Voor Nino van Dijk (27) is de stap naar De Haan Westerhoff een mooie promotie. “Zo zie ik dat ook”, erkent de schaatser uit Utrecht, die bezig is aan een goed debuutseizoen in de Topdivisie. “Aan de ene kant ben ik dan ambitieus, aan de andere kant ben ik ook een jongen die bescheiden blijft. Dus ik hoopte ergens op een stap omhoog, maar er zijn natuurlijk veel goede rijders. Ik was dus best verrast dat ik werd benaderd door De Haan Westerhoff, maar vervolgens waren we er snel uit.”

Na drie jaar in de Beloften bij Traumeel Gel maakte Nino van Dijk dit seizoen de stap naar de Topdivisie. Bij Hamco reed hij zich de voorbije weken in de kijker, net als dat hele team overigens. De interesse vanuit De Haan Westerhoff ziet hij als een beloning voor de prestaties van dat team. “We hebben het als ploeg heel goed opgepakt. De rijders tonen initiatief, lossen veel met elkaar op. Dat dat op deze manier wordt herkend mag iedereen binnen de ploeg trots maken.”

Piet Hijlkema, hoofdcoach van De Haan Westerhoff, volgt Van Dijk al langere tijd. “Bij de Beloften had ik hem al in het oog. Hij is een technische rijder die nog steeds groeiende is, die een heel mooie leercurve laat zien en elke keer weer progressie boekt. Ze zeggen wel dat wat goed is snel komt, maar het is ook wel duurzaam als je rustig groeit. Daar is hij een voorbeeld van.” Van Dijk komt bovendien van de langebaan en dat spreekt Hijlkema wel aan. “Zijn basis is hartstikke goed en ondanks zijn 27 jaar zet hij nog steeds stapjes, ook omdat hij nog niet zo lang marathons rijdt. De gesprekken waren goed en we denken dat er een mooie klik is.’’

Dat idee heeft Van Dijk zelf ook. “We hebben ongeveer dezelfde blik op schaatsen. Als ik op het ijs sta, zie ik de trein van De Haan Westerhoff rijden, met jongens die allemaal technisch goed onderlegd zijn en strak rondgaan. Daar wil je dan graag onderdeel van uitmaken.”

Progressie van Nino van Dijk is De Haan Westerhoff niet ontgaan
Nino van Dijk zoekt zijn weg over de Weissensee. "Ik kan op natuurijs nu eindelijk echt mee in de koers." | Foto: Neeke Smit

Als het op leren aankomt, is er ook nog wel wat werk te doen op de Weissensee bekent Van Dijk, die met zijn achtergrond toch meer een man van het kunstijs is. “De afgelopen jaren kon ik hier niet mee. Eigenlijk heb ik alleen één keer een sprintkoers uitgereden. Maar ik merk nu hoe ik vooruitgegaan ben. Ik kan nu eindelijk echt mee in de koers. In het ONK zat ik ook mee in de vroege vlucht. Dan heb ik misschien nog niet de specifieke kwaliteiten om mee te doen in de finale, maar ik doe wel ervaring op. Met meer kilometers op natuurijs in de benen word ik daar ik daar ook alleen maar beter. Daar haal ik veel motivatie uit.”

Vooralsnog werkt Van Dijk ook nog 32 uur per week bij Deloitte in Utrecht. “Die baan was de reden om over te stappen naar de marathon. Op de langebaan moest je vooral veel op het ijs staan, waren er veel momenten met de ploeg. Dat was lastig te combineren. Nu is er meer ruimte, meer vrijheid en zit ik wat vaker op de fiets. Dat gaat beter.” Maar hij moet nog wel even met zijn werkgever sparren om de nieuwe situatie met werk en schaatsen vorm te geven. “Die wil altijd wel meedenken, dus dit lossen we ook wel op.”

Hijlkema is blij met de eerste aanwinst na het naderende afscheid van Mats Stoltenborg en Ronald Haasjes. “We hebben één van de vacatures ingevuld en gaan nu op zoek naar een vijfde rijder voor het team. Dan zijn we weer compleet.” Daarnaast moet er een opvolger komen voor Martin van der Pol, de performance coach die zich na dit seizoen meer gaat richten op zijn eigen loopbaan als wielrenner. “Jammer, want er was een mooie balans in de begeleiding”, vindt Hijlkema. “Die proberen we met een nieuwe kracht weer te herstellen.”