Haar plek op het podium is het bewijs dat ze erbij hoort, stelt ze.“Op de mass start wist ik dat al, maar op de langebaan was dat nog niet zo. Ik was tenslotte de vijfde Nederlander. En nu word ik hier tweede. Dat is zo gaaf.”

Haar 3.58,39 was voor haar het bewijs dat ze afgelopen voorjaar de goede keuze heeft gemaakt door naar Team Clafis te verkassen. “Ik wist al wel dat het erin zat. Vorig jaar reed ik al goed in de trainingen, maar ging het in de wedstrijden nog niet zo goed.”

Bij coach Jillert Anema heeft ze het vertrouwen gekregen dat ze haar slag van de trainingen ook in competitie ten uitvoer kan brengen. “Het klinkt heel simpel, maar het werkt. Jillert zegt gewoon: ‘wat je op training kan, waarom zou je dat niet in de wedstrijd kunnen? Je moet hetzelfde doen’.”

Daarnaast veranderde haar trainingsaanpak onder leiding van Anema. Ze stopte met krachttraining en ze schaatst veel alleen. Dat leek haar van tevoren een beetje saai, maar de voordelen zijn helder. “Als je samen rijdt dan pak je een andere slag en dat is niet de bedoeling.”

Ze liet zich tijdens haar race nog twee keer verleiden tot een andere schaatsslag, vertelt ze. “Ik kruiste twee keer achter Annouk van der Weijden en nam op de automatische piloot haar slag over. Dat was niet echt slim.”

Haar eigen slag was namelijk anders dan die van Van der Weijden en ook anders dan vroeger. In Calgary reed Schouten een opvallend korte slag. De meeste rijdsters kiezen op het snelle ijs juist een langere slag omdat ze ook lang door kunnen glijden. Daarvoor heeft Schouten volgens Anema nog onvoldoende stabiliteit in haar slag. En daardoor rijdt ze dan niet efficiënt.

Uit pragmatische overwegingen koos Schouten daarom voor een hoger bewegingsritme. “Ik probeerde vorig jaar steeds lang te rijden, maar nu juist kort. Ik houd dat toch langer vol.” Het betekent wel dat daar ook nog ruimte voor verbetering zit.