Dat geeft de geboren Nederlander, die zijn wedstrijden schaatst namens Oostenrijk, aan in gesprek met het Friesch Dagblad.
Smallenbroek heeft al enige tijd een conflict met de ÖESV, de nationale schaatsbond van Oostenrijk. De 28-jarige rijder wordt verweten dat hij het gezag van bondscoach Hannes Wolf niet accepteert, hij zonder toestemming niet heeft deelgenomen aan de verplichte trainingskampen en tijdens de voorbereiding voor zichzelf trainde bij het Gewest Friesland.
Inmiddels heeft de ÖESV besloten dat Smallenbroek voorlopig geen kans maakt op een plek in de World Cup-selectie. Mocht daar geen verandering in komen dan zal het Oostenrijkse allround kampioenschap op 26 en 27 december 2015 zijn laatste wedstrijd als prof zijn.
Smallenbroek kan zich echter niet vinden in de lezing van de bond. De enige eis die hij naar eigen zeggen heeft gesteld is dat men selectiecriteria opstelt voor de internationale wedstrijden. “Ik wil gelijke kansen voor iedereen. Die zijn er niet. Wolf bepaalt alles. Als er geen selectiewedstrijden komen, zie ik geen toekomst meer in Oostenrijk”, zegt de Fries.
De ÖESV is volgens Smallenbroek nooit inhoudelijk ingegaan op zijn bezwaren. “Ze ontwijken constant mijn vraag om selectiewedstrijden. Daarom ben ik ook niet naar de trainingskampen gegaan”, vervolgt hij.
Smallenbroek liet zijn ongenoegen al merken rond de WK Afstanden van afgelopen seizoen. Ondanks dat hij een startplek voor de 1500 meter in de wacht had gesleept, werd niet hij maar de jonge Armin Hager afgevaardigd naar de wedstrijd in Heerenveen. “Daar was geen sportieve reden voor. Zo’n situatie wil ik in de toekomst voorkomen”, blikt Smallenbroek terug.
De ÖESV laat in een, door bestuurspresident Hans Spohn en technisch commissielid Peter Hager ondertekende, brief weten dat Smallenbroek, indien hij zich aan de werkwijze van de bondscoach conformeert, kans maakt op deelname aan de mass start en team pursuit bij de World Cup in Inzell.
“We weten dat dat voor Bram niet erg bevredigend is, maar kunnen niet voor iedere wedstrijd kwalificaties laten rijden”, schrijven de twee. Voor Smallenbroek is dat niet voldoende. “Ik zie nog steeds geen eerlijke kans. Er is niets veranderd.”
Daarmee lijkt het einde van Smallenbroeks loopbaan in zicht en moet hij zijn olympische droom vermoedelijk uit zijn hoofd zetten. “In theorie kan het misschien nog wel, maar in de praktijk wordt het een gevecht wat niet meer te winnen valt.”
Desondanks kijkt hij niet met wrok terug op zijn tijd in Oostenrijk. “Ik voel me geen slachtoffer. In voorgaande jaren waren er andere mensen aan de macht bij de bond en was alles eerlijker geregeld, maar ik heb een hele mooie tijd gehad. Ik had het voor geen goud willen missen.”