“Ik vind het vervelend”, benadrukt ze opnieuw. “Ik hoopte tot de Spelen alles op orde te hebben.” De sponsor van Leenstra’s ploeg heeft in de media aangegeven na dit seizoen te stoppen. De toekomst van het team is daarmee ongewis.
Het is een terugkerend thema in het sportleven van Leenstra. In de aanloop naar de Spelen van Sotsji raakte haar ploeg hoofdsponsor Hofmeier kwijt en ging Leenstra met haar trainer Jan van Veen een seizoen noodgedwongen zonder geldschieter in. Later ontfermde Corendon zich over de ploeg.
Die periode zonder sponsor en zonder duidelijkheid wil de Friezin liever niet nog een keer meemaken. Stabiliteit is immers van groot belang voor een topsporter. “We hebben al een keer zo’n traject gehad en dat duurde allemaal heel lang.”
Een anker van stabiliteit in Leenstra’s loopbaan was in die tijd trainer Van Veen, maar hij vertrok na ruzie binnen de ploeg. Wel bleef hij op de achtergrond adviseur van Leenstra, die op schema’s van Corendon-coach Peter Kolder trainde. Inmiddels is Van Veen aangetrokken als coach bij de Duitse schaatsbond en is de kans aanwezig dat ze die stabiele factor helemaal vaarwel zal moeten zeggen.
Waar Leenstra na het seizoen terecht kan, weet ze niet. “Ik weet nog niet wat ik wil”, zegt ze. “Wat gebeurt er met de ploeg en met de anderen? Pas na het seizoen gaan dit soort dingen lopen.”
Pas als de wedstrijden geweest zijn zal ze zich oriënteren op haar mogelijkheden en ze is er de vrouw niet naar om achterover te leunen en te wachten op aanbiedingen. Ook zal ze niet met de eerste de beste in zee gaan, zegt ze beslist. “Je moet niet kijken wie jou wil hebben, maar waar jij naartoe wil.”
Leenstra kan de onrust over haar toekomst vooralsnog wel van zich afzetten. “Ik denk dat het wel goed komt”, zegt ze. De 26-jarige rijdster oogt sowieso ontspannen in het schaatsershotel in Seoul, hoewel ze daar juist de wedstrijdspanning opzoekt.
Ze was namelijk als enige van de Nederlandse equipe al direct na de ISU WK Afstanden in Kolomna doorgereisd naar Zuid-Korea. Zo kon ze goed acclimatiseren en wennen aan het tijdsverschil.
Omdat ze de enige was, zonder concurrenten in de buurt, kreeg ze een beetje het gevoel van een trainingskamp. Daarom verruilde ze haar eerdere hotel dicht bij de ijsbaan bewust voor het hotel waar de meeste deelnemers aan het WK ook slapen. “Als ik op die eerdere plek was gebleven dan was de spanningsboog juist afgelopen in plaats van omhoog.”
Afgelopen maandag wilde ze het trainingskampgevoel van zich afschudden, maar dat lukte toen nog niet. Moederziel alleen reed ze maandagochtend haar rondjes. “Daar was ik teleurgesteld over. Ik dacht: we gaan beginnen!” De dagen erna begon de spanning wel op te lopen met het arriveren van meer schaatsers, meer mensen bij de ijsbaan en reclamedoeken aan de boarding.
Net als haar toekomst bekijkt Leenstra haar kansen op het WK Sprint heel nuchter. Ze wil twee goede 1000 meters rijden, maar verwacht niet al te veel van het klassement. “Als ik reëel ben dan verlies ik gewoon te veel op de 500 meter. En ik maak het ook niet goed op de 1000.”