Alles wijst erop dat zondag in Alkmaar de pannen van het dak gereden worden. Op het ijs van De Meent valt alles te winnen, of te verliezen. Zelfs Bart Swings is nog een serieuze kanshebber op de eindzege, ook al liet de Belg de derde etappe lopen om het Belgisch sportgala te bezoeken. De koers in Breda startte derhalve zonder de man in het hexapak.
Het resumé van de derde wedstrijd maakt duidelijk hoe spannend het inmiddels is in de strijd om de eindzege in de eerste Vierdaagse. Gary Hekman leidt met 59,1 punten, op 1,1 punt gevolgd door Frank Vreugdenhil. Swings staat op 56,1, Rick Smit op 55. ’’Dat wordt knallen in Alkmaar’’, kondigde ploegleider Peter de Vries van Okay Fashion & Jeans al aan.
In dat opzicht was het in Breda iets rustiger. De kanshebbers keken veel naar elkaar, en de tactiek smoorde ook de meeste vluchtpogingen. Tot halverwege de koers het drietal Bart Mol, Timo Verkaaijk en Crispijn Ariëns wegreed. In ieder geval de laatste had geen enkele intentie om een ronde voorsprong te pakken. ’’Ik sprong eigenlijk mee zodat ook die vluchtpoging weer snel zou eindigen’’, bekende Ariëns. ’’Maar tot mijn verbazing hadden we al heel snel 150 meter. Op dat moment gebaarde Peter de Vries ook dat ik moest doorrijden.’’
Een halfuurtje later stond Ariëns met de bloemen in zijn handen, na zijn derde overwinning op kunstijs. In de finale liet hij Mol en Verkaaijk acter zich. De laatste had het nog een keertje solo geprobeerd, Mol werd geklopt in de sprint. ’’Weer tweede’’, mokte de man van Bouw & Techniek. ’’Die plek hadden we gisteren ook al en daar koop je niets voor. Eerste van de verliezers. Maar Ariëns speelde het slim. Dook net na de bel als eerste de bocht in, zodat Verkaaijk tussen hem en mij in zat. Dan is het moeilijk hem nog terug te halen.’’
Ariëns lachte. Dat was inderdaad precies zijn tactiek. ’’Je moet soms iets proberen. Ik moet het hebben van mijn bochtjes, dus ik wilde hem er voor zetten bij Timo Verkaaijk en dan vol de bocht door. Dan moest ik een gat slaan, dacht ik. Dat klopte precies. En als ik dat gaatje eenmaal heb, moet ik vol door.’’
Het was in Breda een heel andere Crispijn Ariëns dan twee dagen eerder in Leeuwarden. Toen stond de Brabander al snel weer aan de kant, met een sombere blik. ’’Op dat moment dacht ik eigenlijk maar één ding: terug in bed en me niet meer laten zien. Ik had griep gehad en was niet fit. Na 35 ronden was ik al klaar. Balen natuurlijk. ‘Dit wordt helemaal niks’, dacht ik.’’ In overleg met De Vries en trainer Pascal Vergeer werd de situatie even aangekeken. ’’Als ik goed zou slapen, kon ik starten in Utrecht. Dat gebeurde. Daar heb ik me nog rustig gehouden, hier zit ik dan ineens in de kopgroep en sta ik nu met bloemen en de kaas van de familie Mesu.’’