Hoewel zijn ploeggenoten hem tijdens de race luid aanmoedigden, was in de laatste bocht duidelijk te zien dat Jenning alles uit de kast moest trekken. Het leverde zijn jeugdclub IJsvereniging Groningen niet de eindoverwinning op, maar de wereldkampioen klokte met zijn ‘baard’ de tweede tijd: 1.48,00, achter ploeggenoot Wesly Dijs: 1.47,50.

‘‘We zaten afgelopen week in het hotel. Toen heb ik mijn scheerapparaat thuis laten liggen en vandaag was ik ook te lui om hem eraf te halen. Misschien doet het baardje wel wat extra’s, maar het ging verrassend goed’’, vertelt Jenning lachend. Hij kwam slechts vierduizendste tekort voor zijn persoonlijk record.

In zijn eerste wedstrijd van het seizoen moest de Groninger diepgaan. Het was niet zitten, staan, zitten, staan. Na zijn uitrijrondje maakte hij nog een paar extra rondes. Op het middenterrein duurt het dan ook even voordat hij weer op adem komt. ‘‘Het was verschrikkelijk. Ik zeg tegen iedereen: ‘Dit is mijn eerste en laatste 1500 meter van het seizoen.’ Ik hoop dat mijn 1000 meters hierna altijd meevallen, maar dat doen ze nooit.’’

Ondertussen staan junioren met glunderende ogen te wachten op hun idool. Iedereen wil met hun held op de foto. Nadat Jenning is bijgekomen, neemt hij daar uitgebreid de tijd voor. ‘‘Ik vind het vooral een hele leuke wedstrijd om te rijden. Er zijn allemaal junioren en mensen van mijn club. Dat brengt extra charme met zich mee.’’

Jenning de Boo - NK Clubs 2026
Jenning maakt tijd voor de junioren. | Foto: Neeke Smit

Stiekem hoopte de wereldkampioen dat hij in de laatste rit tegen teamgenoot Dijs zou rijden. Zijn eerste 1500 meter voor Reggeborgh reed hij namelijk ook tegen hem. ‘‘Dat krijg ik nog vaak van hem te horen. Ik zat er heel dichtbij. Mijn benen voelden best goed. Ik mag heel blij zijn, ook gezien de andere tijden van vandaag. Ik zit net boven mijn PR, helemaal prima. Daar had ik vooraf voor getekend.’’

Hongerig

Jenning voelt zich goed, nou ja nu met de 1500 meter in zijn benen is dat iets minder, maar de wereldkampioen is fitter en sterker dan ooit. De Groninger heeft een goede zomer gedraaid en merkte duidelijk verschil met vorig jaar. ‘‘Er waren een stuk minder gespannen koppies. Iedereen kon ontspannen naar een trainingskamp gaan. Ik heb progressie gemaakt. Dat zorgt er ook weer voor dat je zin krijgt in zo’n schaatsseizoen.’’

Ook het opladen voor het nieuwe seizoen kostte hem weinig moeite. Hoewel Jenning Nederlands kampioen werd op de 500 meter en wereldkampioen sprint, behaalde hij geen olympisch goud in Milaan. ‘‘Dat was het doel. Daardoor is de honger en intrinsieke motivatie misschien nog wel sterker geworden om door te gaan.’’

Voordat hij aan het nieuwe seizoen begon, had de Groninger wel vakantie nodig. Door alle media-aandacht zocht hij vooral de mensen op die al langer een plek in zijn leven hebben. ‘‘Ik heb juist meer vrienden uit Groningen gezien en ben vaker bij familie geweest. Dat heeft me heel goed gedaan, want je leeft tijdens een olympisch seizoen in zo’n bubbel’’, relativeert hij.

‘‘Ik denk dat het daarna goed is om even terug te keren naar de werkelijkheid, naar de mensen die je al kent sinds je jong bent. Een soort realitycheck. Zij houden mij gelukkig met beide benen op de grond.’’

Jenning de Boo - NK Clubs 2026
Jenning weet precies wat hij dit jaar wil. | Foto: Neeke Smit

De wereldkampioen is gretig en wil zijn Nederlandse, Europese en wereldtitels dit seizoen verdedigen. ‘‘Ik wil teamsprintwereldkampioen worden met de boys. Dat zou ik fantastisch vinden. Ook wil ik wereldkampioen worden op de 1000 meter en alles op alles zetten om een wereldrecord te schaatsen in Salt Lake City. Daar ga ik voor!’’

Duizendstraal vlamt op het NK Clubs

Ook Amber Duizendstraal van Team Staan rijdt tijdens haar eerste wedstrijd hard. Ze wint de 500 meter en verbetert haar persoonlijk record met drie tienden van een seconde. Zelf had ze daar niet op gerekend. ‘‘Ik wist dat ik goed uit de zomer was gekomen, maar dit is echt bizar. Voor mijn gevoel kwam ik over de streep en dacht ik meteen: er zijn dingen waar ik niet tevreden over ben. Het kan nog harder inderdaad.’’

De basis voor haar sterke tijd werd volgens haar tijdens het trainingskamp in Inzell gelegd, waar ze veel aan krachttraining deed. Ook op de fiets reed ze persoonlijke records. ‘‘Alles is met een stijgende lijn omhooggegaan. Ik heb meer de slag in mijn kracht gevonden en ik kan die kracht ook daadwerkelijk overbrengen naar het ijs. Dat gaat steeds beter.’’

Amber Duizendstraal - NK Clubs 2026
Amber Duizendstraal verbaast zichzelf. | Foto: Neeke Smit

Bij het team van Hein Otterspeer trekt Duizendstraal zich op aan Isabelle Grevelt, Pien Smit en Michelle de Jong. Ze vormt met de ervaren schaatssters een hecht groepje en leert iedere dag van hen. ‘‘Alleen al de wedstrijdervaring, maar ook hoe je naar zo’n wedstrijd toeleeft, leer ik van ze. We kunnen het ontzettend goed met elkaar, dus op alle vlakken helpen we elkaar. Dat dit er dan uitkomt, daar ben ik heel blij mee.’’

De sprintster wil dit seizoen nog meer PR’s rijden en enkele tienden van haar 500 meter-PR afsnoepen. Daarnaast mikt ze op een van de vijf tickets voor de World Cups. ‘‘Ik zit nu hoog in de 37, maar ik moet zeker laag in de 37 rijden om überhaupt een kans te maken. Het moet lukken. Zeg nooit nooit. Ik heb vandaag een mooi signaal afgegeven en op het WCKT wil ik vlammen.’’