Na twee afstanden heeft Kramer een voorsprong van 0,17 seconden op Denis Yuskov voor de 1500 meter van zondag. Dat verschil is marginaal, vindt Kramer. “We staan er precies zo voor als vanochtend. Daar ben je toch niet een dag voor aan het werk.”
Liever had Kramer een tijd rond 6.05 gereden. Dat was ook de tijd waarop hij was vertrokken. “Dan had ik meer ruimte gehad voor morgen”, aldus Kramer.
Op de vijf kilometer waren de omstandigheden te zwaar om een echte toptijd te rijden. Een wereldrecord was niet aan de orde, dat was Kramer al snel duidelijk. “Dat zag je al aan de tijden van de anderen.”
Alleen Sverre Lunde Pedersen presteerde beter dan verwacht, vond Kramer. Dat had te maken met de lichaamsbouw van de Noor, die werkte op het zware ijs in zijn voordeel. “Pedersen is een licht mannetje. Die fladdert over het ijs.”
Tegelijkertijd vond Kramer dat hij ook zelf wel iets te verwijten viel. “Ik heb een foutje met mijn materiaal gemaakt.” Hij had deze week de ronding van zijn ijzers wat vlakker gemaakt. Dat betaalt zich doorgaans uit op snel ijs, legde hij uit, maar zaterdag was de ijsvloer in de Olympic Oval niet zo goed als verwacht en pakte Kramers aanpassing aan zijn materiaal niet goed uit.
“Mijn schaatsen sturen wat minder terug. Op de korte afstanden is dat wel lekker, maar op de lange afstanden is het niet ideaal.” Op zondag houdt hij op de 1500 meter nog wel vast aan dezelfde ronding, maar voor de tien kilometer zal hij teruggrijpen op zijn oude afstelling.
Na enig doorvragen moest Kramer wel erkennen dat de stand na de eerste dag slechter had kunnen uitpakken. “Misschien had ik hier vorige week wel voor getekend, maar na zo’n 500 meter wilde ik hier tien seconden op Denis Yuskov pakken. Maar ik denk wel dat ik minder geleden heb dan de rest.”
Met de voorsprong van 0,17 seconden is Kramer nog niet buiten gevaar, denkt hij. “Meer dan anderhalve seconde mag ik op de 1500 meter niet verliezen. En als Yuskov een 1500 meter rijdt zoals in Heerenveen dan mag ik in mijn handjes knijpen met anderhalve seconde.”
Op die 1500 meter nemen Yuskov en Kramer het tegen elkaar op. Dat is een klein voordeel voor hemzelf, denkt Kramer. “Ik weet in ieder geval dat ik bij hem in de buurt moet blijven”, lachte hij.
Daarbij verwacht hij eigenlijk dat Yuskov niet een prestatie als die van de WK Afstanden op het ijs zal brengen. “Ik heb zelden mensen een super-1500-meter zien rijden in een allroundtoernooi.”
Uiteindelijk was Kramer best content met zijn eerste dag. Zij mitsen en maren moeten niet worden uitgelegd als een gebrek aan vertrouwen, benadrukte hij. Op de eerste dag van het WK heeft hij een gedegen basis voor een volgende wereldtitel gelegd, maar liever had hij de concurrentie vermorzeld. “Ik houd van een saaie wedstrijd. En ik ben niet onzeker, maar wel kritisch.”