Eerst maar eens die wedstrijd. Op het ijs van De Meent in Alkmaar maakte Remon Vos deel uit van een kopgroep van tien rijders die een ronde voorsprong had gepakt en het vervolgens samen mocht uitvechten. Van dat laatste kwam niet veel, omdat Vos andere plannen had. Hij reed in de laatste ronden alleen weg. Opvallend: de jonge rijder uit Staphorst liep eerder uit op de jagende meute dan dat die dichterbij kwam. Met voorsprong kwam Vos jubelend over de streep.

Dat was een prachtige ontknoping voor de pas 19-jarige Staphorster. ’’Geweldig. Dat had ik zelf echt nooit durven dromen. Ik was in de Vierdaagse op zich best goed, had alleen zaterdag een mindere dag en daar zondag ook best last van. Maar ik heb goed ingereden, een mooie aanvallend koers gereden, en als je dan met een groep rond gaat en het zo kunt afmaken, is dat fantastisch.’’

De manier waarop hij de finale naar zijn hand zette, was indrukwekkend. ’’Het was alles of niks’’, bekende Vos. ’’Ik heb wel een redelijk goede sprint, maar als ik wacht ben ik ook te laat, dacht ik. Dan maar gaan, en dat pakte perfect uit.’’

Het zit misschien ook wel een beetje in de genen. Want Remon Vos zegt ‘oom’ tegen niemand minder dan Karlo Timmerman, die nog niet eens zo heel lang geleden ook de mooiste zeges boekte. ’’Ik ging als klein jochie vaak met hem mee. Eigenlijk heb ik jaren bij hem afgekeken hoe het moet, dan is het mooi dat ik dat nu zelf kan doen. Ja, ik weet wel zeker dat hij dit prachtig vindt.’’

Vos is in principe een inliner, die sinds een paar jaar op schaatsen staat. ’’Bevalt met goed. Het is een mooie afwisseling met de zomer.’’ Zijn ontwikkeling gaat hard, daarmee verrast hij zichzelf soms ook. ’’Ja, best wel. Dit is pas mijn tweede winter bij de Beloften. Als je dan kunt winnen, gaat het inderdaad best snel. Ik merk ook in de trainingen dat het steeds beter gaat.’’ Die trainingen werkt hij af met de marathongroep Friesland, in het gezelschap van mannen als Gerwin Smit en Anton Ketellapper. ’’Snelle en sterke mannen. Daar word ik beter van.’’

Maar Remon Vos rijdt nog rond in een pak van AB Vakwerk en staat officieel te boek als ploeggenoot van Gerco van de Beek. ’’Tot vorig seizoen zat ik in die ploeg, maar met de komst van mannen als Gary Hekman en Fabio Francolini zag het team er ineens anders uit. In overleg is bepaald dat blijven op dat moment voor mij niet verstandig was, maar ik mocht nog wel in het pak rijden. Ben ik ze dankbaar voor.’’

Maar Roy Boeve – de trainer van AB Vakwerk – heeft in Alkmaar zonder twijfel gezien wat Vos inmiddels kan. Dat was een mooie sollicitatie naar in ieder geval een plek in de trainingen van de ploeg wiens pak hij wel draagt. Vos lacht bescheiden. ’’Misschien wel’’, zegt hij. ’’Wie weet.’’