Dit gebeurde bij het damesshorttracktoernooi tijdens de Spelen van Lillehammer in 1994. Manshanden was vanaf 1990 nauw betrokken bij de organisatie van het Olympische shorttrack toernooi. De Noren, voor wie de sport nog vrij onbekend was, hadden grote moeite met de voorbereiding.
Hulp van iemand die de sport kende en ook nog eens uit Scandinavië kwam, en daardoor voor hen verstaanbaar was, was zeer welkom. Het goede verloop van het pre-olympisch toernooi in Hamar leidde ertoe dat Manshanden werd voorgedragen om als jurylid bij de echte Winterspelen op te treden.
"Pas in januari vond ik mijn naam toevallig op een scheidsrechterslijst van de ISU. Gek hoor, om je naam daar opeens tussen te zien staan. Het duurde even tot het tot me doordrong. Heel even heb ik getwijfeld. Maar zo’n kans krijg je maar één maal."
De Zweedse raakte door haar Nederlandse man, Jaap Manshanden, betrokken bij het shorttrack. Dat gebeurde toen zij in 1979 met hem mee kwam naar Nederland en hij de tak van sport ging beoefenen. Shorttrack was toen een tamelijk ‘nieuwe’ sport in Nederland.
Kort nadat ze naar Nederland kwam werd voor het eerst een jurycursus voor shorttrack georganiseerd. Manshanden volgde de cursus en, ondanks haar gebrekkige Nederlands, slaagde ze. "We waren de eerste gediplomeerde juryleden. En dus konden we bijna elke week aan de bak."
Lena Manshanden kreeg veel kritiek te verduren tijdens de Spelen. Als hoofdscheidsrechter was zij eindverantwoordelijke in discussies rondom diskwalificaties. Lang niet iedereen was het altijd met de besluiten eens. De voorzitter van de Belgische schaatsbond deed na afloop van de Winterspelen in een brief, ondertekend werd door bijna alle teamleiders, aan de ISU zijn beklag over de jurybeslissingen. "Wij zijn ook maar mensen", stelde Manshanden toen.
Als gevolg van de kritiek werden bij het eerstvolgende grote toernooi, de wereldkampioenschappen in maart 1994, voor het eerst videobeelden gebruikt om de scheidsrechters te ondersteunen.
Als halve Nederlandse gaf Manshanden een klein oranje tintje aan een toernooi dat gedomineerd werd door Zuid-Korea en, in mindere mate, de Verenigde Staten en Italië. Op het ijs kon Nederland dat jaar geen potten breken. Er waren wel vijf Nederlandse deelnemers: Erik Duyvelshoff, Priscilla Ernst, Anke Jannie Landman, Penelope di Lella en Esmeralda Ossendrijver, maar geen van hen wist een medaille te veroveren.
Aftellend naar de Olympische Winterspelen in Sotsji belicht schaatsen.nl elke dag een olympisch moment.