Henk en Marij Spijkers doen al 28 jaar vrijwilligerswerk binnen het kunstrijden. Deze sport is in Nederland een ‘klein wereldje’ op zich en dus kent eigenlijk iedereen het enthousiaste echtpaar uit Goirle. Op verschillende fronten zijn zij door de jaren actief geweest voor het kunstrijden en nog steeds spenderen zij menig uur langs de ijsbaan tijdens (inter)nationale wedstrijden, maar ook thuis achter de computer. Aangezien Marij Spijkers als speaker gewend is om de mensen te informeren, mag zij van haar man ook tijdens dit interview het woord voeren.

Hoe zijn jullie destijds vrijwilliger geworden bij het kunstrijden?

"We zijn er eigenlijk ingerold doordat onze dochter, toen ze zes jaar was, ging schaatsen. Er lag dat jaar veel natuurijs en binnen heel korte tijd had ze de smaak van het schaatsen te pakken. Het was dan ook huilen toen het ging dooien en dus zijn we naar de ijsbaan in Tilburg gegaan en hebben we gevraagd of ze ergens terecht kon. Ze mocht toen kijken bij het kunstrijden en ze vond dat gelijk leuk waardoor ze is blijven hangen. Voor hetzelfde geld was ze op de langebaan terechtgekomen, maar het werd dus kunstrijden."

"Wijzelf zijn op die manier van het een in het ander gerold. Via de vereniging naar het gewest en uiteindelijk richting de KNSB. Op een gegeven moment weet men dat ze je kunnen bellen om te helpen en zo rol je er eigenlijk vanzelf in."

Jullie dochter is momenteel coach.

"Ja, ze heeft een tijd solo gereden en toen is ze bij het seniorenteam van ’s Hertogenbosch gegaan, bij The Duke Town Diamonds, en daarmee heeft ze verschillende WK’s gereden. Op een gegeven moment gingen school, werk en schaatsen niet meer samen en toen is ze gestopt. Later is ze coach geworden."

Jullie zijn bij de sport gebleven. Wat heeft jullie erbij gehouden?

"De liefde voor de kinderen die de sport willen beoefenen. Daar gaat het ons om. Als alle vrijwilligers in Nederland stoppen, kan er gewoon niet meer geschaatst worden. Die kinderen hebben zoveel plezier in deze tak van sport, dan moet je ze die kans ook bieden en gunnen om dat te kunnen blijven doen. Als niemand zich inzet om wedstrijden te houden, gebeurt er niks. Kinderen moeten de kans krijgen om datgene waarvoor ze gekozen hebben ook daadwerkelijk te doen. Dat is voor ons de belangrijkste drijfveer."

Kunstrijden is wereldwijd gezien een grote sport. Hoe maak je deze sport in Nederland groter?

"Je kunt kinderen niet van de straat naar de ijsbaan trekken. Een kind moet het zelf leuk vinden en ook de ouders moeten erachter staan. Er zijn heel veel factoren die meespelen. De prestaties van de toprijders zijn daarbij wel het uithangbord. Kijk straks maar naar wat er na de Olympische Spelen bij het hardrijden gebeurd. Er komt weer een enorme toeloop bij verenigingen van kinderen die dat ook allemaal willen."

"Bij het kunstrijden zullen we van onder af aan het trapje op moeten. Naast veel factoren komt het daarbij ook aan op talent. Heel veel talent, pas dan kun je dat trapje gaan beklimmen. Als verenigingen, als gewest en als KNSB moeten we proberen om kleine kinderen groot te maken, grote jongens en meiden die vervolgens senior worden. Maar dat duurt erg lang en voordat het zover is moeten ze er ook echt hard voor werken."

Is het doordat kunstrijden een kleinere sport is in Nederland ook lastiger om vrijwilligers te vinden?

"Nou, ik denk dat dit heel erg meevalt. Zelf doen we nationale en internationale wedstrijden en komen we als official van de KNSB bij de verenigingen en daarbij zijn we altijd afhankelijk, en dat is wel heel belangrijk, van alle welwillende mensen van zo’n vereniging. Alleen kunnen wij ook niks. We doen het altijd samen met andere vrijwilligers. En er zijn altijd best heel veel welwillende mensen bij de vereniging dien daar ontzettend hard voor werken, omdat ze het ook zo belangrijk vinden. Maar ook omdat ze het leuk vinden dat er zo’n wedstrijd bij hen op de baan komt. Ik  moet zeggen dat we hier in Nederland heel veel mensen hebben die daar enorm hun best voor doen."

