Het krappe parcours is op het randje van wat kan en wat niet kan. Normaal gesproken sowieso geen parcours waarop je de Mulders als favoriet zou aanvinken. Er is maar weinig plek om alle pk’s aan te spreken, iets waar ze zich normaal gesproken op wegparcoursen in weten te onderscheiden. Toch werden ze tweede en vierde. “Ik voelde me inderdaad niet bepaald favoriet, dus wat dat betreft ben ik best blij met zilver.”
Waar de twijfel over de blijdschap zit, is de manier waarop de organisatie en jury omgaan met de sporters. “Nu zijn we klaar en denk ik: ik heb wel gereden, maar eigenlijk kan het gewoon niet.” Terwijl de afvalkoersen op het punt staan om te beginnen: “Ik hoop echt dat het daar goed gaat. Maar eerlijk gezegd: ik denk het niet. Er hoeft er straks maar één te denken dat hij binnendoor kan, en het gaat mis.”
“Je traint het hele jaar om snel en goed te worden. We zijn hier om zo hard mogelijk te gaan. En natuurlijk kom je soms op technische parcoursen terecht, maar dit is extreem. Het hele parcours hobbelt, gister lag er nog olie op. Dan moeten er eerst vier vallen, voordat ze gaan schoonmaken. Je voelt je gewoon niet serieus genomen als atleet.”
De verantwoordelijkheid van wel of niet starten hoort op zo’n moment niet bij sporters te liggen. “Want wij gaan toch he. Er zijn wel titels te winnen en te verliezen. Je gaat niet op voorhand zo maar opgeven. Dus ja, je start. En achteraf denk je: is dat eigenlijk wel een goede instelling. Ik weet wel, er is nu geen alternatief. Maar misschien moet je het toernooi dan maar afgelasten.”
Over zijn 200 zelf weet hij eigenlijk weinig te herinneren. “Het ging in een roes. Ik was voor die tijd amper met mijn race bezig, alleen maar met rustig worden. Ik denk dat ik het toch in de bocht heb gewonnen, door beter te rollen dan anderen.”
De valpartij voor de start was niet eens een direct gevolg van het parcours, wel van de manier waarop de organisatie en jury in Oostenrijk handelen. Onzorgvuldig. Terwijl iedereen aan het inrijden was, was het een jurylid die overstak en de chaos veroorzaakte. “Michel moest uitwijken, iedereen moest uitwijken en ik kwam er op volle snelheid aan. Ik probeerde tegen iedereen behalve Michel aan te knallen, maar dan zul je altijd zien dat dat alsnog gebeurt.”
Zijn pols is waarschijnlijk gekneusd. Of hij morgen van start gaat, weet hij nog niet. “Het hangt er vanaf hoe de wedstrijden straks gaan en hoe mijn pols morgen voelt. En ik ga nog in overleg met Desly. Maar er is absoluut een kans dat ik zeg: dit is het met niet waard.”