En dat terwijl het afgelopen seizoen voor Krol, die tijdens de IJsselcup 2016 het baanrecord op de 1500 meter met twee seconden aan flarden reed, eigenlijk goed begon. "Op een gegeven moment liep het alleen technisch niet meer zo goed, en ik had ook de nodige pech", begint de Plantina-rijder.
Zo moest hij door materiaalpech vlak voor het NK op twee verschillende buizen van start en miste hij tijdens de World Cup in Heerenveen op een nippertje het podium. "Ik reed een hartstikke goede 1500 meter, maar ik maakte op de een of andere manier weer een dikke misser; punt in het ijs en met een driedubbele pirouette de bocht door. Als ik derde was geworden, had mijn seizoen er alweer een stuk beter uitgezien, maar ik kwam een halve seconde tekort."
"Soms was het best frustrerend hoor", geeft de 25-jarige Deventenaar toe. "Er had gewoon meer ingezeten. Het zijn kleine rotdingetjes geweest, maar dat is toch je eigen verantwoordelijkheid. Als je écht goed bent gaat het niet mis, zeg ik altijd maar."
Hoe goed ben je?
Met een NK Afstanden en olympisch kwalificatietoernooi (OKT) in het verschiet dus een belangrijke vraag: hoe goed ben je, Thomas Krol? "Ik merk aan alles dat ik fysiek weer een stuk beter ben dan vorig jaar, maar of zich dat gaat terugvertalen in schaatsprestaties moeten we gaan zien. Ik ben ook niet iemand die gaat roepen: 'ik heb een goede fietstest gereden, dus ik ga harder schaatsen', zo werkt het niet. Er komen zoveel andere dingen bij kijken; je techniek, tactiek, een klein beetje geluk en niet te vergeten je mentale gesteldheid."
"Laat ik zo zeggen, als ik doe wat ik kan, dan maak ik een hele goede kans me te plaatsen voor de Spelen. Dat weet ik zeker. Het belangrijkste is dat het moet gaan gebeuren, want afgelopen jaar heb ik gezien dat het niet altijd werkt. Als alles op zijn plek valt heb ik er vertrouwen in."
Spanning
Bij een olympisch seizoen hoort natuurlijk ook de olympische spanning. En wat doet dat eigenlijk met zo'n hechte ploeg als Team Plantina? "We hebben het er wel over, en we weten ook allemaal dat het OKT spannend gaat worden. Het is ook niet iets waar heel veel mensen naar uitkijken en het zal vast geen gezellige week worden in december", lacht Krol.
"Vier jaar terug was ik er in mijn eerste jaar bij Team beslist.nl ook al bij. Je probeert het natuurlijk wel leuk te houden, maar iedereen wordt toch chagrijnig van de spanning, ik zelf ook. Ik was erna ook meteen ziek, alle stress kwam eruit."
Om een herhaling daarvan te voorkomen wil Krol het OKT dit jaar precies zo benaderen als een Nederlands kampioenschap. "Toen ik achttien jaar was en mijn eerste NK reed op televisie was ik super gespannen. Je wordt dan vijftiende en het interesseert niemand iets. Die lat blijf je wel verleggen. Toch weet je tijdens een OKT in je achterhoofd wel wat er op het spel staat, maar ik probeer er niet mee bezig te zijn en zo goed mogelijk te rijden. Wat de rest doet, daar heb ik geen invloed op."
"Als je alles eruit hebt gehaald maar je niet plaatst, dan kun je er vrede mee hebben. Als je het op het OKT niet red, wat heb je dan te zoeken op de Spelen? Rijd je daarentegen niet op je best, dan vreet je jezelf achteraf op."
Zijn grootste concurrenten als het om een olympisch ticket gaat? "Kjeld Nuis, Koen Verweij, Patrick Roest en Sven Kramer. Die hebben in het verleden aangetoond een goede 1500 meter te rijden. Die jongens moet ik dit seizoen in de gaten houden."
Dat één van die grote rivalen nu juist bij zijn eigen Team Plantina is komen schaatsen, maar niet als trainingspartner voor Krol kan optreden, omdat hij in de Russische trein meeschaatst, is volgens Krol geen probleem. "Koen is een goede schaatser, dat staat voorop, maar ik denk dat ik met de gasten uit het sprintteam een prima ploeg heb. Ik train veel op de fiets voor inhoud en kan achter die gasten aan voor de snelheid, dus ik kom niks tekort."
KPN NK Afstanden
Voor de olympische strijd losbarst is het nu eerst tijd voor de KPN NK Afstanden, waar Krol op de 500, 1000 en 1500 meter in actie zal komen. "Het NK is natuurlijk ook een goede generale voor het OKT. Je wilt goed rijden, de deelnemers en afstanden zijn hetzelfde, maar de uitslag heeft iets andere consequenties."
Van dit NK hangt misschien minder af, de spanning zal er niet minder om zijn. "Vooraf denk ik nog: prima, laat maar komen! Op de wedstrijddag zelf denk ik: brrr, laat het maar voorbij zijn. Kai (Verbij, red.) en ik plagen elkaar altijd een beetje voor een wedstrijd: 'zal ik jou de komende tien seconden eens vertellen hoeveel zin ik in deze wedstrijd heb?' En dan een stilte", grapt Krol.
"Iedereen die beweert zin te hebben in een wedstrijd, die liegt. Ze bedoelen waarschijnlijk: ik voel me goed en ik heb er vertrouwen in, maar echt zin erin, dat bestaat niet. Eigenlijk kan je van wedstrijden pas achteraf genieten. De spanning is namelijk niet leuk, maar hard schaatsen wel."