Wat is je mooiste overwinning?
"Het zilver op de 1000 meter op het wereldkampioenschap afgelopen jaar. Het hele weekend was ik sterk, maar het liep gewoon niet. Dan zakt de moed je in de schoenen. Om dan toch jezelf mentaal weer op te pakken, voor de laatste dag goede focus te hebben en zilver te pakken betekende veel voor me."
"De manier waarop ik dat zilver heb gewonnen, geeft het voor mij een andere waarde dan mijn Europese titel. Op de langebaan heb ik alleen het NK alround gewonnen. EK- en WK-titels zijn wat mij betreft veel meer waard, ook al is het in een andere discipline."
Hoe voelt winnen?
"Je traint keihard dag in, dag uit om te kunnen winnen. Je neemt geen genoegen met zilver. Dan is het fijn dat je waardering krijgt voor alles wat je doet. Voor jezelf. Opluchting, bevestiging dat al die jaren hard werken niet voor niets is. Dat is het mooiste wat er is."
En als je verliest?
"Dan baal je natuurlijk. Je stopt er zoveel tijd in, dan wil je ook wel resultaat zien. Je bent gefrustreerd. Dan ben ik een tijdje boos en dan is het knop om en weer door. Ik ben pissig op mezelf en als het de fout is van iemand anders, dan moet je je woede accepteren. Zo is het, dat is de sport. Als je dat niet kan, moet je een andere sport kiezen."
Wat moet er allemaal voor het schaatsen wijken?
"Alles. Uiteindelijk leef je voor het schaatsen. Ik doe dit al zo lang, dat het voor mij niet voelt als een opoffering. Ik weet niet beter. Ik ben heel jong begonnen (Ter Mors verhuisde op zeventienjarige leeftijd al naar Heerenveen, red.) en zit er al best lang in. Op een gegeven moment is het zo en hou je je er niet mee bezig dat je er dingen voor moet laten. Het is altijd sport geweest, al het overige is bijzaak."
Waar haal je de meeste voldoening uit?
"Het uiterste uit mezelf halen. Anders zou ik niet elke dag kunnen opstaan en weer naar de training gaan. Je eigen grenzen verleggen. Dat geldt zowel fysiek als mentaal. Bij shorttrack wil je het extreme op zoeken. Dat geeft ook een kick. Dat is sowieso waar topsport om draait, grenzen verleggen."
"Ik hou heel erg van bewegen. Schaatsen vind ik een hele mooie sport, maar soms kom je er door omstandigheden in terecht. Ik kan me niet anders herinneren dat, hoe jong ik was, ik op schaatsen stond. Fietsen vind ik ook leuk, dus dat had ook een mogelijkheid kunnen zijn. Stel mijn vader had heel erg van fietsen gehouden, wie weet was ik dan wielrenner geworden."