"Ik vind het sowieso niet plezierig om sporters te diskwalificeren omdat ik weet hoeveel ze er voor moeten doen. Ik vind het absoluut verschrikkelijk dat ik tot diskwalificatie over heb moeten gaan", zei De Koning.
De hoofdscheidsrechter zag echter geen andere mogelijkheid, legde hij uit. "Ik was bang voor precedentwerking. Als ik hem niet zou hebben gediskwalificeerd had ik mijn rol scheidsrechter niet goed ingevuld."
De reden voor de diskwalificatie was simpel. Een kickfinish mag volgens de regels niet. Wat de gedachte van de rijder achter de schoppende beweging is, doet volgens de scheidsrechter niet ter zake. "Zo staat het in de regels: een kickfinish zal leiden tot diskwalificatie. De intentie van een rijder kan ik daarbij niet goed inschatten."
Zijn beslissing zorgde voor grote ophef en een storm van kritiek op zijn functioneren. "Ik heb me dat heel goed gerealiseerd", zei De Koning. Nog tijdens de ritten na Kramer bekeek hij de beelden meerdere keren. Hij liet zijn assistent de beelden los van hem ook bekijken. Beiden kwamen ze tot dezelfde conclusie. "Ik heb echt bedenktijd genomen. Dit was geen ad-hocbeslissing. Maar als ik een schaatsenrijder van minder allooi ook zou diskwalificeren dan moet ik dat ook bij Kramer doen."
Bovendien, benadrukte hij, nam hij het besluit niet alleen. "Ik beslis dit niet even in mijn eentje. We hebben een heel team. Ik ben alleen degene die de laatste beslissing neemt en eindverantwoordelijk is."
Fluiten in de geest van de wedstrijd, een uitspraak die in het voetbal veel gebruikt wordt, was volgens de scheidsrechter geen optie. "Ik ken die kreet wel, maar in de voetballerij kan dat gemakkelijker dan bij ons. De regels zijn bij ons helder en clean."
Ook al staat De Koning honderd procent achter zijn beslissing, blij is hij er niet mee. "Dit doet me heel veel. Veel meer dan iedereen zich realiseert. Ik ben ook een liefhebber van het schaatsenrijden", zei hij. "Maar dit moest, anders had ik mezelf morgenochtend niet in de spiegel aan kunnen kijken."