Sterker, hij was ondanks het succes kritisch op zichzelf. "Het waren twee constante ritten, maar ze waren niet vlekkeloos. Ik heb ook een beetje het geluk gehad dat Ronald zijn eerste race minder goed reed", blikte hij terug.

Met het behalen van goud was Verbij vooraf niet bezig. "Ik wilde gewoon een goed niveau laten zien en dat wil ik straks op de WK ook. Ik leefde er iets relaxter naartoe dan de rest, omdat ik al geplaatst was voor die WK. Maar ik had mezelf wel een beetje druk opgelegd."

"Stiekem ben ik wel een beetje met doelen bezig, maar ik ben er altijd vooral mee bezig om er een mooie wedstrijd van te maken. Ik denk dat ik nog beter kan, maar heb geen idee op welke tijd ik dan uit zou komen. Ik moet een betere ronde rijden."

Verbij besefte dat het Nederlandse publiek hem vanwege de live-uitzending van de wedstrijden op tv nu voor het eerst echt zou leren kennen. "Het zou leuk zijn als het goed bekeken is, maar voor de World Cups was ik eerder dit seizoen zenuwachtiger. Hoewel ik wel iets meer gespannen was toen ik hoorde dat het uitverkocht was."

Ondanks de gouden medaille om zijn nek leek de 21-jarige Verbij zijn prestatie in Heerenveen nog niet echt te beseffen. Hij had er nog geen rekening mee gehouden zich nu al de snelste man van Nederland op de 500 meter te mogen noemen.

"Ik had eigenlijk niet verwacht dat ik al met de top zou meedoen, maar dat het nu pas een beetje zou beginnen te komen. Of ik me de beste voel? Dat niet, meer de meest constante. Daidai Ntab en Ronald Mulder kunnen bijvoorbeeld ook echt een goede 500 meter rijden."

Zijn ploeggenoot Ntab liep een WK-ticket op drie duizendsten van een seconde mis. De opkomst van het jonge tweetal luidt misschien een nieuw tijdperk in, al wilde Verbij daar nog niet teveel van weten.

"Misschien dat die wisseling van de wacht over een jaar of twee plaatsvindt, maar nu nog niet. Al waren Daidai en ik er laatst voor de grap wel een beetje mee bezig."