De koningin van Beijing (2022), de Spelen waar ze twee keer goud, een zilveren en een bronzen medaille ophaalde, trok woensdagmorgen de shorttrackijzers aan, stapte op het ijs van de Milano Ice Skate Arena en was meteen vertrokken voor het tweede avontuur, na het tamelijk kleurloze optreden als langebaanschaatser op de 1000 meter (achtste plaats). “Daar was ik behoorlijk teleurgesteld over. Dat had vooral te maken met de race die ik heb neergezet, waarmee ik totaal niet blij was terwijl ik me nog beter voelde dan op het Olympisch Kwalificatietoernooi”, vertelde de Friezin na afloop van het ontspannen uurtje.
De ontgoocheling had ze ’s avonds met vriend Joep Wennemars kunnen delen, en de volgende ochtend verder weggespoeld door een kop koffie te drinken met moeder Hannie en vader Jan Schulting. Daarna zocht ze haar shorttrackspullen bij elkaar: het signaal dat de knop moest worden omgeschakeld. “Om eerlijk te zijn: toen voelde ik de opwinding alweer naar boven komen.”
Het werd nog prettiger toen ze merkte dat haar lichaam de shorttrackmodus herkende die er van jongs af aan ingeslepen is. Schulting moest bijvoorbeeld in het spoor van Zoë Deltrap een paar ronden afwerken. “Zij is heel klein en zit diep, wat mij ook verplichtte goed in de hoeken te zitten. Toen ik even later de video terugkeek, zag ik dat ik aardig in de buurt van haar had gezeten. Dat was wel fijn, ja”, klonk het lachend. Wat de oefeningetjes ook waren die de staf in het rustige programma had opgenomen, het voelde vertrouwd.
“Ik ben vooral bezig geweest met het inkomen op de relay. Het duwen van een ander, het aansnijden, de hoogte waarop je moet duwen, dat soort dingen. Waar ik vast nog aan moet wennen is het rijden op hogere snelheid. Dat volgt straks wel als we snellere ronden gaan schaatsen, dan is het kijken hoe ik daar op reageer. Ik weet echter van de vorige keer (in de aanloop naar het Odido NK van begin januari, red.) dat ik het ritme vlug oppik. Bovendien heb ik nu drie of vier keer zo lang de tijd als voor het NK”, aldus Schulting die op 20 februari aantreedt op de 1500 meter, vooralsnog het enige nummer dat ze rijdt.
Dat neemt niet weg dat ze nadrukkelijk loert op een kans in de vrouwenrelay. “Ik spreek uit dat ik daar heel graag aan wil meedoen. Het zou heel gek zijn vanuit mijn kant als ik dat niet zou doen, want ik ben met Xandra Velzeboer en Selma Poutsma regerend olympisch kampioen. Alleen Yara van Kerkhof is er niet meer bij. Het zou raar overkomen als ik zou roepen dat het me niet boeit, want het tegendeel is waar. Ik zal me van m’n beste kant moeten laten zien en dan afwachten of Niels (Kerstholt, red.) me wel of niet opstelt. Dat moet in de komende trainingen gebeuren.”
Kerstholt op zijn beurt wilde er niets over kwijt. Op de vraag of Schulting voor hem meer is dan een reserve, antwoordde hij: "Daar ga ik ook geen uitspraak over doen. Over dit onderwerp zal ik me de komende week op de vlakte houden. We gaan lekker trainen, anders wordt er alleen maar over die ene plek in de relay gesproken. Dat doen we niet, want er zijn heel veel andere momenten waarop wij medailles kunnen winnen."
Schulting praatte gedurende de training veel met assistent-bondscoach Haralds Silovs. Ook kwam Kerstholt zo nu en dan ‘buurten’ en zelf informeerde ze kort bij Xandra Velzeboer of die de deceptie van dinsdag (uitgeschakeld op de mixed relay door een val van haar, red.) al enigszins had verwerkt. “Dat is iets waar je het geen uren over moet hebben. Tenzij ze er zelf over zou beginnen, maar dat heeft ook geen zin. Ze moet door, donderdag staat er een finale op de 500 meter voor haar op het programma”, gaf Schulting aan, die er geen moeite mee had gehad na uitgerekend zo’n offday te moeten aansluiten bij het team.
“We hebben allemaal hetzelfde doel en daar staan we op dezelfde manier in. Ik moest ook een teleurstelling verwerken maandag. Vandaag stond ik hier weer fris om voor de volgende opdracht te gaan. Misschien dat ik iets voorzichtiger ben omdat ik nauwelijks of weinig betrokken ben geweest bij de ploeg. Daardoor is het zaak in het begin wat meer de kat uit de boom te kijken. Ach, zo moeilijk is het niet; ik ken Xandra, Jens, Selma en al die anderen al zo lang. Ik ben geen vreemdeling of zo..."