Uw man verzorgt het voorbereidend werk vóór een wedstrijd en tijdens de wedstrijd is hij Systeem Operator.

"Dat klopt. Hij doet al het administratieve werk vóór de wedstrijden, zoals tijdschema’s, startvolgordes, deelnames. Al die formulieren worden bij ons thuis gemaakt en vervolgens worden ze gepubliceerd op schaatsen.nl. Tijdens de wedstrijd houdt hij in de gaten of alle juryleden de punten verzonden hebben. Dat wordt bij hem vastgelegd en met goedkeuring van de scheidsrechter wordt dat doorgezonden naar mij en pas dan worden de punten vrijgegeven en geannonceerd."

"Er zit al met al heel wat werk in, want we zijn ook zomaar niet klaar als we bij een ijsbaan naar buiten stappen. Na de wedstrijd, ’s avonds als we thuiskomen of in het hotel, moeten de uitslagen nog verwerkt worden zodat ze op de website kunnen."

Hoe bent u zelf speaker geworden?

"Ik was vroeger de enige die altijd riep ‘ik wil alles doen behalve omroepen’. Maar op een gegeven moment was er ergens nood aan de man en toen heb ik destijds in Thialf een certificaat gehaald. Omdat ik de enige cursiste voor het kunstrijden was, moest ik mijn praktijkgedeelte achter op de motor met een marathonverslag doen. Ik vond dat best heel erg leuk."

Inmiddels heeft u uw draai wel gevonden achter de microfoon?

"Ja, blijkbaar. In feite heb je als speaker een beetje de regie over de wedstrijd. Je ziet het als er iets fout gaat en dan moet je onmiddellijk ingrijpen. Maar dat vind ik niet erg."

"Daar zijn we heel erg trots op. Zelf ben ik nogal koningsgezind en het krijgen van een koninklijke onderscheiding vind ik heel bijzonder. Maar iedereen zal dat anders ervaren. Extra bijzonder was natuurlijk dat wij deze onderscheiding samen als echtpaar op één dag mochten ontvangen. Wij dragen het dan ook met trots. Komend weekend tijdens de finaledag van het ONK, wanneer we ons zondagse pak aan hebben, dan zit ie er zeker op. Wij zijn heel erg blij met deze waardering."

Hoe komen jullie steeds weer aan nieuwe vrijwilligers die jullie helpen?

"Zoiets bouwt zich op. Op een gegeven moment merk je dat mensen geïnteresseerd zijn in een bepaalde richting. Zo zijn er mensen geïnteresseerd in het werk dat Henk doet en in hetgeen ik doe. En dat is maar goed ook want wij hebben niet het eeuwig leven. Dan vragen wij die mensen om erbij te komen zitten en mee te kijken wat er allemaal gebeurd. Zo proberen wij wel mensen op te leiden."

"Maar je moet wel tijd hebben om te dit te kunnen doen, want het zijn vaak lange dagen op de ijsbaan. Daarnaast moet je er interesse in hebben en bereid zijn om te reizen. Je stapt niet zo maar even in de auto en dan ben je er. Zo moet bijvoorbeeld het hele jurysysteem worden opgebouwd worden en daarbij moet je wel mensen hebben die ter zake kundig zijn. Mijn man heeft een aantal mensen die hem daar altijd mee helpen. Die weten exact hoe het allemaal moet en hoe het ook weer terug in de koffers gaat. Vroeger met die houten bordjes was dat een stuk makkelijker. Maar die tijd is voorbij."

"Bovendien moeten nieuwe vrijwilligers niet verwachten dat ze binnen een dag kunnen wat wij allemaal doen. Dat kost heel veel tijd en ervaring. Voor ons is dat ook een proces van jaren geweest. Elke wedstrijd leer je opnieuw, dat geldt ook nu nog steeds voor ons. Maar wij hebben er heel veel plezier in. Wanneer we die oogjes van de kinderen zien blinken en we zien ze genieten, vinden we dat prachtig. Daar doen we het voor."

Welke vrijwilliger(s) wilt u graag terugzien in de ‘Vrijwilliger van de Week’, en waarom? Laat het ons weten door een mail te sturen naar redactie@schaatsen.nl