“Ik wist precies wat ik moest rijden. Of je nu wilt of niet; je gaat in de ritten voor je toch rekenen wat je moet rijden.” 1.09,87 was dat, om precies te zijn. Met zijn 1.09,40 dus direct reden voor een feestje en een naar eigen zeggen ‘lekker begin van het nieuwe jaar.’ “Dit is een honderd procent score, ik ben een gelukkig man”, luidt het.

Het zal de eerste keer zijn dat er een EK Sprint verreden wordt en dat gebeurt dan ook nog eens in eigen land. Bijzonder? Natuurlijk, en ook niet minder spannend dan een WK Sprint, waarbij de concurrentie nog groter is. “Laten we namelijk vooral niet vergeten dat Rusland ook bij Europa hoort”, lacht Mulder verwijzend naar sprintkanonnen Ruslan Murashov en de inmiddels afgemelde Pavel Kulizhnikov. “En ook voor de Finnen en Noren moeten we oppassen.” Om volgens hem over landgenoten Kai Verbij en Kjeld Nuis nog maar te zwijgen.

“Het gat met Kai en Kjeld is hier nog best groot, een seconde ofzo. Ik reed tegen Kai en ben er schor van”, kucht Mulder lachend. “Maar ik ben blij dat we er samen zo’n goede race van hebben gemaakt.”

Toch valt er aan Mulders eigen vorm ook weinig op te merken. Hij reed in Heerenveen naar een nieuw beste seizoenstijd en tevens persoonlijk record op een laaglandbaan. “Ik pak hier misschien geen titel, maar deze derde plaats vind ik misschien wel mooier.”

In februari staan daarna de WK Afstanden op het programma, waar Mulder dus op beide sprintafstanden van start mag. “Ik heb me nog nooit voor een wereldbeker 1000 meter geplaatst, dus dat ik hier nu bij zit is echt heel mooi.” Zijn kansen? “Ik weet heus wel dat ik op de 1000 meter geen wereldkampioen ga worden, maar ik ga mijn best doen.”