Oud-langebaanschaatser Koen Verweij (35) pikte eerder deze maand ook live wat mee van de 25e Winterspelen. In het gezelschap van zo’n 25 andere medaillewinnaars was de Noord-Hollander op uitnodiging van Staatsloterij en NOC*NSF drie dagen te gast in Milaan. Hij genoot van de sfeer, het ophalen van herinneringen en van het schaatstoernooi. “Buiten dat bezoek heb ik de rest van de Spelen ook goed gevolgd. Wat er voor mij van de langebaan uitsprong, was de 1000 meter van Jordan Stolz. Die rit was van belachelijk hoog niveau, heel anders dan wat er überhaupt rondschaatst op dit moment. Er kwam niemand bij hem in de buurt”, zegt Verweij.

Hij verkeerde zelf op z’n 23e in een soortgelijke situatie. Tussen 23 februari en 23 maart 2014 lukte alles. In een maand tijd veroverde Verweij olympisch goud op de team pursuit (en op 0,003 liep hij goud mis op de 1500 meter), werd hij Nederlands kampioen allround en reed hij naar de wereldtitel allround. “Het enige jaar waarin ik een atleet kon zijn. Dat alles was geregeld. Goede ploeg, ik kon trainen, eten, slapen en herstellen. Ik had doelen waarnaar ik kon toewerken en waarvan ik overtuigd was. Een zorgeloos jaar. En dan zie je wat er mogelijk is.”

Op de Spelen van Sochi schaatste hij een dijk van een race op de 1500 meter. De titel ging net aan zijn neus voorbij, en dat was balen. “Anders zou dat goud veel hebben betekend voor me; de zege op de team pursuit (met Sven Kramer en Jan Blokhuijsen, red.) was leuk, maar aan de allroundtitel van het WK in Heerenveen hecht ik meer waarde. Dat was de reden waarom ik ooit ben gaan schaatsen."

Eerst de domper van zilver op 1500 meter voor Verweij
Koen Verweij leek het goud te hebben, totdat de tijdcorrectie kwam en hij op 0,003 bleef steken van de hoofdprijs in Sochi. | Foto: Soenar Chamid

“Mijn opa wilde graag dat ik wereldkampioen zou worden, waarna ik in een arrenslee met een krans om m’n nek zou worden rondgereden over de baan. Overigens stond schaatsen niet als eerste op mijn lijstje van favoriete sporten. Het zou oorspronkelijk skiën zijn geworden. Ik had al het plan om daarvoor in de sneeuw te gaan wonen. Toch werd het schaatsen: dichter bij huis, minder problematisch om alles te regelen, en voor opa deed ik dat. Ik wist toen al dat ik wereldkampioen zou worden.”

Nog voor hij die hoofdprijs op 22 en 23 maart 2014 bij elkaar reed, had Verweij ook al de nationale allroundtitel aan zijn erelijst toegevoegd. Dat toernooi werd een week na de Spelen afgewerkt, dus net als dit jaar het geval is. Kjeld Nuis was er maandag plotseling kritisch over in een talkshow en meldde zich een dag later af toen bleek dat hij geen aanwijsplek zou krijgen voor het WK. “Ach ja, ik heb daar niet veel over te zeggen. Kjeld is een beetje een mopperkont die vaker klaagt. Een Nederlandse titel is een Nederlandse titel, en een eer om te winnen. Volgens mij heb je een profcontract en word je betaald om te presteren. Dat soort dingen hoort erbij. Als ik eerlijk ben: mijn focus lag niet op dat NK, maar ik nam ’m mooi mee.”

Die tweedaagse verliep nogal tumultueus. Kramer werd gediskwalificeerd omdat hij zich ‘bezondigde’ aan een kick finish (trappende beweging boven het ijs), door de naam van Douwe de Vries ging een streep nadat hij door een scheidingslijn tussen de banen was geschaatst, en andere allrounders als Bob de Jong en Jan Blokhuijsen trokken zich al snel terug uit de competitie. Verweij haalt de schouders op. “Ik begon het toernooi in het Olympisch Stadion van Amsterdam met 36,36 op de 500 meter, terwijl anderen in de 37 finishten, waardoor ze minimaal al acht seconden moesten goedmaken op de vijf kilometer. Verder reed ik 1.49 op de 1500 meter en de nummer drie in de uitslag iets van 1.53. Dan weet je genoeg: ik zou met achteruit schaatsen nog Nederlands kampioen zijn geworden. Zelfs wanneer Kramer niet zou zijn gediskwalificeerd, zou hij geen schijn van kans tegen me hebben gehad. Je wordt echt niet zomaar even Nederlands kampioen. Ik kon het dankzij de vorm waarin ik verkeerde en de basis die ik had.”

Goud op de TP OS 2014
Koen schreeuwt het uit: nu wel olympisch goud, op de team pursuit. | Foto: Soenar Chamid

Toen het wereldkampioenschap in Thialf naderde, voelde de Alkmaarder hoe hij langzaam maar zeker ‘opgerookt’ raakte. “Het WK was niet mijn beste toernooi. Oké, winnen is winnen, maar hoe ik daar schaatste... De tien kilometer had echt geen rondje langer moeten duren. Ik was compleet leeg. Het was een kwestie van indelen, zoals het hoort. Ik reed om eerste te worden, dat deed ik. Dus was het genoeg wat ik op de tien kilometer liet zien.”

Hij denkt weinig terug aan de bijzondere maand twaalf jaar geleden. “Met de kennis die ik nu heb vergaard, ook na mijn topsportleven, weet ik heel goed wat wel en niet werkt. Ik zie nu in waar ik veel heb laten liggen. Had ik bijvoorbeeld maar een Koen naast me gehad, zoals dat voor mijn ex (Jutta Leerdam, red.) gold in haar eerste jaren, dan zou mijn resultatenlijst er heel anders hebben uitgezien – met veel meer goud, daar ben ik heilig van overtuigd. Kijk, als Jorrit Bergsma een mass start kan winnen, kan ik dat helemaal want ik heb nog nooit op dat onderdeel van hem verloren. Als je mensen uit de schaatssport vraagt welke rijder wat extra’s kon of had – op het vlak van mentale of fysieke pijn kunnen lijden – dan zeggen ze: ‘Koen’.

“Alleen, men gooit het gauw op dat ik te losbandig ben geweest of te veel van het feesten, dat is niet het geval geweest. Ik ben heel erg van rechtvaardigheid, heb altijd mijn bek opengetrokken. Daar ben ik altijd keihard voor afgestraft, waardoor ik na 2015 letterlijk onbetaald in het schaatsen bezig ben geweest tot 2022. Ik heb m’n stinkende best gedaan om er meer uit te halen. Dat lukte niet omdat ik politiek ben tegengewerkt, doordat ik voor de schaatsers opkwam en niet voor de mensen op bepaalde posities voor wie ik wel had moeten kiezen.”

Goud op het NK Allround in het Olympisch Stadion
Blij met weer goud, in een sfeervolle omgeving, want het NK Allround werd in 2014 verreden in het Olympisch stadion in Amsterdam. | Foto: Soenar Chamid