Wat is je mooiste overwinning?
"De 1000 meter in Ventspils 2008. Het was mijn eerste EK-overwinning. Mijn weekend liep helemaal verkeerd. Het maakte me gretig, ik wilde het koste wat het kost goed maken. Toen versloeg ik iemand die eigenlijk sterker was dan ik (Haralds Silovs, die dat weekend Europees kampioen werd, red.). Dat vind ik mooi."
"Maar ook het NK tegen Cees Juffermans in 2006 is me bijgebleven. Eigenlijk was mijn overwinning bij het Nederlands kampioenschap vorig jaar mooier. Ik won van de Europees kampioen en de jongen die een paar weken later Europees kampioen zou worden, jongens die medailles winnen op grote wedstrijden. Dat deed Cees niet. Maar toen ik hem versloeg had ik wel zoiets van ‘het is nu Niels-time’. Nu komen de jaren van Niels."
Wat voor gevoel geeft winnen je?
"Winnen geeft je een kick. Het is een cool gevoel. Je denkt even 'ik ben de man'. De adrenaline giert door je lijf. Maar het ebt bij mij snel weer weg. Ik ben goed in relativeren. Het is net als een avondje zuipen. Je hebt een mooie tijd, maar de dag erna is het weer voorbij. En gaat het leven weer door."
Maar je richt wel je hele leven in op schaatsen.
"Ja, dat is dus eigenlijk best gek. Je doet het maar voor iets heel korts, een heel kort vreugdemoment. De voldoening kan wel een weekje blijven. Maar meer is het niet."
"Ik vind shorttracken een mooie sport, ben verslaafd aan die sport en daarom is het leuk om te vechten, om te winnen. Je moet het elke dag leuk vinden om te doen. Als je het elke dag waardeloos vindt om naar de trainingen te gaan en het niet meer volhoudt, dan moet je het niet meer doen. Daarvoor is dat ene moment het niet waard. Je moet ervan genieten."
Wil je altijd winnen?
"Afgelopen zomer wilde ik niet winnen. Toen was het ‘m niet. Ik genoot er minder van en dacht ‘was het einde er maar’. Als het te zwaar is, zoals soms in de zomer, dan ben ik de hele dag moe en chagrijnig . Ik wil gewoon lekker schaatsen. Maar zodra ik niet bezig ben met winnen, word ik laatste. Ik kan alleen een wedstrijd een beetje redelijk rijden als ik wél bezig ben met winnen."
"Mijn broer zegt altijd: er is geen spelletje wat ik met jou kan doen, waarbij je niet bezig bent met winnen. Dat vindt hij wel eens irritant. Niet even relaxed een potje tafeltennissen en lekker de bal heen en weer tikken. Ik ben constant mijn topspin aan het oefenen om hem te snel af te zijn met het terugspelen van die bal."
Ben je altijd zo fanatiek?
"Het is iets wat automatisch in je zit. Je hebt het niet eens door. Met alles. Altijd zoeken naar de kleine dingetjes. Misschien heeft de ander hier niet aan gedacht, laat ik het eens proberen. Het is een constante verbeterdrang op alle vlakken. Ik kan dat ook wel uitzetten hoor. Het is niet zo dat het altijd aanstaat. In gesprekken ben ik soms iets aan mezelf aan het verberen. In een discussie kijken hoe de ander reageert als ik een andere tactiek uitoefen. Als ik nou eens niet de aanval in ga, maar op een andere manier het gesprek aanga. Wat is de reactie die ik uitlok en ga ik mijn doel dan eerder bereiken? Waar iemand anders misschien gewoon een gesprek voert, ben ik mezelf aan het trainen om beter te worden."
Hoe helpt Randstad jou om te kunnen winnen?
"Ze nemen mogelijke onrust weg. We zijn nu al een route aan het uitstippelen voor een toekomstige baan. Druk maken over mijn carrière na de sport? Dat hoef ik nu minder te doen, omdat ik weet dat Randstad achter me staat. Dat scheelt energie. Als je minder onrust hebt, dan hou je meer energie over voor andere dingen."