Toen De Jong in 2002 afreisde naar Salt Lake City deed hij dat in de wetenschap dat hij in de drie voorgaande seizoenen bij de WK Afstanden telkens op zowel de 5000- als de 10.000 meter op het podium eindigde. De verwachting was dat hij wel even goud op zou gaan halen en dat dacht de Leimuidenaar zelf eigenlijk ook. Een gevoel dat hem uiteindelijk de kop kostte.

In de Verenigde Staten was De Jong namelijk geen schim van de man die in de voorgaande jaren telkens vooraan in de eindstanden te vinden was. Vijftiende op de 10 kilometer en zelfs een beschamende dertigste plaats op de 5 kilometer waren de resultaten waar hij het mee moest doen.

In de jaren na ‘Salt Lake’ was De Jong weer net zo succesvol als voor het dramatisch verlopen toernooi. Hij vertrok dan ook naar Turijn als regerend wereldkampioen op de 10.000 meter en runner-up op de halve afstand.

De Spelen in Italië begonnen voor De Jong met die laatste afstand en weer lukte het hem niet om een medaille te pakken. Na zijn zesde plaats in de eerste race moest het dus gebeuren op de 10 kilometer en dat was de plek waar de op dat moment 29-jarige rijder deed wat niemand meer verwachtte.

De loting was namelijk alles behalve in het voordeel van De Jong aangezien hij in de Oval Lingotto voor alle concurrenten moest starten. De Nederlander bleef lang rondjes onder de 31 seconden rijden en kwam in een persoonlijk record van 13.01,57 over de streep.

Iedereen dacht dat landgenoot Carl Verheijen of de Amerikaan Chad Hedrick in de slotrit nog wel onder de tijd van De Jong zou duiken, maar niets bleek minder waar. Het tweetal kwam nooit in de buurt van de prestatie van De Jong die zo, ook tot zijn eigen verbazing, overtuigend het goud pakte.

"Het hele jaar ben ik al fit en goed, maar het komt er net niet uit. Vandaag wel, uitgerekend in Turijn bij de Olympische Spelen. Een medaille, na Salt Lake City. Dat is helemaal niet gek", zei de uitzinnige De Jong na afloop met gevoel voor understatement.

Aftellend naar de Olympische Winterspelen in Sotsji belicht schaatsen.nl elke dag een olympisch moment.