Ter Mors zette op het Russische ijs in de zevende van twaalf ritten een richttijd van 1.14,73 neer. Alle concurrenten beten zich vervolgens echter stuk op die tijd.

Richardson-Bergsma zat nog het dichtst in de buurt, maar met haar 1.14,94 kwam ze niet verder dan het zilver. Wereldrecordhoudster en titelverdedigster Bowe vond haar naam dankzij haar 1.15,01 terug op plek drie.

Ter Mors bezorgde Nederland met haar zege de eerste wereldtitel op de 1000 meter voor vrouwen sinds 2007. Toen was Ireen Wüst de beste in Salt Lake City. 

Vanessa Bittner belandde net naast het podium. De Oostenrijkse kwam tot 1.15,51 en bleef daarmee wel olympisch kampioene Hong Zhang, die in 1.15,70 vijfde werd, voor.

Wüst moest genoegen met plek zes (1.15,71). Marrit Leenstra liet 1.15,77 noteren en eindigde daarmee als zevende.