Iedereen die schaatst, kent de Vikingrace. Het toernooi in Heerenveen geldt al jaren als het officieus Europees kampioenschap voor jeugd. Jongens en meisjes van 11 tot en met 16 jaar uit heel Europa trekken naar Thialf om zich te meten met de beste leeftijdsgenoten. Maar de Vikingrace is meer dan alleen een wedstrijd. Het is een traditie, een ontmoetingsplek en vooral een plek waar records sneuvelen en carrières beginnen.
Rob de Rijke (48) weet dat als geen ander. Hij is al ruim dertig jaar betrokken bij de organisatie van het toernooi. “De Vikingrace is het grootste internationale schaatstoernooi wat er is”, zegt hij. “In Europa en ik denk over de hele wereld.”
Wat ooit begon als een initiatief om jonge schaatsers internationaal tegen elkaar te laten rijden, groeide in 36 jaar uit tot een begrip in de schaatswereld. “Het is ooit ontstaan om het internationale schaatsen, met name Noorwegen en Zweden, te stimuleren”, vertelt De Rijke. “Binnen twee jaar kregen andere bonden er ook de lucht van. Italië en Duitsland waren toen ook als kippen bij om mee te doen.”
Vandaag de dag staan er jaarlijks bijna driehonderd jonge rijders aan de start. “Noorwegen, Zweden, Finland, Duitsland, Italië, Oekraïne. Portugal doet mee. Uit Ierland hebben we een deelnemer. België, Friesland en Nederland.” De Vikingrace groeide daarmee uit tot de grootste internationale jeugdwedstrijd op de langebaan. Voor veel jonge schaatsers is het de eerste keer dat ze zich meten met rijders uit andere landen.
Wie de startlijsten van EK’s, WK’s en Olympische Spelen bekijkt, ziet altijd oud-deelnemers van de Vikingrace terug. “Als je naar de Olympische Spelen kijkt, het afgelopen jaar maar ook de laatste twintig jaar, denk ik dat tachtig procent ooit heeft meegedaan aan de Vikingrace”, zegt De Rijke. De lijst met bekende oud-deelnemers is indrukwekkend. “Het begint bij Ids Postma en Anni Friesinger. En de laatste jaren heb je Jutta Leerdam en Femke Kok. En alles ertussenin, van Marcel Bosker tot noem ze maar.”
Wat de Vikingrace ook dit jaar weer bijzonder maakt, zijn de tijden. “Wij als organisatie hebben elk jaar het idee dat de Vikingrecords er niet meer in zitten”, zegt De Rijke. “Want die staan zo scherp. Maar elk jaar worden ze weer gereden.” Ook deze editie is er weer sprake van een recordregen. Op de eerste wedstrijddag werd in Thialf één baanrecord gereden, sneuvelden vier Vikingrecords en werden maar liefst 297 persoonlijke records genoteerd.
Een van die opvallende ritten kwam van de 15-jarige Nienke Meesters van de Amersfoortse IJsvereniging. Zij reed op de 1500 meter naar 1.57,88, bijna zes seconden sneller dan haar oude persoonlijk record van 2.03,68. De tijd leverde haar direct een nieuw Vikingrecord op. En er gebeurde nog iets bijzonders. Een record dat bijna twee decennia standhield, verdween uit de boeken. “Het negentien jaar oude Vikingrecord van Koen Verweij op de drie kilometer is verbroken. Dat stond al negentien jaar. Dat vonden wij zelf wel weer heel mooi", zegt De Rijke met een glimlach.
De Vikingrace draait niet alleen om rondetijden. Buitenlandse deelnemers verblijven bij gastgezinnen in Friesland. Dat zorgt voor een bijzondere sfeer rondom het toernooi. “Dat is ook de basis van het toernooi geweest”, zegt De Rijke. “Om niet alleen het schaatsen, maar ook het plezier van de kinderen te vergroten.” Voor veel jonge rijders is het hun eerste internationale reis zonder ouders. Ze eten mee met een Fries gezin, leren andere culturen kennen en sluiten vriendschappen die soms jarenlang blijven bestaan. “Dat culturele aspect maakt het toernooi.” Het is ook de reden dat er relatief veel Friese rijders deelnemen en Friesland binnen de Vikingrace zelfs als een eigen ‘landscategorie’ wordt beschouwd. “De basis ligt bij die gastgezinnen. Daar moeten we de deelnemers onderbrengen.”
Voor De Rijke zelf is het toernooi een vast onderdeel van zijn leven geworden. Hij reed vroeger zelf mee als schaatser en kwam niet veel later bij de organisatie terecht. “Ik heb zelf meegedaan tot mijn zestiende. En toen ik achttien was, vroegen twee mensen uit de organisatie of ik mee wilde helpen.” Sindsdien is hij er nooit meer weggegaan. “Mijn vrouw zegt altijd: 'Je zegt elk jaar dat je stopt. Maar je loopt hier een week en je bloeit er helemaal van op'. Je ziet allemaal blije gezichten. Er wordt hard geschaatst. Dat is gewoon genieten.”
Na zoveel jaren verzamelt een organisator vanzelf herinneringen. Eén daarvan blijft De Rijke altijd bij: de jonge Noorse schaatser Sverre Lunde Pedersen. “Die kwam als elfjarige naar de Vikingrace. Echt een heel klein mannetje. Elk jaar zag je hem groeien. En hij deed altijd mee om de prijzen.” Later brak Sverre Lunde Pedersen door op internationaal niveau. Voor De Rijke zijn dat de momenten waarop alles samenkomt. “Dat is mooi.”
Toch kan de organisatie van de Vikingrace een steuntje in de rug gebruiken. “Het lastige voor ons als organisatie is de financiële kant”, zegt De Rijke. “Wij draaien met allemaal vrijwilligers en moeten het van kleine sponsoren hebben.” Kosten stijgen, terwijl sponsoren vinden steeds moeilijker wordt. “Het is voor ons echt een crime om het financieel elk jaar weer in elkaar te zetten. Terwijl het een toernooi is dat zo hoog staat en zo internationaal is. Iedereen heeft het erover en iedereen wil meedoen.”
Daarom kijkt de organisatie nu ook naar oud-deelnemers. “Oud-deelnemers zijn vaak topsporters geweest. Die hebben passie voor het schaatsen en soms ook een mooi bedrijf. Die kennen het toernooi en weten hoe belangrijk het is.” Misschien ligt daar wel een deel van de toekomst. “Daar moeten mensen tussen zitten die zeggen: daar kunnen we in steunen. Dus mocht je ooit aan de Vikingrace hebben meegedaan en nu een bedrijf hebben waarmee je ons wilt steunen, neem vooral contact met ons op.”
Voor nu focust De Rijke zich nog even op de Vikingrace van dit weekend. Wanneer die voor de organisatie geslaagd is? Daar heeft hij een simpel antwoord op. “Als er geen grote ongelukken gebeuren, veel pr’s worden gereden en je alleen maar blije gezichten ziet.” Wie een weekend rondloopt in Thialf tijdens de Vikingrace begrijpt meteen wat hij bedoelt. Tussen al die jonge schaatsers rijdt er altijd wel ergens een toekomstige kampioen. Soms nog onopvallend in een startgroep. Soms al met een nieuw record op zak.