Het was een mooie parallel in het verhaal van de twee winnaars op Flevonice, waar in beide wedstrijden een heel divers peloton aantrad. Toprijders en Beloften door elkaar bij de mannen, Topdivisie, Regiotop en oudgedienden als Lieke Splinter en Lillian van Haaster bij de vrouwen.
In dat veld toonde Gary Hekman zich dus de beste, zoals wel vaker op Flevonice. ’’Die baan ligt me gewoon’’, stelde de man uit Kampen, die zondag dus de eindzege in de Vierdaagse aan zich voorbij zich gaan. ’’Toch heb ik aan die Vierdaagse overgehouden dat de vorm supergoed is. Dat was een pluspunt.’’
Dat bleek op de drie kilometer lange landijsbaan. Hekman zag hoe ploeggenoot Rick Smit en Crispijn Ariëns wegreden en maakte zelf daarna ook de oversteek samen met enkele andere rijders. ’’Daara ben ik meteen doorgereden, en toen bleek dat ik in mijn eentje een gat had, was het vol gas doorrijden.’’
Hekman finishte solo, terwijl ruim achter hem Smit de sprint won voor Ariëns, die twee ronden lang op Hekman had gejaagd. ’’Altijd lekker, zo’n overwinning in de laatste wedstrijd van het jaar. Ik weet dat er veel rijders niet waren, zoals de mannen van A-ware en Bouw & Techniek. Als je in voorbereiding bent op een NK op de langebaan begrijp ik dat best, maar wij zijn marathonschaatsers en staan hier dan ook gewoon.’’
Carla Ketellapper-Zielman stapte zodag nog met de pest in haar lijf van het ijs in Alkmaar. Ze verspeelde daar de derde plaats in het eindklassement door de kopgroep te missen. ’’Ik ben over mijn limiet gegaan en dan knal ik er doorheen. Is me al vaker overkomen’’, lichtte de Koga-rijdster toe. ’’Maar ik voelde wel dat ik in principe goede benen had.’’
Dat bleek woensdagavond op Flevonice inderdaad. Al vanaf de start voelde de Friezin dat het wel goed zat. ’’Ik merkte dat ik toch aardig hersteld was van die Vierdaagse.’’ Gold voor haar hele team, zag Ketellapper-Zielman. ’’Iedereen reed goed.Ik zag steeds ploeggenotes opduiken in het voorste deel van het peloton. Dat motiveert natuurlijk ook.’’
Motivatie haalde ze ook nog uit de finale van de Vierdaagse, want Ketellapper-Zielman was wel op zoek naar wat revanche. ’’Ik was wel extra geprikkeld, ja. Wat zoiets als zondag zit me dan niet lekker, al concludeerde ik na afloop wel dat ik geen slechte Vierdaagse had gereden.’’
Op Flevonice zag ze hoe vrouwen als Floortje Mackaij en Anne Tauber aanvankelijk het voortouw namen met vluchtpogingen. Maar uiteindelijk waren het vijftien vrouwen die zich afscheidden van het peloton. In de sprint van die groep was Ketellapper-Zielman de rapste. Ze troefde Janneke Ensing en ploeggenote Daniëlle Bekkering af. ’’Dat was zelfs best nog wel ruim, zag ik later op de foto.’’ Een zege werd ook wel weer tijd, vond ze. ’’Op kunstijs was het 2012 voor het laatst. Heeft lang geduurd.’’
Knap was bovendien dat haar ploeg Koga er stond op het moment dat het moest. Het team is ingericht op natuurijs, kwam niet vaak bovendrijven op kunstijs, maar greep deze kans met beide handen aan: eerste en derde. ’’Dit zijn de wedstrijden waar wij het van moeten hebben. Flevonice is toch net natuurijs. Dan is het mooi als het lukt.’’