Natuurlijk was de overwinning van Harm Visser met voorsprong de mooiste zege uit zijn loopbaan, waarin de Fries toch al aardig wat overwinningen mocht noteren. Maar geen enkele was zo aansprekend als deze. Het roodwitblauw is altijd een doel geweest voor de man van Team Essent, die nooit eerder op de schaats een nationale titel pakte. Solo een overwinning boeken stond ook hoog op het verlanglijstje. Dat laatste deed hij al in Alkmaar, in de laatste cupwedstrijd voor vertrek naar de Weissensee. Nu dus opnieuw, in een koers die écht telt. “Het is niet normaal meer. Ik heb hier echt geen woorden voor”, stamelde de geëmotioneerde Fries.
Maar die emoties betroffen zeker niet alleen zijn prestatie. Misschien zelfs wel voorál niet. Het was de hele lading eromheen, een verhaal waarin het nummer 45 een hoofdrol vertolkte. “Dat is mijn beennummer, waarmee voorheen ook mijn ploegleider Peter de Vries jarenlang zijn wedstrijden reed. En nog dáárvoor was 45 het nummer waarmee zijn vader Jacobus de Vries wedstrijden zeilde. En met die man had ik een heel speciale band. Hij was de opa die ik op dat moment zelf niet meer had.”
Jacobus de Vries, oftewel Kobus, overleed vorig jaar juni plotseling en het gemis wordt nog altijd gevoeld. Daarom ging Harm Visser ook vol in de remmen, pal na de streep. Hij stond even stil, stak zijn vinger in de lucht en keek even naar boven. “Deze overwinning is echt voor Jacobus. Ik deed het ook voor hem, heb veel aan hem gedacht in de laatste ronde. En ik hoop dat hij het hierboven allemaal een beetje heeft meegekregen.”
Ook de Vries zelf stond met tranen in de ogen, al probeerde hij dat vergeefs te verbergen. “Dit geeft mij een heel speciaal gevoel, al in die laatste vijftien kilometer waarin hij weg was. Zelf pakte ik hier in 2004 de titel met mijn vader bij de finishboog. Dat het dan nu op deze wijze weer gebeurt, is echt fantastisch. Ik heb een paar keer gedacht dat hij hier meezweeft.”
Maar het is niet alleen de band tussen Visser en Kobus de Vries. Ook de band tussen Peter de Vries en Visser gaat verder dan de normale relatie tussen schaatser en ploegleider. “Ik vind het lastig die band te verwoorden”, vertelde De Vries. “Dat is een gevoel dat we samen hebben opgebouwd in zes jaar. Dan is een blik in de wedstrijd soms genoeg.” Maar dit gaat duidelijk dieper. De Vries: “Wat mij betreft wel, maar ik kan niet voor het gevoel van een ander spreken. Maar er is een gevoel, en dat zit zeker diep.”
De Vries keek met genoegen toe hoe Visser zich al vroeg in de strijd voorin mengde, zoals vooraf afgesproken. “We hadden een plan gemaakt waarbij we probeerden Jordy (Harink, red.) of mij in de eerste groep te krijgen. Eergisteren was het Jordy, nu was ik het. Lars Woelders was ook mee, en dat was natuurlijk heel erg prettig. Met hem besprak ik wat we in de laatste veertig kilometer zouden doen.”
Op die afstand waagde Visser zijn eerste vluchtpoging, maar dat was niet direct een ontsnapping met het venijn dat nodig is om écht weg te komen. “Klopt”, beaamde Visser lachend. “Het was niet volle bak.” Hij zag wel hoe het achter hem meteen piepte en kraakte, en daarom volgde er dik tien kilometer later nóg een poging. “Daar zat meer snit op en ik pakte ook meteen een gaatje.” Visser had al vlot vijftien seconden, maar ging vervolgens onderuit. Opnieuw. “De tweede keer, en niet op een fijn moment. Ik moest echt weer in mijn slag komen, maar ik had gelukkig wat voorsprong. Die kon ik daarna toch weer uitbouwen.”
Wat heet. In de laatste omloop ging de marge tussen Visser en de achtervolgers zelfs naar meer dan een minuut. Dat was ook het moment waarop de sprinter van Essent besefte dat hij het ging flikken. “Toen ging er wel van alles door m'n hoofd. Dat je hoopt ooit eens alleen aan te komen als winnaar, en dat dat dan opeens binnen anderhalve week twee keer lukt. Het moet niet gekker worden. Maar ik heb ook veel gedacht aan Jacobus. En ik was aan het einde ook echt wel helemaal kapot. Man, ik ben zo blij dat dit gelukt is.”
Niet alleen voor zichzelf, maar zeker ook voor het team. Het was dit seizoen tot nu toe nog geen vetpot voor de mannen van Essent. “Zeker het eerste deel van het seizoen was niet geweldig”, erkende Visser. “We hebben daarna ook de koppen bij elkaar gestoken en gelukkig staan we er nu een stuk beter voor. De vorm is goed en dat laten we zien. Deze overwinning is dan een heel mooie beloning.”