"Ik heb waarschijnlijk in Astana een darminfectie opgelopen,” vertelt ze voor de camera van de NOS. “Het ging redelijk goed, maar heb daarna ook een griep te pakken gehad. Ik ben wel twaalf dagen uit de running geweest."

Ondanks een voorbereiding die verre van ideaal was is de sprintster niet uit het veld geslagen. "Ik haal het wel, maar hoe fit ik ben is nog de vraag. Het gaat nog niet zoals ik zou willen. Ik weet van mezelf dat ik hard kan schaatsen en technisch zit het wel goed. Maar het is afwachten wat mijn lichaam aan kan. Het NK wordt een meetpunt van hoe fit ik ben.“ 

De Enschedese heeft zichzelf hoge doelen gesteld dit seizoen: “Ik wil me voor de EK-sprint plaatsen en voor alle afstanden op de WK afstanden. We zullen zien wat mijn lichaam aan kan tijdens de start van de eerste wedstrijd.”

Ter Mors zal tijdens de NK-afstanden bij de 500, 1000 en de 1500 meter aan de start verschijnen. Over de 500 en de 1000 meter wordt een sprintklassement gemaakt en de beste drie rijdsters zullen ons land vertegenwoordigen tijdens de EK-sprint op 6, 7 en 8 januari in Thialf.