Zo eenvoudig als een jaar geleden was de eindzege voor Ter Mors niet. Destijds zette ze het peloton in meerdere races op een rondje. "Yara was een geduchte concurrente. Het is leuk om met z’n tweeën te strijden, maar ik was toch weer de sterkste."
Iets overlaten voor haar ploeggenotes? Dat komt niet in op in het hoofd van Ter Mors. "Als je wilt winnen, wil je winnen, hè." De 24-jarige Twentse won in Amsterdam alle vier de afstanden en greep ook de tussensprint van de superfinale op de 3000 meter. Met de volle mep aan punten haalde ze daarmee haar vierde titel op rij binnen. "Alles staat in het teken van Sotsji. Zo’n vierde titel is leuk, maar ik ben zo bezig met de Spelen, dan valt dit voor mezelf in het niet."
Bij het KNSB Kwalificatietoernooi op de langebaan een week geleden kampte Ter Mors nog met de naweeën van griep, waardoor ze naast een startbewijs greep voor de drie kilometer in Sotsji. Topfit voelde Ter Mors zich nog niet. "Ik merk dat mijn lichaam nog niet is zoals ik het zou willen", zei Ter Mors, die op de shorttrackbaan weinig hinder ondervond. "Shorttrack is toch anders. Je hebt minder power nodig om heel hard te schaatsen. Je hebt veel meer techniek nodig om het hangen in de bochten te kunnen gebruiken."