Ter Mors kan met tevredenheid terugkijken op haar eerste optreden tussen de internationale shorttracktop. De 25-jarige schaatsster oogde sterk en bepaalde rondenlang het tempo. Toch baalde ze hartgrondig van het missen van een plak. Met drie ronden te gaan sloeg ze in kansrijke positie tegen het ijs.
“Ik kreeg een trap tegen mijn linkerschoen. Dan ben je klaar. Mooi klote”, aldus Ter Mors, die een gat in de voorkant van haar schaatsschoen overhield aan het voorval. “Ik heb al meerdere finales die niet liepen zoals het moest. Deze kan mooi op het lijstje.”
Op het oog verzekerde ze zich eenvoudig van de volgende rondes in de halve eindstrijd en de kwartfinales. “Ik reed gewoon lekker en met steeds meer ontspanning”, aldus Ter Mors, die de eerste wedstrijddagen weer moest wennen aan het rijden in een shorttrackpeloton. “Ik ben blij dat ik weer mee kan doen in het spelletje. Vrijdag was het wennen, met al die mensen om me heen. Het niveau is hier toch anders dan in Dordrecht (tijdens de Invitation Cup, red.).”
Haar finaleplaats is een mooie opsteker voor de voormalig Europees kampioene. Overbelasting kostte haar het hele vorige schaatsseizoen. Nu is ze eindelijk terug en staat ze weer met plezier op het ijs. Ter Mors is blij dat ze weer tussen de shorttrackers staat en weer op reis is met de ploeg. “Ik geniet er meer van dan hiervoor. Het is niet voor niets dat ik zo hard rij. Ik ben heel bij dat ik weer schaats.”
Hoe ze herstelt van de inspanningen in haar tweede wedstrijdweekend op rij is afwachten voor Ter Mors. Het is de vraag hoe haar lichaam reageert op de zware wedstrijdprikkels, na zo’n lange periode van relatieve rust. “Ik ben benieuwd hoe mijn herstel gaat. Dat is vooral belangrijk. Ik doe mijn best om zo fit mogelijk te blijven.”
“Mijn fysieke belasting is best goed. Ik schaats hard, maar ik kan niet vaak hard”, stelt Ter Mors. Om die reden liet de Twentse haar 1500 meter zaterdag lopen en focuste ze zich alleen op de kilometer en de aflossing. “Ik moet nog zuinig op mijn lijf zijn. Het kost wel veel. Zeker mijn wedstrijdhardheid is nog niet op honderd procent.”
Toch staat de volgende wedstrijd alweer op het programma. Maandag reist ze door naar Calgary om deel te nemen aan de sprintnummers bij de wereldbeker schaatsen komend weekeinde. “Het mooie is, daar hoef ik alleen zo hard mogelijk te schaatsen. Met shorttrack is dat anders.”
Ter Mors heeft er zin in. Nooit eerder schaatste ze een wedstrijd op een snelle hooglandbaan. Of zoals ze zelf benadrukt, ze schaatste überhaupt nog amper wereldbekers op de langebaan. De tweevoudig olympisch kampioene reed er welgeteld twee in haar carrière. “Het is mooi snel, dus ik ben benieuwd. Ik ga wel zien waar het schip strandt.”
In haar wedstrijdschema zal ze de komende tijd slimme keuzes moeten maken en moeten schipperen tussen twee schaatsdisciplines. Daardoor weet Ter Mors al dat ze weinig shorttrackwedstrijden zal rijden. Misschien komt ze in actie bij wereldbeker drie en anders alleen bij de titeltoernooien. De wereldbekerfinale in eigen land (Dordrecht) zal ze sowieso missen, want Ter Mors heeft haar pijlen gericht op het WK afstanden op de langebaan die in dezelfde periode verreden wordt.