Jorien ter Mors, Yara van Kerkhof, Suzanne Schulting en Van Ruijven bepaalden vanaf de start het tempo. Het team, dat bij de Europese kampioenschappen zilver pakte, leek in Nagoya een finaleplaats af te dwingen tegen de leider in het wereldbekerklassement Zuid-Korea en de nummer drie Canada. “En of we dichtbij waren. Ik dacht: we gaan winnen, we gaan het gewoon doen”, kijkt Van Ruijven terug.
De teleurstelling was dan ook groot toen in de laatste ronde Zuid-Korea en vervolgens ook nog eens Canada over slotrijdster Schulting heen wipte. “Er is weinig aan te merken op onze rit. Als je eerste of tweede wordt is het geweldig. Nu balen we ontzettend’, aldus Van Ruijven. Het team lag meerdere keren een aantal meters los van de Koreanen en de Canadezen, die met elkaar in gevecht waren om de tweede plaats. Ook bij de laatste aflossing lag Nederland een meter of twee voor.
Schulting moest het afmaken tegen de slotrijders van Zuid-Korea en Canada, wereldkampioene Mingjong Choi en Marianne St-Gelais, die tot nu toe op iedere individuele afstand een medaille pakte. “Het was een mooi gaatje, waarbij Suzanne als aas diende. St Gelais en Choi zijn absolute wereldtop en die kunnen erop en erover”, stelt Van Ruijven. “Dat gaatje was eigenlijk niet ideaal. Zitten ze vlak achter je, dan kun je blokken of op plaats twee plakken, andere lijnen schaatsen en dan rij je ‘m uit.”
Voor Ter Mors is Nagoya haar laatste wereldbeker shorttrack, omdat ze zich hierna zal richten op de langebaanwedstrijden. “We hebben een sterk team nu. Finalewaardig, maar dan moet je het wel laten zien”, aldus een teleurgestelde Van Ruijven, die weet dat de kansen voorlopig even voorbij zijn. Ter Mors wil bij de titeltoernooien shorttrack wel weer in actie komen.