Dat hij de kortste afstand kon winnen had Otterspeer vooraf niet verwacht. “Ik weet dat ik een ijzersterke laatste 300 meter in me heb, maar op de 500 meter is de eerste 200 meter ook belangrijk”, zegt de Zuid-Hollander.
Op die mindere eerste meters liet Otterspeer dan ook behoorlijk wat liggen. “Mijn tegenstander rijdt in 100 meter echt meters bij me vandaan. Gelukkig begint voor mij de 500 meter eigenlijk pas na één of tweehonderd meter. Dat klinkt raar, maar op het laatste deel kan ik gewoon heel veel goed maken.”
In het klassement heeft Otterspeer na de eerste dag een voorsprong opgebouwd van 0,43 seconden op de 500 meter ten opzichte van de nummer twee Michel Mulder. Desondanks waakt de 26-jarige rijder voor al te veel optimisme.
“Het blijft sprinten. Een foutje kost gewoon tienden en als dat verschil dan ook nog keer twee gaat, dan gaat het hard. Ik ga morgen dan ook op dezelfde manier in als dat ik vandaag heb gedaan en bekijk het per afstand.”
Otterspeer heeft daarbij een duidelijk doel voor ogen. “Ik moet minder laten liggen op de opening. Nu heb ik de schade beperkt weten te houden en zelfs twee keer kunnen winnen, maar het gebeurt niet vaak dat dat lukt na een opening van 10,0. Daar kan ik ook gewoon dik onder en dat moet ik morgen laten zien.