De seizoensvoorbereiding van Lianne van Loon begint zelden met drukte. Geen volle trainingsgroepen of ploeggenoten om haar heen, maar asfalt, schema’s en discipline. Veel discipline. Waar inlineskaten internationaal een bruisende sport is, blijft het in Nederland relatief stil. En dat merkt Van Loon dagelijks. “Het is niet ideaal. Soms is het best wel eenzaam.”
Achter die individuele trainingsuren schuilt een sport waarin samenwerking allesbepalend is. Een sport waarin je jezelf moet redden, maar nooit alleen kunt winnen. “Je doet bijna alles zelf”, zegt Van Loon. “Maar uiteindelijk win je samen.”
Het contrast is dit jaar nog groter dan eerdere seizoenen. Waar ze vorig jaar trainde met ploeggenoten Jet Fransen en Fleur Veen, heeft ze inmiddels geen Nederlandse teamgenoten meer. Na vier jaar bij DoubleFF maakte Lianne van Loon deze winter de overstap naar Powerslide, een internationale topploeg zonder Nederlandse trainingsgenoten. “Dat was vroeger echt hét team. Als kind vond ik dat al vet. Ik heb goed overlegd met mijn oude team, met Frank (Fiers, red.), waar ik vier jaar heb gereden. We dachten allebei dat dit een goede volgende stap was voor mij.”
Die stap zat vooral in de behoefte aan vernieuwing. “Het is een nieuwe prikkel”, zegt ze. “Je komt bij andere rijders, met andere ervaringen. Daar kan ik weer van leren.” Ze merkte dat ze toe was aan die ontwikkeling. “Ik wil mezelf blijven verbeteren”, zegt ze. “Bijvoorbeeld op de afvalkoers, dat is altijd lastiger geweest. Ik hoop dat ik daar in dit team weer stappen in kan zetten.”
Toch betekent een nieuw team in het inlineskaten iets anders dan in veel andere sporten. Je bouwt niet maandenlang samen op, maar komt elkaar vooral tegen op wedstrijden. “Je weet hoe wedstrijden gaan, maar niet hoe mensen dingen aanpakken. Alles is ineens nieuw.”
Dat zorgt soms voor situaties die buitenstaanders vreemd zouden vinden, maar binnen de sport heel normaal zijn. “Laatst lag ik op een kamer met een Colombiaans ploeggenootje met wie ik nog nooit echt had gepraat. Maar dat is bij ons heel normaal. Het was echt alsof we elkaar al heel lang kenden. Dat hoop je natuurlijk als je in een nieuw team komt.”
Eenmaal terug in Nederland slaat de stilte weer toe. Geen ploeg om haar heen, geen gezamenlijke trainingen. Alleen het ritme van haar eigen schema, nog altijd opgesteld door Manon Kamminga. “Dan denk je soms wel: wat ben ik eigenlijk aan het doen?” Het is een eerlijke gedachte, eentje die hoort bij topsport buiten de spotlights. Toch blijft die twijfel nooit lang hangen. Daarvoor heeft Van Loon te veel gezien van haar eigen niveau. Tweede op een WK. Europese titels. Podiumplekken op het hoogste niveau. “Dan weet je ook: er zit nog meer in.”
Die overtuiging is haar motor. “Ik word nog steeds beter. En zolang dat zo is, blijf je gemotiveerd.” Ze houdt zich staande met een klein, sterk netwerk. Familie die betrokken is, een coach die ze volledig vertrouwt en mensen die haar keuzes blijven bevestigen. “Dat je niet gek bent dat je nog steeds doorgaat", zegt ze lachend.
Met de internationale marathons als grote doel stond ze half maart al aan de start van Mad Roller op Madeira. Geen wedstrijd om te pieken, maar om te voelen. “Ik wilde niet dat Shanghai mijn eerste wedstrijd zou zijn. Daarvoor is die race te heftig.” Niet het resultaat telde, maar het vertrouwen. “De eerste wedstrijd van het seizoen is altijd spannend. Ook als het op training goed gaat, wil je gewoon de bevestiging: oké, ik kan het nog. Je rijdt echt heel compact op elkaar. Daar moet je wel je weg in zien te vinden.” Madeira gaf haar precies wat ze nodig had. “Het ging me vooral om dat pelotongevoel. Even weer in die dynamiek komen.”
Voor dit seizoen ligt de lat hoog. “Mijn doel is weer medailles te pakken op het WK dit jaar. En hopelijk is dat dan goud.” Maar solo-prestaties vertellen niet het hele verhaal. “Uiteindelijk win je samen. Er is niks leuks aan alleen winnen. Het is het leukst om dat samen te kunnen doen en het met iedereen te kunnen vieren.”
Shanghai wordt de eerste echte graadmeter. “Het is wel een wedstrijd die je wil winnen. Daar zie je waar je staat.” De weg ernaartoe blijft hetzelfde. Alleen trainen, alleen beginnen. Maar zodra het peloton zich vormt, verandert alles. Dan is Van Loon niet langer die solo-trainende sporter uit Nederland, maar onderdeel van een groter geheel. Van een koers die leeft, van een team dat samenwerkt en van een sport die bruist.