Ze is een van vele vrouwen in het peloton, voor wie het dadelijk voorbij is. Net een kwarteeuw oud.
Weet je het wel zeker, Maaike?
“Ik weet het zeker.”
Jammer hoor!
“Ja, dat hoor ik van meer mensen. Het ligt ook niet per se aan de leeftijd….”
Zo begint het telefoongesprek met de Drentse ‘ijskapitein’ van de meest succesvolle formatie van de voorbije jaren. Sinds het najaar van 2019 schaatst ze daar. De eerste seizoenen een olympische droom koesterend, maar gaandeweg – mede door veel fysieke tegenslag – concluderend dat die onbereikbaar zou blijven. Ze groeide wél door als atleet: jaarlijks was er verbetering in de prestaties. Verweij behield ook alle jaren haar plezier in de sport, combineerde dat met studeren, en begon onlangs twijfels te voelen. Twee weken voor de ‘veldslagen’ in het Zweedse Lulea sprak ze erover met haar vriend. Niet veel later volgde het besluit.
“Hoe ziet de toekomst eruit? Wat ga ik doen? Dat soort vragen heeft me beziggehouden. In gesprek met mensen om me heen ben ik tot de conclusie gekomen dat sport leuk is, maar dat ik niet per se heel gelukkig word van topsport. En met de ambities op het maatschappelijk vlak….” De rest van de zin mag worden ingevuld. Ze vult alsnog aan. “Het is de combinatie van dingen. Alle blessures, die me vaak hebben teruggeworpen, hebben het niet makkelijk gemaakt. Een enkele keer heb ik me in een periode van dat ongemak afgevraagd of het allemaal nog leuk genoeg was, of ik voor de energie die ik erin stopte voldoende terugkreeg. En nu heeft dat andere gevoel de overhand: ik heb lang genoeg geknokt in de marathon, ik wil het gevecht ergens anders leveren.” Met haar bedrijfskundige achtergrond is ze intussen parttime bezig bij een bedrijf in Zwolle: voorzieningenwijzers maken voor gemeentes.
Verweijs naam verdwijnt niet in de boeken als veelwinnaar. Toch kan ze, teamplayer bij uitstek, pronken met een paar markante prijzen. Twee keer won ze de eerste natuurijsmarathon van de winter, in Burgum en Noordlaren; hetzelfde aantal marathons op kunstijs (Den Haag en Leeuwarden) staat er achter haar naam. De meest bijzondere zege vindt ze het eindklassement van de Marathon Cup, in 2023. “Het zelf kunnen winnen blijft je het meest bij. Maar ook beslissend zijn in de koers, het verschil maken zodat ploeggenoten kunnen winnen, is steeds mooi geweest.”
Zaterdag kan ze op onvoorstelbare wijze afscheid nemen: door de cup voor de tweede keer te winnen. Kim Talsma leidt de dans in de rangschikking, maar de voorsprong is nihil (2,2 punten). Verweij, plotseling ietwat voorzichtiger: “Kijk, dat is een beetje lastig. Ik wil er niet te veel over zeggen. Natuurlijk zal ik de strijd vol aangaan, want ik wil er alles aan doen om de cup zelf mee te nemen naar huis. Ik word sowieso tweede. Het is niet zo dat mijn afscheid verpest zal worden als ik niet win.” Ze krijgt assistentie van Bente Kerkhoff en Sofia Schilder; Marijke Groenewoud heeft, zoals Maaike zegt, ‘wat anders aan haar hoofd (WK Allround, red.).
Wat er na het marathonleven volgt, is nog een vraag. “Fietsen doe ik graag, misschien dat ik enkele gravelkoersen zal meepakken. Het is niet zo dat ik straks op een stoel neerzak en blijf zitten, daar is sporten veel te leuk voor. Jillert (Anema, de coach, red.) heeft me op het hart gedrukt goed af te trainen. Ik ben altijd welkom bij de ploeg. Mijn schoonzus heeft voorgesteld een halve marathon te gaan lopen. Wie weet keer ik ooit terug in marathonschaatsen, als ploegleider. Voorlopig niet hoor; het lijkt me beter eerst afstand te nemen en niet de verplichting te moeten hebben om elke zaterdag weer op pad te gaan. Al is het geweldig om onderdeel te zijn van een sportteam.”
Dat hebben de acht jaar onder de vleugels van Anema haar wel laten zien.