat Maaike Verweij nog kans heeft de cup te winnen.”

Om de podiumplek zondagmiddag te consolideren zal ze Beune, maar ook Antoinette Rijpma – de Jong (vijfde) de doorgang moeten blokkeren. De olympisch kampioen op de 1500 meter heeft een achterstand van zeventienden en geloofde zaterdag dat er niets is beslist. Haar drie kilometer was van het niveau-Takagi; daar deed ze zichzelf wat tekort mee, meende de Friezin. “Ik wilde er niet te hard ingaan omdat ik niet goed wist waar ik precies stond. De hele winter heb ik geen 3.000 meter gereden, dus werd het wat in het duister tasten. Maar ik was beter dan ik had verwacht. Nu moet ik zondag een sterke 1500 meter afwerken om tijd terug te pakken en daarna wordt het alles of niets op de vijf kilometer. Wellicht kan het dan een leuk slot worden van een lang jaar. ’t Is dat ik een aanwijsplek heb gekregen voor dit WK, anders zou ik niet hebben meegedaan. Nu heb ik nog de overtuiging dat ik een goed klassement kan rijden.”

Marijke Groenewoud
In gedachten verzonken voor de start op de drie kilometer: Marijke Groenewoud. | Foto: Orange Pictures